Afvalduiken in historisch perspectief: van Bijbel tot supermarktcontainer

Een archeologische benadering
6 minuten leestijd
Dumpster divers halen etenswaren uit een container
Dumpster divers halen etenswaren uit een container (CC BY 2.0 - Thiago Piccoli - wiki)

Dumpster diving, oftewel het zoeken naar bruikbare spullen in afvalcontainers, wordt vaak geassocieerd met armoede en/of duurzaam activisme. Maar de praktijk van hergebruik van (andermans) afval, heeft diepere historische en culturele wortels die zich uitstrekken tot de vroege menselijke geschiedenis.

Dumpster diving is niet alleen een moderne vorm van afvalbeheer, maar ook een fenomeen dat inzicht kan bieden in menselijke gedragingen, (over)consumptie en verspilling door de tijd heen. In hedendaags onderzoek lopen we echter tegen enkele (wettelijke) obstakels aan, die datavergaring hiervoor bemoeilijken. Hoe zit dat?

Illegale praktijken

Variant op een bekend symbool, waarbij iemand vuilnis doorzoekt
Variant op een bekend symbool, waarbij iemand vuilnis doorzoekt (CC0 – wiki)
Er rust een taboe op dumpsterdiven, omdat het mogelijk impliceert dat men arm is, of omdat het een vieze of zelfs gevaarlijke bezigheid is, mede omdat het in Nederland illegaal is. Zodra afval in een bak ligt, wordt het eigendom van degene die de bak beheert: vaak de gemeente en soms het bedrijf zelf. Zodra je hier iets uit zou halen wordt dit gezien als diefstal, want het is aangemerkt als ‘privébezit’.

Dan is er nog het concept gleaning, ofwel de agrarische versie hiervan. Groenten, fruit en graan, die niet geheel geoogst is, of restanten die de verkeerde maat hadden, worden door groepen mensen geraapt en opgegeten. Een gewoonte die over het algemeen (afhankelijk per land) gedoogd wordt, mede omdat de Bijbel al over dergelijke gebruiken spreekt.

The Gleaners' (1857) van Jean-François Millet
‘The Gleaners’ (1857) van Jean-François Millet – arbeiders rapen restanten van de oogst op de velden. Een vroeg voorbeeld van hergebruik van ‘afval’ in de landbouw.

Vroege geschiedenis van afvalgebruik

Het concept van stedelijk afval en wat we ermee doen is al sinds de vroegste menselijke samenlevingen een belangrijk aandachtspunt, omdat het een belangrijke rol speelde in de ontwikkeling van stedelijke infrastructuur. Archeologische opgravingen zijn in feite het kijken naar de restanten van een maatschappij, dat vaak neerkomt op het afval van een beschaving. Hier kunnen lessen uit getrokken worden over onze consumptiegedragingen, ook als we juist kijken naar wat er niet te vinden is: ofwel wat men hergebruikte.

Deelkoelkast aan de 2e Daalsedijk in Utrecht
Deelkoelkast aan de 2e Daalsedijk in Utrecht – Foto; Saskia Beertsen
In het oude Egypte werden etensresten vaak gerecycled voor compost, terwijl in het oude Griekenland en Rome afvalproducten zoals glas en metaal werden omgesmolten om nieuwe goederen te produceren. In Londen, bij de opgraving van de Romeinse stad Londinium, was er een opvallend gebrek aan huishoudelijke afvalproducten die we in andere Romeinse nederzettingen aantroffen. Dit gaf aanleiding tot speculaties dat Londinium een ander soort afvalverwerkingssysteem had, of dat bepaalde sociale klassen hun afval anders behandelden. In plaats van gebruikelijke potten en scherven, vonden archeologen veel meer waardevolle objecten, zoals munten en sieraden. Dit kan iets vertellen over de stedelijke planning en de economie van deze stad.

In de middeleeuwen en de vroegmoderne tijd waren markten voor tweedehands goederen en etenswaren gebruikelijk. Negentiende-eeuwse luxueuze banketten, waarin overdaad centraal stond, brachten een eigen systeem van hergebruik van afgedankt eten voort: allereerst mochten de eerste lakeien van de restanten eten, vervolgens de tweede lakeien, enzovoort. Wat nog over was, werd opgekocht door markthandelaren, die het als een soort ultieme restjes-brei verkochten aan de allerarmsten. Ten slotte werd het afwaswater afgeschuimd, omdat hier nog voedingstoffen in zaten. Het concept van afval als iets wat eenvoudig kan worden weggegooid, was destijds nog niet ontwikkeld, met name door enorme armoede.

De opkomst van dumpster diving in de moderne tijd

De term ‘dumpster diving’ komt uit de jaren 1970, toen de praktijk begon te groeien in Noord-Amerika en andere westerse landen. Dit gebeurde in een periode van snel stedelijke groei, industrialisatie en massaconsumptie. Door grotere afstand van mens tot natuur, werd voedsel meer gezien als een product, oftewel iets wat je weg kon gooien, niet meer als iets wat de aarde voortbracht. Afval werd een verborgen overvloed; overproductie zorgde ervoor dat mensen ermee in hun levensonderhoud voorzagen.

Groepen die het kapitalisme en de overmatige consumptie van de naoorlogse samenleving afwezen, zagen dumpster diving als een vorm van verzet tegen het consumentisme. Motieven kunnen verschillen, zoals een meer activistische insteek met een drang naar een deelmaatschappij, waarbij weggeefkoelkasten worden gebruikt op plekken in de stad om een overschot aan gevonden producten uit te delen. Voor sommigen is het een soort sport; een (vaak gedoogde maar toch) illegale praktijk die men meestal in het donker uitvoert, waarbij de opbrengst – gratis eten – een gevoel van schatgraven en avontuur brengt. One man’s trash, is another man’s treasure…

Verhuizende internationale studenten laten massaal hun (niet kapotte!) huisraad achter, van koelkasten tot banken en stofzuigers
Verhuizende internationale studenten laten massaal hun (niet kapotte!) huisraad achter, van koelkasten tot banken en stofzuigers – Foto: Saskia Beertsen

Dumpster diving als archeologisch fenomeen

Dumpster diving kan inzicht geven in de consumptiepraktijken van onze samenleving; het vertelt ons veel over wat we als ‘waardeloos’ beschouwen (in tegenstelling tot ‘waardevol’, dat komt immers niet in de prullenbak terecht). Veel van de voorwerpen die in afvalcontainers belandden, maakten namelijk toch ooit deel uit van het dagelijks leven, en vertelt ons persoonlijke verhaal over wat we niet meer nodig hebben.

Wanneer we afval aldus beschouwen als een cultureel artefact, is het vergelijkbaar met de manier waarop archeologen in opgravingen voorwerpen bestuderen die ooit in gebruik waren, en vervolgens afgedankt in beerputten terechtkwamen. Dit roept de vraag op: wat zegt dit over de tijdgeest en de maatschappelijke normen van het moment? Om hier iets over te leren, zou het zeer interessant zijn om eens goed onder de loep te nemen wat er zoal uit prullenbakken wordt gevist.

Verkwisting op grote schaal

Lading sinaasappels achter de groothandel
Lading sinaasappels achter de groothandel – Foto: Saskia Beertsen
Het is schokkend om te ontdekken hoeveel er weggegooid wordt: trays vol speciaalbier, zeecontainers vol met sinaasappelen, pallets vol haricots verts (uit Kenia!), vijfendertig kilo M&M’s, gillende keukenmeiden, twee flessen wijn en een fles cognac is wat je op een ronde kan tegenkomen. De reden dat ze weg worden gegooid lopen uiteen; van bijvoorbeeld het op de kop tikken van een nieuwe lading groenten of fruit met een langere shelf-life, beschadigde verpakkingen tot verandering in assortiment, enzovoort.

Het probleem is dat grote concerns liever in de schaduw houden wat hun afvalstroom precies omvat, omdat ze niet in een kwaad daglicht willen staan. En wellicht worden ze vervolgens gedwongen om dure veranderingen door te voeren die duurzamer, maar omslachtiger zijn. Winkelmedewerkers worden contractueel gedwongen de spullen weg te gooien, en niet mee te nemen. Door het onzichtbare karakter weten we alleen dàt er zich een heel groot verkwistend probleem afspeelt. Hierdoor kunnen we alleen leunen op illegaal verkregen data, die gebaseerd is op niet-wetenschappelijke acties, en die voornamelijk aantonen dat het probleem waarschijnlijk groter is dan we vermoeden. De dirty (and not so little) secret van de consumptiemaatschappij…

Recept

Het recept is dit keer een handleiding over hoe je ethisch en veilig dive’t.

Ingrediënten:
– fles water
– theedoek
– plastic handschoentjes
– (voor ‘s avonds) een hoofdlamp

Zorg dat je weet waar je spullen kan vinden. Dit kan je leren via Facebook- en Whatsapp-groepen, die rondom grote steden te vinden zijn. Vaak is er in kaart gebracht waar de dumpsters staan, hoe moeilijk deze te bereiken zijn, wat de beste tijden zijn, en wat de eigenaren ervan vinden. Vooral rond groothandels is veel te vinden.

Als er een stapel kratten staat, pak dan de bovenste zodat je geen rotzooi maakt. Zorg dat je alles netjes achterlaat en neem geen kratten mee met statiegeld. Was op het eind je handen en schoenen met water. Mocht je ook vuilniszakken willen openmaken, gebruik dan de handschoentjes. Zorg dat je bij thuiskomst alle producten goed wast in een badje met zout en azijn. Persoonlijk vind ik het fijner om alleen producten te nemen die verhit kunnen worden, als extra voedselveiligheidsoverweging. Happy diving!

Sofie wast haar groenten in een badje met zout en azijn
Sofie wast haar groenten in een badje met zout en azijn. – Foto: Saskia Beertsen

Eerder gepubliceerd in Archeologie Magazine, 2021

Meld u aan voor onze gratis nieuwsbrief

×