Rijksmuseum toont invloed Ovidius’ Metamorfosen op de kunst

2 minuten leestijd
Michele Tosini, Leda, ca. 1560–70. Galleria Borghese, Rome.
Michele Tosini, Leda, ca. 1560–70. Galleria Borghese, Rome.

Het Rijksmuseum wijdt begin 2026 een grote tentoonstelling aan de invloed van Ovidius’ Metamorfosen, een van de meest gelezen teksten uit de klassieke oudheid. De expositie, getiteld Metamorfosen, laat zien hoe kunstenaars van de Renaissance tot vandaag zich lieten inspireren door de mythische verhalen.

Van 6 februari tot en met 25 mei 2026 zijn in Amsterdam meer dan tachtig kunstwerken uit internationale musea en collecties te zien. De tentoonstelling – opgezet in samenwerking met Galleria Borghese in Rome – omvat schilderijen, sculpturen, keramiek, edelsmeedwerk en hedendaagse kunst. Na Amsterdam reist een aangepaste versie naar Rome, waar de werken vanaf halverwege juni 2026 te zien zullen zijn.

Onder de topstukken bevinden zich Titiaans Danaë, geschilderd voor Filips II van Spanje, Caravaggio’s Narcissus, Correggio’s Jupiter en Io en Rodins marmeren Pygmalion. Ook zijn drie van Giuseppe Arcimboldo’s samengestelde portretten te zien en de bronzen Perseus met het hoofd van Medusa van de Nederlandse beeldhouwer Hubert Gerhardt, naast het model van Cellini’s beroemde versie.

Juul Kraijer, SPAWN, 2019
Juul Kraijer, SPAWN, 2019. Courtesy of Juul Kraijer studio.

Inspiratiebron

De Romeinse dichter Publius Ovidius Naso (43 v.Chr.–17 n.Chr.) schreef zijn Metamorfosen rond het jaar 8 n.Chr. In het omvangrijke epos beschreef hij hoe goden en stervelingen van gedaante veranderen – mensen in steen, nimfen in bomen, goden in dieren of nevel. Eeuwenlang diende het werk als een inspiratiebron voor kunstenaars. Karel van Mander noemde het in zijn Schilder-boeck in 1604 niet voor niets de ‘Bijbel voor kunstenaars’.

De tentoonstelling belicht de verbeelding van beroemde verhalen, zoals die van Arachne, de sterfelijke weefster die door de jaloerse Minerva in een spin werd veranderd, en van Jupiter die in uiteenlopende gedaanten zijn minnaressen verleidde. Het Rijksmuseum:

Veel verhalen gaan over de omgang van goden en stervelingen. Liefde speelt een grote rol, lang niet altijd met wederzijdse instemming. Geweld en bedrog komen bovendien geregeld om de hoek kijken. De tentoonstelling belicht de verbeelding van verschillende iconische fabels, zoals de schepping van de kosmos en de wereld uit de vormeloze chaos.

Giusto le Court, Invidia (nijd), ca. 1670, Musée André Jacquemart, Parijs.
Giusto le Court, Invidia (nijd), ca. 1670, Musée André Jacquemart, Parijs.

Een bijbehorende catalogus, vormgegeven door Irma Boom Office, verschijnt zowel in het Nederlands, Engels als Italiaans en bevat onder meer essays van Nederlandse en Italiaanse specialisten.

×