Bijna helft van de musea in de rode cijfers

/
3 minuten leestijd
Tentoonstelling bij 'Huis van het boek' in Den Haag
Tentoonstelling bij 'Huis van het boek' in Den Haag (Foto Historiek)

De Nederlandse museumsector heeft het lastig. Uit cijfers van de Museumvereniging blijkt dat 43 procent van de musea het jaar met rode cijfers afsloot. Vooral kleinere musea, gemeentelijke musea en particuliere musea hebben het volgens de vereniging financieel zwaar.

De Museumvereniging presenteert jaarlijks een rapport met de belangrijkste cijfers van musea over het afgelopen jaar. Uit het nieuwe rapport blijkt dat veel musea het in 2021 zwaar hadden. Het aantal bezoeken daalde van 13,2 naar 11,8 miljoen een jaar eerder. En in 2019, dus voor de coronacrisis, ontvingen de musea nog 32,6 miljoen bezoekers. Geld dat ten tijde van de crisis door de landelijke overheid beschikbaar werd gesteld voor de lokale cultuur, kwam volgens de vereniging onvoldoende ten goede aan musea. Met name gemeentelijke musea konden hierdoor minder investeren.

Lagere inkomsten zouden het voor musea verder lastiger maken om nieuwe tentoonstellingen en evenementen te organiseren. En er gloort niet direct licht aan het einde van de tunnel. De Museumvereniging:

“De prognose voor 2022 is dat musea in het ongunstigste geval 18,2 miljoen bezoeken zullen hebben, en in het gunstigste 23,8 miljoen. Dat is (ruimschoots) een derde lager dan in 2019; in het ongunstigste geval zelfs bijna een halvering. “

Tijdelijke tentoonstellingen

Vooral tijdelijke tentoonstellingen lijken het kind van de rekening te zijn. Dat aantal nam in 2021 met 37 procent af ten opzichte van 2019. Deze tentoonstellingen zijn voor musea erg belangrijk omdat ze normaliter extra bezoekers trekken en ook aanleiding geven voor herhaalbezoek. Een ander probleem vormen de stijgende energiekosten, die “voor de meeste musea niet meer op te brengen zijn”. Dit heeft ook te maken het feit dat veel musea in slecht geïsoleerde monumentale panden zitten.

Tijdens de coronacrisis kwam de meeste noodsteun voor musea van de rijksoverheid. Gemeenten sprongen in 2021 wel bij met 12 miljoen, maar dat was één miljoen minder dan een jaar eerder. Verder maakte het Rijk in 2020 en 2021 in totaal 450 miljoen over aan gemeenten, ten behoeve van de lokale cultuur.

“Die bedragen waren echter niet geoormerkt en zijn dus niet overal voldoende ten goede gekomen aan musea of zijn nog niet uitgekeerd. De Museumvereniging roept daarom alle gemeenten op achter hun musea te gaan staan en ze de steun te geven die ze nodig hebben.”

Investeren

Ook roept de vereniging het kabinet op extra middelen voor cultuur in te zetten voor een duurzame toekomst van de sector. Vera Carasso, directeur Museumvereniging

“Gelukkig zit creativiteit in het DNA van de sector, want het vraagt veel om te kunnen anticiperen op opeenvolgende moeilijke omstandigheden. Eerst de pandemie, nu inflatie en stijgende lasten. Om toekomstbestendig te worden en toegankelijk te blijven voor het brede publiek, is een gezonde basis noodzakelijk om op te bouwen en die is nu te smal. Er zal bij de overheid geld vrijgemaakt moeten worden om te investeren in duurzaamheid en om aanbod voor nieuw publiek te kunnen ontwikkelen. Als we dat niet doen, lopen we het risico dat veel musea, vooral die door de gemeente gesubsidieerd worden, steeds verder achter de feiten aanlopen, in een neerwaartse spiraal terecht komen en het uiteindelijk niet redden.”

Boek: Ode aan de kleinste musea van Nederland