Dark
Light

Doosje in collectie Huis Doorn blijkt afkomstig uit voormalige Duitse kolonie

Auteur:
2 minuten leestijd
Het gouden doosje dat keizer Wilhelm II via Bernhard Dernburg in 1908 uit Duits Zuidwest-Afrika als geschenk kreeg.
Het gouden doosje dat keizer Wilhelm II via Bernhard Dernburg in 1908 uit Duits Zuidwest-Afrika als geschenk kreeg. Collectie Museum Huis Doorn (HuD 01896)

Tijdens een herkomstonderzoek naar koloniale artefacten uit de keizerlijke collectie van Huis Doorn, is onder meer een gouden doosje onder de loep genomen dat al tijden in de Rookkamer van het museum is te zien. Achter dit object gaat een opmerkelijke geschiedenis schuil.

Het gouden doosje blijkt afkomstig uit de voormalige Duitse kolonie Zuidwest-Afrika (het huidige Namibië) en vertelt het verhaal van het economische belang dat deze relatief onbekende kolonie voor Duitsland had. Het object is ingelegd met de eerste diamanten die hier in 1908 werden gevonden. De vondst van de diamantvelden was destijds van grote betekenis voor de Duitse economie.

De Duitse staatssecretaris voor koloniale zaken, Bernhard Dernburg (1865-1937), kreeg het doosje in 1908 mee als cadeau voor keizer Wilhelm II van Duitsland (1859-1941), die aan het einde van de Eerste Wereldoorlog naar Nederland zou uitwijken en uiteindelijk in Doorn neerstreek.

Collectie Museum Huis Doorn (HuD 01896)
Collectie Museum Huis Doorn (HuD 01896)

Twintig regeringsjaren

De deksel van het doosje is ingelegd met diamanten die het sterrenbeeld van de kleine beer op het Zuidelijk halfrond vormen. Rondom het sterrenbeeld is de volgende tekst ingegraveerd: JULI 1908, DEUTSCH-SÜD-WEST. In het doosje zaten oorspronkelijk twintig diamanten, een aantal dat symbool stond voor de regeringsjaren van de keizer in 1908. De twintig losse diamanten zijn echter niet meer aanwezig. Het kleine doosje bevindt zich in een grotere gouden doos met de gekroonde initialen van de keizer.

Bernhard Dernburg in Deutsch-Ostafrika, 1907
Bernhard Dernburg (centraal, in donker pak) in Deutsch-Ostafrika, 1907
Bernhard Dernburg was een vertrouweling van de Duitse keizer. In tegenstelling tot andere hooggeplaatste Duitse koloniale politici reisde Dernburg naar de overzeese gebieden van het Duitse keizerrijk. Hij wilde zijn koloniale beleid immers baseren op eigen ervaringen. Daarom ging hij eerst naar Duits Oost-Afrika (1907) en een jaar later naar Duits Zuidwest-Afrika.

Op zijn reizen werd Dernburg vergezeld door een delegatie van ambtenaren, militairen, journalisten en economen, waaronder de beroemde en later vermoorde politicus Walter Rathenau (1867-1922). Op 25 juli 1908 bezocht hij de net ontdekte diamantvelden in Duits Zuidwest-Afrika. Aan het eind van zijn bezoek kreeg de staatssecretaris het doosje van de vakvereniging van diamantzoekers met het verzoek dit aan de keizer te geven.

Het gouden doosje is de komende tijd te zien in de tentoonstelling Het koloniale wereldbeeld van de keizer, die nog tot 3 november loopt.

Gratis nieuwsbrief

Meld u aan voor onze wekelijkse nieuwsbrief (51.552 actieve abonnees)


Mede dankzij onze donateurs zijn al onze artikelen gratis te lezen. Op Historiek vindt u dus geen PREMIUM artikelen of 'slotjes'.

Steun ons ook

×