Joséphine Baker (1906-1975) – Franse artieste, spionne en activiste

Een leven vol passie, verzet en strijd
///
Joséphine Baker - Studio Harcourt, 1940
Joséphine Baker - Studio Harcourt, 1940

De Frans-Amerikaanse Joséphine Baker is de geschiedenis ingegaan als een bekende revue-artieste. Als vrouw van kleur zette ze zich ook in voor gelijke rechten van Afro-Amerikanen. Daarnaast speelde ze in de Tweede Wereldoorlog een rol in het Frans verzet. Voor deze laatste prestatie kreeg ze eind november 2021 een plek in het Panthéon in Parijs. Hoe zag haar leven eruit? Een beknopte biografie.

Joséphine Baker als kind
Joséphine Baker als kind
Freda Joséphine McDonald werd geboren op 3 juni 1906 in de Amerikaanse plaats Saint Louis, Missouri. Ze was de dochter van wasvrouw Carrie McDonald en muzikant Eddie Carson, die al snel het gezin verliet. Joséphine groeide met haar moeder, stiefvader, broer en zussen op in armoede. Hierdoor moest ze op haar achtste al werken als schoonmaker en oppasser bij welgestelde witte families.

Jeugd

Haar kindertijd was een periode waarin geweld tegen en neerkijken op mensen van kleur normaal was. In haar geboorteplaats liep dat uit tot noodlottige rellen. Toen ze twaalf jaar was, besloot ze haar geluk ergens anders te zoeken en verliet ze haar geboortestad. In de jaren die volgden, werkte zij onder meer als bediende bij een club. Al voor haar zestiende was ze twee keer getrouwd én gescheiden. Ze behield de achternaam van haar tweede man: Baker.

Start carrière

Joséphine in de jaren 1920
Joséphine in de jaren 1920
In 1922 begon het artiestenleven te trekken. Ze startte als danseres bij een dansgezelschap uit Philadelphia met wie ze een jaar rond door het land rondtrok. Vervolgens sloot Joséphine zich aan bij het koor van een gezelschap dat de muzikale komedie Shuffle Along opvoerde. Daarna verhuisde ze naar New York waar ze een rol kreeg in de show Chocolate Dandies en meedraaide in de shows van de beroemde Plantation Club. Die voorstellingen waren de zogenoemde ‘minstreel shows’; hierin werden voornamelijk mensen van kleur belachelijk gemaakt.

Tijdens haar werk bij de Plantation Club werd ze ontdekt door een gezelschap van zwarte artiesten. Zij zouden in datzelfde jaar optreden in Parijs en boden haar een rol aan in hun nieuwe toneelstuk La revue Nègre. Deze kans liet ze zich niet ontglippen. Toen ze in 1925 naar Frankrijk verhuisde, bereikte haar carrière als danseres een nieuw hoogtepunt.

In korte tijd stond Joséphine Baker op het toneel van het Théâtre des Champs-Élysées. Haar manier van dansen kwam voor het overzeese publiek exotisch over, maar werd al snel en met veel enthousiasme omarmd. Een van de dansen waar ze bekend om stond, was de Amerikaanse swingdans The Charleston.

Joséphine danst The Charleston

Buitenlands ster

Het publiek noemde Joséphine ook wel ‘de zwarte parel’. Haar meest spraakmakende optreden was in La folie du jour in het beroemde theater Folies Bergère (1926). Daarin danste ze in een rokje samengesteld uit slechts zestien bananen. Dit gaf haar een sterrenstatus.

Joséphine in bananenrokje
Joséphine in bananenrokje
Voor het eerst in haar leven beschikte Joséphine over veel geld dat ze vervolgens royaal spendeerde. Een groot deel gaf ze uit aan huisdieren. Zo kocht ze een chimpansee, varken, slang, geit en meerdere katten en honden. Haar meest bijzondere aankoop was wellicht die van een luipaard die ze Chiquita noemde. Het dier figureerde in haar voorstellingen, maar liep ook gerust met haar mee door de Parijse straten.

Joséphine Baker startte als revueartiest, maar richtte ook haar eigen cabarettheater op. In de tussentijd debuteerde ze verder als zangeres en actrice, bijvoorbeeld als prinses in de film Tam-Tam. Het succes in Frankrijk kreeg dankzij buitenlandse tournees een vervolg in andere Europese landen, zoals Nederland, Italië en Zweden.

Eerste comeback Amerika

Halverwege de jaren dertig keerde Joséphine Baker terug naar haar geboorteland. Daar was ze te zien op Broadway in het toneelstuk Ziegfeld follies. Haar terugkomst had een groot succes moeten worden, maar in plaats daarvan werd het een grote teleurstelling. Het optreden werd met veel kritiek ontvangen. The New York Times noemde de artieste zelfs een ‘negro wrench’ (negerhoer).

Poster met daarop Joséphine en haar luipaard, jaren 1930
Poster met daarop Joséphine en haar luipaard, jaren 1930
Al snel reisde Joséphine weer naar Frankrijk. Daar trouwde ze in 1937 met Jean Lion, haar derde man. Door dit huwelijk kreeg ze ook de Franse nationaliteit. Ze werkte verder aan haar zangcarrière en stond ook weer op het toneel.

Oorlog en verzet

In 1939 sloeg haar loopbaan een nieuwe weg in toen Frankrijk aan Duitsland de oorlog verklaarde. Ze sloot zich als geheim agent aan bij de Vrije Franse Strijdkrachten. Doordat ze als bekende artieste veel feestelijke gelegenheden bezocht, kon ze goed informatie inwinnen over vijandige troepen. Het was vooral belangrijk om feesten op ambassades te bezoeken. De informatie die ze tijdens dit soort bijeenkomsten ophaalde, gaf ze via haar bladmuziek door waarop ze in onzichtbare inkt berichten schreef.

Joséphine Baker in 1948
Joséphine Baker in 1948
Vervolgens vertrok Joséphine begin jaren veertig als spionne naar Noord-Afrika; normaal optreden ging niet meer. Daar werd ze echter ziek en kon de missie niet doorgaan. Eenmaal hersteld, meldde ze zich bij het Rode Kruis om naar het Midden-Oosten en Noord-Afrika te kunnen reizen. Ditmaal ging ze niet meer als geheim agent op pad, ze deed waar ze altijd al goed in was geweest: zingen voor de troepen aan het front. Ook was ze hier ambitieus en maakte ze carrière; ze werd onderluitenant bij de luchtmacht.

Na de oorlog kreeg Joséphine Baker voor de Légion d’honneur, de belangrijkste en hoogste Franse onderscheiding. Ondertussen was het huwelijk met haar derde man beëindigd. In 1947 hertrouwde ze met de Fransman Jo Bouillon. Met hem begon ze langzaam haar oude leven weer op te bouwen. Ze kochten in de Dordogne ‘Château des Milandes’. Dit landgoed zou later in hun leven een belangrijke rol spelen. En binnen twee jaar stond ze weer in het Théâtre des Champs-Élysées.

Château des Milandes
Château des Milandes (CC BY-SA 3.0 – Bthv – wiki)

Tweede comeback Amerika

Begin jaren vijftig ondernam Joséphine nog een poging om in Amerika als artieste naam te maken. Terwijl ze optrad in theaters in New York, Boston, Chicago en Miami, kwam ze ook op voor de rechten van Afro-Amerikaanse burgers. Ze wilde alleen verschijnen in zalen met gemengd publiek, wat heel bijzonder was omdat mensen van kleur destijds meestal gescheiden zaten van witte bezoekers. Die activistische houding bracht haar soms in de problemen. Toen ze in de luxe en beroemde Stork Club in New York niet werd bediend, zocht ze de publiciteit. Maar de kranten bestempelden haar als communistisch. Hierdoor gingen enkele optredens van haar niet door. Dit financieel verlies wist ze goed te maken doordat ze deelnam en aan de burgerrechten-beweging National Association for the Advancement of Colored People (NAACP) en daar uitgroeide tot een icoon.

Joséphine Baker met tien van haar kinderen tijdens een bezoek aan Rotterdam, augustus 1959 (CC0 – Herbert Behrens / Anefo – wiki)

Regenbooggezin

Het verzet in de oorlog was niet de enige strijd die Joséphine Baker voerde. Ze streefde naar gelijkheid tussen volken en geloofde in een universeel broederschap. Doordat ze zelf geen kinderen meer kon krijgen, kozen zij en haar echtgenoot voor adoptie. Vanaf 1954 adopteerden ze zes jaar achter elkaar, elk jaar twee kinderen, allemaal met diverse kleuren, nationaliteiten en religies. Hiermee wilde Joséphine bewijzen dat mensen met een andere afkomst wel degelijk ‘broers en zussen’ kunnen zijn.

Het regenbooggezin met twaalf kinderen – zo werden ze vaak genoemd – woonde op het landgoed in de Dordogne. Joséphine wilde op den duur van ‘Château des Milandes’ een school gewijd aan multiculturele studies. Dit jarenlange project duurde tot 1963 en kostte zoveel geld dat ze bijna aan de bedelstaf raakte. Het gezin werd met hulp van prinses Grace in Monaco opgevangen.

Joséphine in Nederland

Oudejaarsshow van Joséphine Baker in Carré
Oudejaarsshow van Joséphine Baker in Carré, 27 december 1964 (CC0 – r Hugo van Gelderen / Anefo – wiki)
Joséphine Baker bezocht in haar carrière ook meerdere malen Nederland. Ze bezocht onder meer Rotterdam, Den-Haag en Amsterdam. Tussen 9 en 16 mei 1956 was ze te gast bij de dertiende editie van de Amsterdamse Fashion Week. Deze werd gehouden in het Linnaeushof en speciaal voor haar komst kweekte men een zwarte tulp. In 1964 trad ze nog een keer op in de hoofdstad tijdens een oudejaarsshow.

Laatste jaren

Haar hele leven stond in het teken van optredens. Hoewel ze succesvol was in Europa, brak ze pas aan het einde van haar carrière door in haar geboorteland. In 1973 trad ze op in New York’s Carnegie Hall. Daar kreeg ze al voor het concert begon een staande ovatie van het publiek.

In totaal heeft Joséphine Baker vijftig jaar op het toneel gestaan. Op 8 april 1975 trad ze op in Parijs om haar jubileum te vieren. Dit was haar laatste voorstelling. Die nacht kreeg ze een hersenbloeding, raakte in coma en stierf in de vroege ochtend van 12 april, 68 jaar oud. Bij haar begrafenis verzamelde zich een mensenmassa in de straten om afscheid te nemen. De Franse regering eerde haar met een 21-gun salute, een uitzonderlijke vaarwel.

Panthéon

De artieste, activiste en spionne ligt begraven in Monaco. Op 30 november 2021 werd een kist met haar naam in het Panthéon in Parijs gezet. In dit gebouw liggen veel beroemde Fransen. Een bijzonder gelegenheid, aangezien Joséphine Baker de eerste vrouw van kleur was die daar een plaats kreeg. In de kist ligt zijzelf overigens niet. In plaats daarvan werd er aarde in geplaatst afkomstig van vier belangrijkste plaatsen uit haar leven: Saint Louis, Parijs, Milandes en Monaco.

~ Linda van der Ziel

Liedjes van Joséphine Baker

Bronnen

-https://www.britannica.com/biography/Josephine-Baker
-https://web.archive.org/web/20130529070033/http://www.cmgww.com/stars/baker/about/biography.html
-https://www.flowmagazine.nl/tijdgeest-geschiedenis/josephine-baker-een-leven-vol-verzet.html
-https://www.amsterdam.nl/stadsarchief/stukken/beroemd/josephine-baker/
-https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2021/08/22/josephine-baker/
-Josephine Baker in Art and Life: The Icon and the Image – Bennetta Jules-Rosette, 2007 – p. 287-289 https://books.google.nl/books?id=Hc-gM1YFjRoC&printsec=frontcover&dq=Josephine+Baker&hl=nl&sa=X&ved=2ahUKEwj41tiP2cD0AhUFiv0HHem4D1UQ6AF6BAgDEAI#v=onepage&q=Josephine%20Baker&f=false

Categorieën

Vorige verhaal

Abdoel Rivai: wegbereider voor Indonesische nationalisten

Volgende verhaal

Beatrix der Nederlanden (1938-)

Onze belangrijkste rubrieken: