Pinksterbruidjes op lijst immaterieel erfgoed

De Pinksterbruidjes van Borne staan sinds deze week op de lijst van immaterieel erfgoed van Unesco.


In het Twentse Borne is het traditie dat op Eerste Pinksterdag een groep meisjes, van vijf jaar en ouder, als Pinksterbruidjes dansend en zingend door het centrum loopt. Elke groep wit geklede meisjes heeft in haar midden één meisje in een met kant versierde lange jurk en bloempjes in haar haar. Dit meisje is de ‘Rosa’ van de groep. Ze loopt vooraan onder een met bloemen en groene takken versierde boog.

Onderweg zingt de groep:

“Daar komen de mooie Pinksterbruidjes aan, ze zijn zo heel mooi aangedaan, geef wat, hou wat, volgend jaar is er weer wat, Rosa, Rosa.”

De bruidjes bellen ook bij verschillende huizen aan en doen dan een dansje.

- advertentie -

Over de herkomst van de traditie gaan verschillende verhalen rond. Volgens sommigen is het een herinnering aan de Germaanse lente- en vruchtbaarheidsfeesten. Ook wordt wel gezegd dat de meisjes voor goed weer moeten zorgen in verband met de rogge die rond Pinksteren vaak in bloei staat. Vroeger werd het feest ook wel gebruikt om huwbare jonge meisjes aan jongens te koppelen.

Borne is een van de laatste plaatsen in het oosten van Nederland waar de traditie van de Pinksterbruidjes in leven wordt gehouden. Dit door de Folkloregroep Borne en Scoutinggroep St. Stephanus Martina.

Lees ook: Wat vieren we met Pinksteren?

Bekijk ook onze uitgebreide onderwerpenlijst of het personenregister

Gelijk naar geschiedenisboeken over: