Dark
Light

Toen en nu: selectie uit essays Wesseling

3 minuten leestijd
Detail van de cover van 'Van toen en nu'
Detail van de cover van 'Van toen en nu'

Historicus Henk Wesseling is emeritus-hoogleraar algemene geschiedenis in Leiden. Naast veel essays over uiteenlopende historische en geschiedtheoretische onderwerpen, heeft hij verscheidene succesvolle boeken op zijn naam staan die in meerdere talen zijn uitgebracht. Zijn laatste grote werk is een biografie van de Franse premier Charles de Gaulle, De man die nee zei. Charles de Gaulle, 1890-1970, dat vorig jaar verscheen. Het boekje dat nu is verschenen, Van toen en nu, bevat een selectie uit het essayistische werk van Wesseling.

Van toen en nu bevat 19 opiniërende essays verdeeld over de thema’s politiek, geschiedenis en cultuur. In het eerste deel lezen we onder meer over de Paarse kabinetten uit de jaren 1990, een discussie over het fenomeen soevereiniteit en een verkenning van de vraag in hoeverre de historicus een rechter is of zich op juridisch vlak afzijdig dient te houden.

Geen historicus willen worden

Boeiend is onder meer het zevende artikel ‘De terugkeer van het verhaal (in de geschiedenis)’. Hierin gaat Wesseling in op de overeenkomsten en verschillen tussen literatuur/proza en het historische verhaal. Wesseling schrijft:

“Een historische tekst is wel een verhaal, maar niet zomaar een verhaal. Een historisch werk wordt getoetst aan regels, niet van de kunst, maar van de historische methode. Er bestaat een verificatieplicht, een terugkoppeling van verhaal naar feiten. Wij moeten het geschiedverhaal toetsen aan de gegevens die wij over de verleden werkelijkheid hebben (…) De terugkeer van het verhaal is een ontwikkeling die ook in Nederland te zien is. Er is inderdaad sprake van een terugkeer, want historici zijn van nature schrijvers. Wie niet schrijft, moet geen historicus willen worden.” (84,85)

Wetenschapsfraude

Grappig is het stuk over wetenschapsfraude, waarin Wesseling bekend zich hieraan schuldig te hebben gemaakt. Toen hij zijn proefschrift schreef en in een bibliotheek in Frankrijk aantekeningen maakte, Wesseling was een chaoot, raakte hij een stukje kwijt waardoor het paginanummer van een citaat niet meer te achterhalen viel. Een van de 1027 voetnoten uit zijn proefschrift, zo schrijft Wesseling, is dus frauduleus.

Vanuit deze ervaring komt Wesseling bij de moraal van zijn verhaal, namelijk dat wetenschapsfraude – die ook de laatste tijd weer regelmatig het nieuws haalt – als fenomeen vaak opgeblazen wordt tot te grote luchtkastelen. Plagiaat- en andere wetenschapsproblemen zijn, wat versimpeld gezegd, eenvoudig op te lossen door secuur te werken en altijd verwijzingen te gebruiken. Met de publicatiedruk van de universiteit heeft dit soort fraude eigenlijk niet van doen, eerder met slordigheid, aldus Wesseling.

Van Deursen

Van toen en nu - Henk Wesseling
Van toen en nu – Henk Wesseling
Ten slotte wil ik hier refereren aan Wesselings mooie essay over de wijlen protestantse historicus A.Th. van Deursen, vroeger werkzaam op de Vrije Universiteit in Amsterdam en bekend door diverse standaardwerken over Nederland in de zeventiende eeuw. Wesseling en Van Deursen ontmoetten elkaar enkele keren, hadden wederzijds respect voor elkaar, maar tot een (innige) vriendschap kwam het niet. Wesseling:

“Het bleef bij een paar adviescommissies en redacties, een enkele vergadering, een benoemings- of promotiecommissie of een bijeenkomst van de Akademie. De afstand tussen Leiden en de VU is in de praktijk groter dan de veertig kilometer die de ANWB ervoor aangeeft. Ook lagen onze vakgebieden nogal uit elkaar: hij gaf nieuwe en ik nieuwste, hij vooral vaderlandse en ik alleen algemene geschiedenis. Wel bleef ik zijn publicaties met belangstelling en bewondering volgen (…) Terugkijkend op zijn belangrijke en omvangrijke oeuvre vallen een paar dingen in het oog;. Van Deursens werk getuigt van bijzondere eruditie, is knap geschreven, scherpzinnig van nalayse en toont een waarachtige en warme belangstelling voor de medemens, dood of levend. Daarmee bevestigt het de eerste indruk die ik ooit van Arie van Deursen bij het afnemen van de MO-examens heb gekregen: een groot historicus en een erudiet, scherpzinnig en humaan mens.” (219, 225)

Het boek Van toen en nu bevat voetnoten en een namenindex. Het is ideaal om er af en toe bij te pakken om ter ontspanning een kort, leerzaam historische verhaaltje of opiniestuk te lezen.

Bekijk dit boek bij:

×