Zeventiende-eeuwse hartenkreten

Deze liefdesgeschiedenis is even mooi als hartverscheurend. Vijf brieven van een wanhopige Portugese non spreken al eeuwenlang tot de verbeelding. Ze smeekt haar geliefde officier Chamilly haar niet te verlaten, maar deze vertrekt noodgedwongen en ontpopt zich als een uitstekend veldheer…in Grave!

Portugese non

Raam van het klooster in Beja, van waaruit Mariana Chamilly begluurde
Raam van het klooster in Beja, van waaruit Mariana Chamilly begluurde
In 1669 verschijnen op een mysterieuze wijze vijf zogeheten minnebrieven van een onbekende Portugese non. Enkele jaren later worden er meerdere edities en vertalingen uitgegeven en duikt voor het eerst de naam van de Franse officier Chamilly op.

Pas in 1810 wordt duidelijk wie de heimelijke brievenschrijfster is: Soror Mariana Alcoforado. Als 12-jarig meisje werd zij opgenomen in het klooster in Beja. Vanuit haar raam viel haar oog op de toen 28-jarige Noël Bouton de Chamilly. De Fransman vocht samen met de Portugezen tegen aartsvijand Spanje.

Geen Clooney!

Vanuit haar kloosterraam had Mariana goed zicht op de stoere cavalerist. Contacten tussen religieuzen en militairen waren niet ongewoon, zo lezen we in de literatuur. Het is dus goed mogelijk dat Chamilly en Mariana een verhouding hebben gehad.

- advertentie -
Noël Bouton de Chamilly
Noël Bouton de Chamilly

Eén element in deze liefdesgeschiedenis is echter niet cliché. Je zou denken dat het nonnetje Mariana verblind was door het uiterlijk van Chamilly, maar hij was alles behalve een Brad Pitt of een George Clooney. Hij wordt in de negentiende eeuw als volgt omschreven:

‘Een groot, breed man, de beste dapperste en meest eervolle mensch die men zich denken kan, doch zóó dom en zóó plomp dat men zich bijna niet verbeelden kon, dat hij eenig talent voor de krijgskunde bezat.’

Heldendaden in Grave

Maar die talenten bezat Chamilly wel degelijk. Helaas voor Mariana, maar de plicht roept! De officier moet zijn biezen pakken en in 1669 kiest hij het ruime sop, op weg naar Kreta. Op zijn weg naar dat eiland zou hij de brieven van Mariana hebben ontvangen. Zijn matrozen zouden de hartenkreten van Mariana achteloos in het water hebben gegooid, ware het niet dat zij werden tegengehouden door Chamilly. Hij drukte de matrozen snel wat geld in de hand en zo redde hij de prachtige brieven.

De Stercke Stadt Grave' met vooraan de uittocht van Chamilly
De Stercke Stadt Grave’ met vooraan de uittocht van Chamilly

Jammer genoeg is hij nooit teruggekeerd naar Beja, voor zover wij weten. Na zijn avontuur in Kreta werd hij namelijk uitgezonden naar Grave in 1674. Daar werd hij beroemd vanwege de heldhaftige verdediging van Grave tegen de troepen van de Prins van Oranje.

Legercommandant Rabenhaupt richtte een totale verwoesting in Grave aan; de kerk stortte in, het kasteel verdween van de aardbodem en huizen brandden af. Chamilly probeerde de vrouwen en kinderen van hun ondergang te redden, maar tevergeefs. Rabenhaupt kende geen genade. Maar liefst 93 dagen hielden de Fransen stand tegen de Staatse legers, maar op 28 oktober 1674 moest de Fransman zich toch overgeven.

Uiteindelijk trouwde Chamilly in 1677 met Madame Du Bouchet, maar dit huwelijk bleef kinderloos. In 1715 stierf hij op 79-jarige leeftijd. Wie weet hoe vaak hij nog troost heeft geput uit de brieven van Mariana?

Het beleg van Grave in 1674
Het beleg van Grave in 1674

Dramaqueen

Mariana Alcoforado
Mariana Alcoforado
Historici zijn het niet eens over de herkomst van de brieven. Sommigen menen dat zij later door een Franse graaf en politicus zijn geschreven. Hoe dan ook, de minnebrieven hebben voor een omwenteling in de literatuur gezorgd en hebben zelfs een rol gespeeld in de vorming van een nieuw genre, namelijk het genre épistolaire. En wij kunnen in verschillende talen genieten van de ‘dramaqueen’ Mariana. Lees maar mee:

‘Je sors le moins qu’il m’est possible de ma chambre, ou vous ȇtes venu tant de fois et je regarde sans cesse votre portrait, qui m’est mille fois plus cher que ma vie, il me donné quelque plaisir mais il me donné aussi bien de la douleur, lorsque je pense que je ne vous reverrai, peut-ȇtre, jamais…’

(‘Ik ga zo min mogelijk weg uit mijn kamer, waar u zovele malen bent gezien en ik bekijk zonder ophouden uw portret, dat mij veel dierbaarder is dan mijn eigen leven. Het geeft me iets van plezier, maar bezorgt me minstens zoveel pijn, omdat ik denk dat ik u misschien nooit meer terug zal zien…’)

~ Lisette KuijperBHIC

BHIC

Bekijk ook onze uitgebreide onderwerpenlijst of het personenregister

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net

Gelijk naar geschiedenisboeken over: