Cleopatra wordt beschouwd als een van de mooiste vrouwen uit de geschiedenis en staat tegenwoordig bekend als een machtige vorst, die haar vrouwelijke charmes in de strijd gooide ten behoeve van haar volk. Cleopatra’s positie als farao en haar relaties met Julius Caesar en Marcus Antonius maakten haar een machtsfactor in een cruciale fase in de geschiedenis. Ondanks haar illustere reputatie is er maar weinig dat we zeker weten over Cleopatra. In de nieuwe geïllustreerde biografie, Cleopatra, het leven van een legendarische koningin, scheidt Dick Harrison feit van fictie en probeert hij de laatste Ptolemaeïsche vorst van Egypte, dichterbij te brengen; als koningin, politica, moeder van vier kinderen, als vrouw. Op Historiek plaatsen we een fragment uit het boek over Cleopatra’s eerste regeerperiode, toen ze haar jonge broer overvleugelde, met alle gevolgen van dien.
Tienerkoningin
Ten tijde van Cleopatra’s troonsbestijging was Egypte een land in problemen. Door het verspillende beleid van haar vader en de bloedige confrontaties binnen het koningshuis waren de Egyptenaren onderworpen aan een zelfs voor dit verfijnde land ongewoon zware belastingdruk. Ook de Gallische en Germaanse legionairs, de ‘Gabiniërs’, droegen ertoe bij om het regime onder het volk gehaat te maken. Bovendien had Ptolemaeus XII het zilvergehalte van de munten teruggebracht tot 8 procent, met een voorspelbare inflatie als gevolg.
Cleopatra’s eerste bekende officiële daad wordt genoemd in een inscriptie van de stad Hermonthis in Opper-Egypte, gedateerd 22 maart 51 v.Chr. In Hermonthis draaide de religieuze sekte om een stier met een zwarte kop en een wit lichaam, Buchis genaamd, die werd gezien als een levend beeld van de god Montu. Nadat de stier stierf, werd hij gemummificeerd en opgevolgd door een nieuwe Buchis met hetzelfde uiterlijk. In de inscriptie, die zich vandaag in de Ny Carlsberg Glyptotek in Kopenhagen bevindt, staat vermeld:
“De koningin, heerseres van de twee landen, de vaderminnende godin, bracht hem [dat wil zeggen, de stier] in de sloep van Amon samen met de koninklijke schepen in aanwezigheid van de inwoners en priesters van Thebe en Hermonthis.
Stèle van kalksteen van Isis en Cleopatra VII die te zien is in het Louvre in Parijs. Uit: CleopatraUit de tekst blijkt dat Cleopatra handelde in overeenstemming met de oude Egyptische traditie. Zij was persoonlijk aanwezig bij de plechtigheid, iets wat zo belangrijk werd gevonden dat het schriftelijk werd vastgelegd. We hebben geen verslag van een van haar Ptolemaeïsche voorgangers die het ritueel heeft geleid, en het is heel goed mogelijk dat ze het zelf heeft geïnitieerd. Het was een succesvolle politieke zet – een jonge koningin reisde langs de Nijl naar het zuiden om te pronken en haar respect voor de tradities van het land te tonen. Een andere aanwijzing dat de lokale geestelijkheid Cleopatra gunstig gezind was, is een gegraveerde stèle uit de El-Fajoem-oase, met de tekst:
Ter ere van koningin Cleopatra, de vaderminnende godin.
Dit opvallende monument uit deze vroege periode van haar leven als koningin is tegenwoordig te zien in het Louvre in Parijs. Het motief is traditioneel Egyptisch: de koningin, gekleed in traditionele faraonische heerserskledij, brengt offers aan de godin Isis, die met het Horuskind op een troon zit. De Griekse tekst handelt over hoe de priester Omnofris een ‘zetel’ wijdt:
Koningin Cleopatra Thea Philopator [wijdt aan Isis] de zetel van de confederatie van Snonais, wier leider de hogepriester Omnofris is. Jaar 1, Epiphi 1 [= 2 juli 51 v.Chr.]
Ptolemaeus XIIIHaar broer Ptolemaeus wordt in geen van deze inscripties genoemd, waarschijnlijk omdat hij alleen in naam en niet in de praktijk als koning werd beschouwd. Dit is belangrijk om op te merken. Cleopatra was aanzienlijk ouder dan haar broer, wiens jonge leeftijd het voor hen onmogelijk maakte om met elkaar te trouwen in overeenstemming met de Egyptische koninklijke gewoonte. Zij was dus de daadwerkelijke heerser, terwijl haar broer een machteloos aanhangsel was. Achteraf gezien is het gemakkelijk in te zien dat dit geen verstandige keuze was. Het zou verstandiger zijn geweest als Cleopatra haar broer als officiële mederegeerder had aanvaard, terwijl ze achter de schermen aan de touwtjes trok en de echte macht in handen hield. Zoals het was, openden Cleopatra’s openbare acties een weg naar meer invloed voor de adviseurs van haar broer, de officier Achillas, de leraar Theodotus en de eunuch Potheinos. Ze waren in staat om de opkomende vijandschap tussen Cleopatra en Ptolemaeus XIII in hun eigen voordeel uit te buiten.
Een ongelukkig jaar
De aanwezigheid van haar broer als een potentieel groeiende politieke kracht, wat niet helemaal doordacht was, blijkt uit een decreet van 27 oktober 50 v.Chr. De inhoud van de brief is typerend voor het ongelukkige jaar dat werd gekenmerkt door misoogsten door onregelmatige overstromingen. Alle graan en peulvruchten die in Opper- en Midden-Egypte werden geoogst, moesten naar Alexandrië worden gestuurd. De dood wachtte iedereen die de wet overtrad. Het feit dat Cleopatra en Ptolemaeus in deze zaak samen optraden, getuigt van de grote relevantie ervan. Zonder goede oogsten riskeerde Egypte de ondergang. Het ergste van alles is dat als de rusteloze bevolking van Alexandrië niet te eten krijgt, er van alles kan gebeuren, zelfs paleisbestormingen en koningsmoord.
Romeins standbeeld van CleopatraIn deze situatie was regeren over Egypte geen benijdenswaardige taak. Het belastingstelsel stortte in, arme boeren zwierven over de wegen en de prijs van tarwe bereikte recordhoogtes. Bovendien klopten de Romeinen met harde en vastberaden eisen op de poort. Crassus, een van de triumvirs die over het lot van de Romeinse Republiek beslisten, was in 53 v.Chr. opgetrokken tegen de Parthen, leed een nederlaag in de Slag bij Carrhae en kwam om tijdens de terugtocht. Omdat de Romeinen goede redenen hadden om te vrezen dat de Parthen Syrië zouden binnenvallen, stuurde de gouverneur van de provincie, Marcus Calpurnius Bibulus, aan het eind van het jaar 51 zijn twee zonen naar Egypte om de Gabiniërs over te halen weer in dienst van het Romeinse Rijk te treden. Het verzoek viel niet in goede aarde. De huurlingen waren gewend geraakt aan het vredige en bevoorrechte leven in Alexandrië en aarzelden om hun gezinnen achter te laten door naar het gevaarlijke Syrië te marcheren. De onderhandelingen liepen stuk, er braken gevechten uit waarbij de Gabiniërs beide broers doodden. Voor Cleopatra was dit buitengewoon ernstig: ze moest nu ofwel de Gabiniërs vernederen door de moordenaars te arresteren, ofwel de Romeinen vernederen door solidair te zijn met haar huurlingen. Ze koos voor de eerste optie, arresteerde de moordenaars en stuurde ze naar de Romeinen in Syrië.
Onze bronnen zeggen niet hoe het incident Cleopatra’s positie heeft beïnvloed, maar het is onwaarschijnlijk dat het in haar voordeel was. De Gabiniërs zullen het niet gewaardeerd hebben dat hun heerseres leden uit hun eigen kring aan de Romeinse justitie overdroeg. Voor de binnenlandse vijanden van de koningin, mannen als Potheinos en Achillas, was dit goed nieuws: als men met geweld tegen Cleopatra zou willen opstaan, zouden de Gabiniërs geen tegenstand bieden.
Gnaeus Pompeius Magnus – Beeld in het Louvre (CC BY-SA 4.0 – Alphanidon – wiki)De volgende Romeinse eis aan Egypte kwam anderhalf jaar later en was nog ernstiger. Aanleiding was de plotseling ontstane Romeinse burgeroorlog tussen Caesar en Pompeius. Het triumviraat was uiteengevallen, mede door de dood van Crassus bij Carrhae, en de voormalige vrienden waren vijanden geworden. Julius Caesar had zijn legioenen vanuit zijn Gallische provincie in Noord-Italië over de grensrivier Rubicon geleid en Italië bezet. Pompeius was de Adriatische Zee overgestoken en begon een leger op te bouwen in Macedonië. In de vroege zomer van 49 stuurde hij zijn oudste zoon Gnaeus Pompeius naar Alexandrië en vroeg Cleopatra om hulp. Omdat zij en haar familie de troon aan Pompeius te danken hadden – hij had Ptolemaeus XII in Rome geholpen en hem gesteund in de succesvolle poging om Egypte te heroveren – voelde ze zich gedwongen om toe te stemmen. Vijfhonderd Gabiniërs, zestig oorlogsschepen en een grote hoeveelheid tarwe werden ter beschikking gesteld aan Pompeius.
Volgens een veel later gerucht moet Cleopatra van de gelegenheid gebruik hebben gemaakt om Gnaeus Pompeius te verleiden tijdens zijn verblijf in Alexandrië, maar er zijn geen aanwijzingen dat dit waar is. Voor haar was het bezoek hoogst onwelkom en de gevolgen lieten niet lang op zich wachten. De combinatie van algemene ontevredenheid onder de bevolking over de slechte tijden en woede over de kruiperigheid voor de Romeinen gaf de adviseurs van haar broer de moed om de koningin aan te vallen.
We weten niet wanneer of hoe de staatsgreep is uitgevoerd, maar het resultaat is duidelijk zichtbaar in het nummeringssysteem van de regeringsjaren. Jaar 49 v.Chr. werd opnieuw gedefinieerd als ‘jaar 1 dat ook jaar 3 is’. Dit moet worden geïnterpreteerd als het derde jaar na de formele troonsbestijging van Ptolemaeus, aan de zijde van de dominante Cleopatra, maar het eerste jaar waarin hij alleen regeerde. In de zomer van 49 verdwijnt ook Cleopatra’s naam uit officiële documenten. Kort daarna werd het nieuwe nummeringssysteem weer net zo snel geschrapt als het was geïntroduceerd: Ptolemaeus begon zijn regering terug te dateren en te doen alsof zijn zus nooit een regerende koningin was geweest.