Tijdens de Tweede Wereldoorlog maakte Chaim Rumkowski een keuze. Rumkowski werkte namelijk samen met de nazi’s. Deze keuze was bijzonder, gezien Rumkowski’s joodse afkomst en de intenties van de mensen met wie hij ging samenwerken. Bewust of niet, ieder mens maakt talloze keuzes in zijn leven. Al deze keuzes hebben consequenties voor later, ook al zijn deze niet direct zichtbaar.

Onopvallend leven
Voor de Tweede Wereldoorlog leidde Rumkowski een onopvallend leven. Hij was weduwnaar en had tot tweemaal toe alles verloren, de eerste keer voor de Eerste Wereldoorlog en daarna tijdens de Russische Revolutie. Hij had een aantal beroepen geprobeerd, onder andere het verkopen van verzekeringen. Later stichtte hij een joods weeshuis met behulp van zijn contacten in de zakenwereld. Hij vroeg regelmatig de rijkere inwoners van Łódź om geld. Hij was gek op kinderen. De affectie leek oprecht te zijn, want hij omringde zichzelf met kinderen. Toch werd er gefluisterd dat hij iets te betrokken met de dames en volwassen meisjes was.
Daarnaast was hij lid van de lokale zionistische partij en het kehillah bestuur, een joodse organisatievorm. Hij stelde zich koppig op en werd door zijn houding uit de zionistische partij gezet. Dit gebeurde toen de zionistische organisatie tijdens een meningsverschil zijn leden terugtrok van het kehillah-bestuur. Rumkowski weigerde te vertrekken en werd daarom uit de zionistische partij gezet.
Tweede Wereldoorlog
Op 1 september 1939 barstte de Tweede Wereldoorlog met veel geweld los. De Luftwaffe bombardeerde Poolse doelen. Het slagschip Schleswig-Holstein opende het vuur op een Pools munitiedepot en Duitse soldaten trokken de grens over. Een week later, op 8 september, werd Łódź ingenomen door de Duitsers. De stad kreeg een andere naam: Litzmannstadt, naar de Duitse generaal die haar tijdens de Eerste Wereldoorlog veroverde. Op 13 oktober 1939 werd Rumkowski voorzitter van de Judenrat aangesteld.
Over de aanstelling is onduidelijkheid. Een vertelling stelt dat Chaim Rumkowski werd aangesteld door spraakverwarring. De Duitsers wilden weten wie de Oudste was. Rumkowski had dit opgevat als wie het oudste was en gereageerd. Daarop hadden de Duitsers hem ingesteld. Volgens een ander gerucht speelde Rumkowski achter gesloten deuren een politiek spelletje waardoor hij als hoofd van het getto werd gekozen.
Vrijwel meteen nadat Rumkowski een bestuur had samengesteld begonnen de problemen al. Hij had 30 leden voor zijn bestuur verzameld, waarvan er 22 in november 1939 werden gearresteerd en geëxecuteerd. Toen Rumkowski probeerde in te grijpen werd hij mishandeld. Hoewel Rumkowski een nieuwe raad samenstelde, had dit nauwelijks enige betekenis.
Op 1 mei 1940 werd dit gebied, bestaande uit de wijken Stare Miasto en Bałuty, afgesloten om als getto te dienen. De Duitsers hielden de wacht aan de buitenkant van het getto, terwijl de joodse politie aan de binnenkant patrouilleerde. Indien joden het prikkeldraad te dicht naderden werden zij door de Duitsers zonder waarschuwing neergeschoten. Meerdere slachtoffers vielen door deze moordlustige regeling. Andere regelingen stelden dat joden een gele ster op de borst en rug moesten dragen.

Getto
Binnen het getto ontstond een sociale hiërarchie. Rumkowski vormde de top. Daaronder stonden de politie, de getto-instanties en de directeuren van de fabrieken. Daaronder bevonden zich de goede werkers en de mensen die zwaar werk verrichtten. Onder hen stond de meerderheid van het getto, de gewone inwoner. Helemaal onderaan stonden mensen die niet werkten of niet konden werken. Onderlinge spanningen tussen de groepen waren groot. Voedsel werd ongelijk verdeeld en corruptie was alomtegenwoordig.
Ondanks dat Rumkowski aan het hoofd van het getto stond, regeerde hij niet alleen. Hij kreeg zijn orders van Hans Biebow, die de Duitse administratie van het getto leidde. Biebow stelde alle eisen en liet de uitvoering aan Rumkowski over. Biebow maakte van deze gelegenheden gebruikt om zelf veel geld te verdienen. Inzamelingsacties werden opgezet om joden te beroven. Waardevolle bezittingen, zoals juwelen, moesten overdragen worden aan de nazi’s, die vaak een fractie van de waarde ervoor terug gaven. Daarnaast werden de joden als slaven ingezet om goedkoop dingen te produceren.

Door deze omstandigheid bevond Rumkowski zich in een lastige positie. Hij moest voldoen aan de eisen Duitsers, terwijl hij ook het getto in stand moest houden. Toch bleef Rumkowski aan als hoofd van het getto, in tegenstelling tot Adam Czerniaków, de Joodse leider van getto van Warschau die zelfmoord pleegde na onmogelijke eisen van de nazi’s.
Honger
Het leven in het getto van Łódź was lastig. Voedsel was er nooit genoeg. Sommige mensen stortte letterlijk in elkaar bij hun werkbanken, omdat zij zo hongerig waren. Toch kwam de illegale handel niet op gang, want het getto had zijn eigen munteenheid, die daarbuiten waardeloos was. Hierdoor werd het isolement compleet, doordat contacten met de rest van de stad lastig waren. Daarnaast zorgde dit ervoor dat het getto overgeleverd bleef aan de nazi’s, want wapens konden niet gekocht worden.
Toch probeerde Chaim Rumkowski het joodse leven binnen het getto op te zetten. Fabrieken en werkplaatsen werden geopend, net als ziekenhuizen, weeshuizen, gaarkeukens en scholen. Hierdoor werden de pretenties van een normaal functionerende leven volgehouden. De scholen werden aangepast naar de nieuwe situatie. Het opzetten van fabrieken was lastig doordat de nazi’s het getto eerder geplunderd hadden. Alles moest opnieuw worden opgebouwd. Toch was de toevoeging van de ziekenhuizen en scholen belangrijk, want zo werden nog enige voorzieningen in stand gehouden. De kinderen op de scholen probeerde Rumkowski extra goed te verzorgen door hen bijvoorbeeld snoep te geven. Met de tijd werd de grip van de nazi’s op het getto echter sterker. De ziekenhuizen en scholen werden gesloten.

Chaim Rumkowski als voorzitter
Rumkowski had als voorzitter van de Judenrat ongekende macht. Hij beheerste alles: het uitdelen van voedsel, de huisvesting in het getto en de lijsten voor de deportaties. Voor hem was het belangrijk om rust binnen het getto te bewaren en hij bezat veel mogelijkheden om de orde te handhaven. De Duitse politie en de gevangenis waren middelen, maar krachtiger was het ontzeggen van voedsel of het ontnemen van werk. Wanneer dit gebeurde was iemand gedoemd een langzame hongerdood te sterven. Soms werden mensen door de honger zover gedreven dat zij hun overleden familieleden niet begroeven, omdat zij extra rantsoenen hoopten te krijgen. Meer daarover valt te lezen in de kroniek van het Getto van Łódź.

Een andere controverse draait om het misbruiken van vrouwen. Vanuit zijn machtspositie zou Rumkowski zich meerdere malen aan hen vergrepen hebben. De vrouwen zouden hem hebben laten begaan omdat Rumkowski hen anders naar de kampen zou sturen. Andere intimideerde hij door voedsel in te houden of extra uit te delen.
Opvallend is dat Rumkowski ondanks deze misdragingen in het getto trouwde. Op 27 december 1941 trad hij in het huwelijk met Regina Weinberg (1907-1944). Zij was 30 jaar jonger en had voor de oorlog gehoopt haar eigen advocatenkantoor te beginnen. Na het huwelijk werden 600 telegrammen verstuurd om het paar te feliciteren. Later adopteerden zij nog een zoon, Stanislaw Stein.
Rumkowski meende dat de nazi’s hun beleid af zouden zwakken, als de joden alles deden wat hen werd bevolen. In het begin deelden anderen die overtuiging, maar later kwam Rumkowski meer alleen te staan in zijn geloof. Toch waren er momenten waarop hij zijn beleid reflecteerde, zoals tijdens de twee trips die hij maakte naar het getto van Warschau. De doden lagen daar op straat, terwijl in Łódź de lijken vrijwel meteen werden opgeruimd. Hij nam voor maatregelen in te voeren om zulke chaos in zijn ‘eigen’ getto te voorkomen.
Ook al was het beleid van Łódź mogelijk beter, de voedselsituaties waren in beide getto’s even afschuwelijk. Toch slaagde Rumkowski erin enige pretenties van het normale leven vol te houden. Voor hem zal dit een bevestiging van zijn beleid zijn geweest.

De grootste controverse hangt rondom Rumkowski’s acties van 4 september 1942. In opvolging van Duitse bevelen verzocht hij de inwoners van de getto om alle kinderen onder de 10 en alle ouderen boven de 65 aan hem over te dragen. Zij zouden worden afgevoerd en de mensen in staat stellen harder te werken. Zelf maakte hij een vergelijking:
“Ik moet deze moeilijke en bloedige operatie zelf uitvoeren. Ik moet de ledematen afhakken om het lichaam zelf te redden.”
Voor Rumkowski, die zelf van kinderen hield, gezien zijn verleden, zal het ook zwaar gevallen zijn om deze order door te voeren. De volgende dag begon de deportatie, waardoor uiteindelijk 6.000 kinderen zouden worden afgevoerd.
Liquidatie van het getto

Toen het Sovjetleger op 19 januari 1945 Łódź bevrijdde vonden zij slechts 877 joden, terwijl er ruim 200.000 mensen in het getto geweest waren. Sommige waren erin geslaagd onder te duiken en deportatie te ontwijken. Anderen waren uitgekozen om het getto op te ruimen. Zo’n 10.000 van de 200.000 joden wisten in verschillende kampen te overleven. De rest was omgekomen in verschillende omstandigheden.
Door de controverses van de Holocaust en de houding van Rumkowski is het lastig om te bepalen in hoeverre hij een opportunistische, sadistische machtswellusteling was of dat hij oprecht geloofde in het redden van de joodse gemeenschap. Ongetwijfeld diende hij lastige keuzes te maken. Toch neemt dit niet weg dat Rumkowski bepaalde handelingen beging waarvoor geen excuses zijn, zoals het misbruiken van de vrouwen onder zijn gezag. Hierin handelde hij zelf. In het verleden is er hard over hem geoordeeld, maar tegenwoordig zijn er historici die milder oordelen. De discussie over Chaim Rumkowski zal nog lang voortduren.
Lees ook: Dagboek van een getto: de kroniek van Łódź 1941-1944
…en: Getto’s, ontwikkeling van een begrenzend begrip
Boek: Kroniek van het Getto van Łódź