De Antichrist

/
3 minuten leestijd
De paus als Antichrist: wie de penning omdraait, ziet de duivel
De paus als Antichrist: wie de penning omdraait, ziet de duivel (CC BY-SA 4.0 - Ghent University Library)

Ergens achterin uw bijbel vindt u de drie brieven van Johannes. Ze heten zo omdat ze enkele opvallende motieven delen met het Evangelie van Johannes, zoals de tegenstelling tussen licht en donker. Ook het thema van de proloog van het vierde evangelie, dat god mens is geworden, is aanwezig in de drie brieven. Wie ze heeft geschreven, is overigens onduidelijk. Er zijn stilistische verschillen tussen de evangelist en de auteur van de drie brieven, die zich ook niet identificeert als de evangelist. In plaats daarvan noemt hij zichzelf πρεσβύτερος, “oudste”.

De jodendommen van de eerste christenen

Ongeacht het auteurschap hebben we te maken met de literatuur van een aparte groep. Onder degenen die Jezus vereerden waren immers verschillende stromingen, afhankelijk van de achtergrond van de gelovigen. Zo waren er farizeeën als Paulus die Jezus erkenden als messias, waren er joden die Jezus beschouwden vanuit priesterlijk perspectief en hebben Jezus’ familieleden weleens naar de henochitische literatuur gekeken. Het dualisme van het Johannesevangelie lijkt op dat van de sekte van de Dode-Zee-rollen.

Het is een gemeenplaats dat Jezus een jood was. Het is eveneens een gemeenplaats dat zijn volgelingen joods waren. Het wordt pas interessant als we kijken naar de jodendommen van de eerste gelovigen. Daar ergens moet het idee zijn ontstaan dat Jezus alleen een god was.

De Antichrist

Het gaat hier om het woordje “alleen”. Dat Jezus een god was, was een ongebruikelijk maar niet onmogelijke gedachte. Het toenmalige jodendom kende immers een tweede, lagere godheid. De eerste gelovigen herinnerden zich echter dat Jezus ook een mens was geweest. We zijn hier nog vér verwijderd van de latere discussies over de twee naturen van Christus, maar de aanzet was er.

Het thema is besproken geweest in de groep waarin de Eerste brief van Johannes circuleerde. De auteur keert zich tegen degenen die Jezus niet beschouwen als messias. Ze zijn “tegen de messias”, wat de letterlijke vertaling is van het Griekse αντίχριστοι, “antichristen”.

Nu al treden er veel antichristen op, en daardoor weten we dat dit het laatste uur is. Ze zijn uit ons midden voortgekomen maar ze hoorden niet bij ons, want als ze werkelijk bij ons hadden gehoord, zouden ze bij ons gebleven zijn. … Bestaat er een grotere leugenaar dan iemand die ontkent dat Jezus de messias is? 1 Johannes 2.18-22; NBV21

Even verderop lezen we dat de ontkenning van Jezus’ messiasschap bestaat uit de ontkenning van zijn mens-zijn. Hij zou slechts in schijn mens zijn geweest.

“De Geest van God herkent u hieraan: iedere geest die belijdt dat Jezus Christus als mens gekomen is, komt van God. Iedere geest die dit niet belijdt, komt niet van God; dat is de geest van de antichrist.” 1 Johannes 4.2-3; NBV21

Iets dergelijks lezen we in de ultrakorte Tweede Brief van Johannes, regel 7:

Er zijn veel dwaalleraren in de wereld verschenen die de komst van Jezus Christus als mens niet belijden. Dat nu is de verleider, de antichrist!

Docetisme

Voor de groep die de Johanneïsche teksten las, waren antichristen dus mensen die ontkenden dat Jezus mens was geweest. En dus de messias, want de messias was een mens van vlees en bloed. Naast de antichristen, meervoud, die van de Johanneïsche groep waren afgescheiden, kende de auteur van 1 Johannes ook iemand die hij identificeert als “de” antichrist, enkelvoud. Dat zal de leider wel zijn geweest van de afgescheidenen.

Latere generaties hebben deze Antichrist gelijkgesteld aan de Wetteloze Mens en het Beest uit de Openbaring. Daar is een hoop speculatie uit voortgekomen (Nero, de paus, Napoleon, Hitler, Trump…) waar we het nu niet over hoeven hebben.

Ik wil nog wel noemen dat de opvatting dat Jezus slechts in schijn mens is geweest, het zogeheten docetisme, geen trivialiteitje van vroeger is. Het idee circuleert nog altijd. Toen in 1988 The Last Temptation of Christ in de bioscopen draaide (een film met een Jezus met maar al te menselijke gevoelens voor vrouwen), waren er protesten omdat dit blasfemisch zou zijn. Onzin natuurlijk. Als Jezus mens is geweest, heeft hij seksuele verlangens gehad. Daarover zijn we verder niet geïnformeerd en het is ook onbelangrijk, maar sommige docetistische activisten gingen zo ver een brandbom te plaatsen. Dat leek me eigenlijk redelijk antichristelijk.

~ Jona Lendering
Historicus, webmaster van Livius.org en docent bij Livius Onderwijs. Hij publiceerde verschillende boeken. Zie ook: mainzerbeobachter.com en grondslagen.net

Abonneer
Stuur mij een e-mail bij
guest
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties
Eerder gepubliceerd

‘Heidense smeerlapperij’

Hierna verschenen

Hoe de kousen in de 16e eeuw langzaam zwart kleurden

0
Reageren op dit bericht?x