De Churchill factor

Wat maakte Winston Churchill (1874-1965) tot een van de meest markante en unieke regeringsleiders van de twintigste eeuw? Deze vraag stelt journalist en politicus Boris Johnson zich in De Churchill factor. Hoe één man geschiedenis schreef (Spectrum, 2015). Churchill blijkt een veelzijdiger man te zijn dan menigeen denkt. Zo speelde hij een belangrijke rol op taalgebied.

‘Iets heiligs en magisch’

Als Brit groeide Johnson op met het besef dat Winston Churchill de grootste staatsman was uit de Engelse geschiedenis. Churchill moest wel ‘iets heiligs en magisch’ hebben, zo redeneerde de kleine Johnson, want zijn grootouders bewaarden een Daily Express van de dag waarop Churchill, 90 jaar oud, overleed. Maar tegenwoordig, zo constateert Johnson leesbaar geschokt, gaat er bij veel jongeren in Groot-Brittannië geen belletje rinkelen bij het horen van de naam Winston Churchill.

Het belang van Churchill op het politieke wereldtoneel is echter onmiskenbaar, aldus Johnson. De invloed van Churchill op de wereld waarin we nu leven was groot. Feitelijk redde Churchill de beschaving. Tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog speelde hij een cruciale rol bij de overwinningen van de geallieerden. Voorts had hij als vooruitstrevend politicus een belangrijk aandeel in de opbouw van de Engelse verzorgingsstaat, de totstandkoming van Israël in 1948 en, ten slotte, de beginfase van de Europese eenwording. Redenen genoeg dus voor een intrigerende biografie. En die heeft Johnson geschreven.

Roekeloos cq. dapper

Churchill en de Duitse keizer Wilhelm II in 1906
Churchill en de Duitse keizer Wilhelm II in 1906
In zijn jeugdjaren was Churchill, die op school voortdurend slaag en straf kreeg en zichzelf daarom een schlemiel vond, dol op gevaar, wat hij dan ook regelmatig opzocht. Feitelijk was Winston Churchill behoorlijk roekeloos, of, positiever geformuleerd, dapper. Johnson noemt verscheidene voorbeelden waaruit dit blijkt. Zo stortte hij op 20-jarige leeftijd bijna met een vliegtuig te pletter, en koos hij als soldaat en als militair-verslaggever altijd voor het gevaar van de frontlinie. Churchill vocht op vier continenten en raakte verscheidene malen gewond door onvoorzichtig gedrag.

- advertentie -

Johnson schrijft:

“Churchills dapperheid was geen jas die hij aantrok; het was geen masker waarmee hij worstelde. Hij zat eenvoudig zo in elkaar. De waaghalzerij stroomde door zijn aderen, als een soort brandstof met een hoger octaangehalte dan de brandstof waarop de rest van ons functioneert.” (77)

Taalkundig vernieuwer

Interessant is dat Johnson ook kijkt naar onderbelichte aspecten uit het leven van Churchill, zoals de rol die hij speelde in taalkundige vernieuwing. Churchill was een van de grote taalkundige vernieuwers van de moderne tijd:

“Wanneer wereldleiders bijeenkomen om een crisis te bespreken, organiseren zij een topconferentie waarop zij discussiëren over het Midden-Oosten of mogelijk over het risico dat Rusland een nieuw IJzeren Gordijn zal creëren. Dit zijn alle drie neologismen die zijn bedacht of bepleit door Churchill. Soms kon hij op [de historicus] Edward Gibbon lijken; soms leek hij meer op een excentrieke Gibbon maar hij was altijd productief en hij was razendsnel.” (89)

Johnson heeft gelijk dat Churchill het begrip ‘IJzeren Gordijn’ bepleitte en bij het algemeen publiek bekend maakte. Toch is het begrip ‘IJzeren Gordijn’ feitelijk voor het eerst gebruikt door Joseph Goebbels aan het einde van de Tweede Wereldoorlog, zoals te lezen is in het boek Ooggetuigen van de Eerste Wereldoorlog (2006) van de historici Marcel Stuivenga en Willem Melching.

Churchill vs. Hitler

Churchills vaardigheid met taal kwam natuurlijk ook tot uiting in zijn speeches. Als spreker kon Churchill niet tippen Adolf Hitler, zo stelt Johnson terecht. Waar Hitler een opzwepende demagoog was die als doel had om agressie en haat op te wekken bij zijn publiek (richting vijanden), was Churchill veel meer een literair verteller wiens speeches geen eenduidig doel hadden. De geregisseerde opbouw, perfecte timing en betekenisvolle armgebaren die Hitler gebruikte, ontbraken in de speeches van Churchill.

De Churchill factor - Boris Johnson
De Churchill factor – Boris Johnson
De toespraken van Churchill kenmerkten zich wel door het veelvuldig gebruik van epigrammen, kleine grapjes, korte zinnen zonder werkwoord en vooral door het gebruik van korte woorden. In De basis van de retorica, een essay van Churchill uit 1897, schreef hij stellig over het belang om vooral korte woorden te gebruiken in speeches. Hij gebruikte dan bijvoorbeeld free in plaats van liberated. Vertaald naar het Nederlands lezen we in Churchills essay:

“Het publiek wil het liefst korte, vertrouwde woorden die iedereen gebruikt. De kortste woorden in een taal zijn meestal het oudst. Hun betekenis is dieper in het nationale karakter ingesleten en appelleren sterker op het begrip dan woorden die recenter geïntroduceerd zijn vanuit het Latijn en Grieks.” (107)

Toen Engeland op 20 augustus 1940 de Slag om Engeland had gewonnen, sprak Churchill met het gebruik van korte zinnen en in alliteratiestijl tot de harten van het Engelse volk. Retorisch zaten de paar zinnen die hij sprak – waarbij hij het begrip oorlog prachtig verwoordde als ‘the field of human conflict’ – sterk in elkaar:

Never in the field of human conflict has
So much been owed by
So many to
So few

~ Enne Koops

Boek: De Churchill factor – Boris Johnson

Bestel dit boek bij:

Bekijk ook onze uitgebreide onderwerpenlijst of het personenregister

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net

Gelijk naar geschiedenisboeken over: