Je suis Joan Derk

“Zorg voor de vrijheid van drukpers, want zij is de enige steun van Uw nationale vrijheid. Als men niet vrij tot zijn medeburgers kan spreken, en hen niet bijtijds kan waarschuwen, dan valt het de onderdrukkers van het volk al zeer gemakkelijk hun rol te spelen. Daarom is het dat zij wier gedrag geen onderzoek kan velen, altijd zo tegen de vrijheid van schrijven en drukken ageren en wel graag zouden zien dat er niets gedrukt of verkocht zou worden zonder toestemming.”

– Joan Derk van der Capellen tot den Pol

De vrijheid van meningsuiting staat tegenwoordig weer onder druk. Nadat moslimextremisten de redactie van het satirische blad Charlie Hebdo vermoordden gingen er in Nederland stemmen op om de vrijheid van meningsuiting aan banden te brengen. ‘Zelfcensuur: wen er maar aan’ schreef antropologe Annette Jansen in Trouw.

Joan Derk van der Capellen tot den Pol (1741-1784)
Joan Derk van der Capellen tot den Pol (1741-1784)
In de achttiende eeuw – de eeuw van pruiken, pamfletten en patriotten – was deze mening in Nederland gemeengoed. Over bepaalde zaken mocht niet worden gesproken. Daar rustte een taboe op. Het beroemdste pamflet uit de Nederlandse geschiedenis, het in de nacht van 25 op 26 september 1781 verspreidde Aan het Volk van Nederland, moest daarom ook anoniem verschijnen. De schrijver zou anders ongetwijfeld in de gevangenis zijn beland. Meer dan honderd jaar later, in 1891, kon worden vastgesteld dat Joan Derk van der Capellen tot den Pol (1741-1784) deze anonieme auteur was.

- advertentie -

Over Joan Derk van der Capellen tot den Pol is het een en ander geschreven. In 1922 verscheen de grondige, maar moeilijk door te komen biografie van De Jong; Jan Romein schreef een schitterend essay over Van der Capellen in Erflaters van onze beschaving; in 1984 verscheen de herdenkingsbundel De wekker van de Nederlandse natie en ten slotte kwam in 2013 de korte biografie Patriot en populist avant la lettre van ondergetekende uit, waarin Van der Capellen met de Engelse politicus John Wilkes en met Pim Fortuyn wordt vergeleken.

Wie was Joan Derk van der Capellen? En wat maakt hem zo bijzonder?

Het paard van Troje

Joan Derk van der Capellen werd op 2 november 1741 geboren te Tiel. De Van der Capellens waren een oud adellijk geslacht en hadden in het hertogdom Gelre vaak belangrijke functies bekleed. Frederik Jacob van der Capellen, de vader van Joan Derk, was echter kapitein in het Staatse leger en was vaak ingekwartierd in garnizoensplaatsen. Joan Derk werd opgevoed door zijn moeder, Anna Elisabeth van Bassenn, en haar vader, Dirk Renier van Bassenn. De oude Van Bassenn was eens burgemeester van Arnhem, maar werd in 1708 uit zijn functie gezet omdat hij een leidende rol had gespeeld in de plaatselijke Plooierijen, het georganiseerde verzet van dissidente regenten en burgers tegen de zetmannen van stadhouder Willem III. Joan Derk, die in 1778 uit de Staten van Overijssel gezet zou worden, heeft zijn grootvader wellicht als rolmodel gezien.

Van 1758 tot 1763 studeerde Van der Capellen rechten in Utrecht, zonder dat hij zich had ingeschreven als student en zonder dat hij afstudeerde. Tijdens zijn studie deed hij nieuwe staatsrechtelijke ideeën op en raakte hij ervan overtuigd dat de Nederlandse politiek hervormd moest worden.

De volgende negen jaar van Van der Capellens leven waren niet om vrolijk van te worden. In 1766 trouwde hij met Hillegonda Anna Bentinck tot Wittenstein, maar omdat het stel geen eigen inkomen had trokken ze bij haar moeder in. Vier jaar lang zou Van der Capellen in het huis van zijn schoonmoeder wonen. Van der Capellens droom was om de politiek van binnenuit te veranderen, maar het lukte hem niet om in de Staten van Gelderland te komen. Ondanks zijn adellijke achtergrond zat men daar niet zo om nieuwkomers verlegen. Daarom beproefde Van der Capellen zijn geluk in Overijssel. Hier lukte het aanvankelijk ook niet omdat Van der Capellen niet aan de voorwaarden voldeed om te worden toegelaten. Pas nadat stadhouder Willem V van Oranje ten gunste van Joan Derk besliste werd de baron in 1772 in de Overijsselse Staten geadmitteerd. De prins besefte pas later dat hij hiermee het paard van Troje had binnengehaald.

Tegendraads en theatraal

Joan Derk van der Capellen tot den Pol (1741-1784)
John Wilkes
Het blijkt dat Van der Capellen zich heeft laten inspireren door het Engelse Lagerhuislid John Wilkes, die met zijn provocerende acties in de jaren zestig van de achttiende eeuw voor veel ophef zorgde. Wilkes kwam op voor de vrijheid van meningsuiting en drukpers en wist de aandacht van de publieke opinie gevangen te houden. Van der Capellen kopieerde als Statenlid deze stijl. Net als Wilkes bracht hij geheime stukken in de openbaarheid, net als Wilkes speelde hij de rol van politieke martelaar en net als Wilkes deed hij een beroep op de volksstem. Beide politici werden uit de politiek gezet door hun collega’s, maar beide politici keerden dankzij de steun van het volk echter weer terug.

Toen Van der Capellen eindelijk in de Staten was geadmitteerd ontpopte hij zich al snel als de grootste tegenstander van de stadhouder, degene aan wie hij zijn positie had te danken. Met zijn tegendraadse mening en zijn felle betogen joeg Van der Capellen zijn collega’s tegen zich in het harnas. Van der Capellen was:

  1. voor versterking van de vloot in tegenstelling tot de stadhouder die versterking van het leger wilde;
  2. tegen de uitlening van de Schotse Brigade aan de koning van Engeland die daarmee de opstand in de Amerikaanse koloniën wilde neerslaan;
  3. tegen militaire jurisdictie, het feit dat de militaire rechtbank ook zaken tussen soldaten en burgers behandelde en de soldaten bevoordeelde;
  4. voor het handhaven van het Regeringsreglement en tegen de informele benoemingspraktijk en vriendjespolitiek;
  5. voor de afschaffing van de Drostendiensten, een uit de Middeleeuwen stammend instituut dat boeren in Overijssel verplichtte om tweemaal in het jaar kosteloos hand- en spandiensten te verrichten.

In zijn strijd maakte Van der Capellen gebruik van verschillende strategieën. Joan Derk was creatief. De rede tegen de uitlening van de Schotse Brigade werd, waarschijnlijk met zijn medeweten, gedrukt en was overal in Nederland te koop. Van der Capellen beweerde echter tegenover zijn collega’s dat deze publicatie buiten zijn medeweten was geschied. Omdat deze eerste druk fouten bevatte verscheen er een tweede druk van de rede waarin zijn woorden wel goed werden weergegeven. Het laten uitlekken èn het opnieuw laten drukken van zijn advies tegen de uitlening van de Schotse Brigade zorgde voor een nationaal schandaal. Wat eerst achterkamertjespolitiek was, werd nu besproken in de herbergen en op de pleinen, in de huiskamers en de leesgezelschappen. Er ontstond een sterk anti-Engelse stemming. De koning van Groot-Brittannië trok daarom zijn verzoek maar in.

Van der Capellen was theatraal. Toen zijn rede tegen de informele benoemingspraktijken in de secrete capse (de doofpot) belandde, toonde Van der Capellen zich hevig verontwaardigd. Joan Derk vond dat hij als geboren regent het recht had om in alle vrijheid zijn adviezen te geven. Hij hoefde toch zeker geen blad voor de mond te nemen? Het ging hem immers om de vrijheid en het algemeen belang. Hij suggereerde dat hij de enige was die een eerlijk en betrouwbaar regent was, een echte patriot, en plaatste zich hiermee in een uitzonderingspositie. Van der Capellen zag zichzelf als de roepende in de woestijn, de profeet die niet door zijn vaderstad werd geëerd. Zijn collega’s ergerden zich aan dit theater, maar Van der Capellen werd zo wel een held van het volk.

In de politieke woestijn

Aan het Volk van Nederland.
Aan het Volk van Nederland.
Van der Capellen durfde grote risico’s te nemen. In 1778 hield hij zijn rede over de onwettigheid van de Drostendiensten in Overijssel. Joan Derk had deze rede van tevoren laten drukken en onder het volk verspreid. Omdat Van der Capellen harde woorden gebruikte – hij had onder andere de Drostendiensten vergeleken met slavernij en gezegd dat de drosten die in de zeventiende eeuw de diensten opnieuw hadden ingevoerd schurken waren – werd hem de toegang tot de vergadering ontzegd. Vier jaar lang zou zijn politieke ballingschap duren.

Van der Capellen liet in de tijd van zijn politieke ballingschap zien dat hij geen eendagsvlieg was maar over een groot doorzettingsvermogen beschikte. Hij zette zijn strijd tegen de Drostendiensten voort. Zijn vriend en wapenbroeder François Adriaan van der Kemp, een doopsgezinde predikant uit Leiden, schreef voor Van der Capellen onder verschillende pseudoniemen een serie pamfletten tegen de Drostendiensten en bracht het verzamelwerk Capellen regent uit dat uit zes delen bestond en naast alle redes van Van der Capellen officiële documenten bevatte die eigenlijk niet voor publicatie bestemd waren. Van der Capellen legde door de publicatie van dit werk rekenschap van zijn daden af aan het publiek en brak weer met de gedragscode van geheimhouding. Capellen regent lijkt heel erg op het boekwerk English liberty, dat alle toespraken en officiële documenten over John Wilkes bevat. Van der Capellen en Van der Kemp hadden de stijl van dit boek exact gekopieerd.

Het bekendste geschrift van Van der Capellen is Aan het Volk van Nederland, het anonieme pamflet waarin de vriendjespolitiek van de regenten en het zwakke beleid van Willem V worden aangeklaagd en dat in de nacht van 25 op 26 september 1781 over heel Nederland werd verspreid. Dit pamflet was de klaroenstoot voor de patriottenbeweging. Dissidente regenten en ontevreden burgers verbonden zich en gingen ijveren voor politieke hervormingen en meer burgerinvloed. De patriotten bewapenden zich om hun vrijheid te verdedigen en richtten burgercommissies op die het lokale bestuur moesten controleren. Van der Capellen werd één van de belangrijkste leiders van de patriotten.

Successen en vroege dood

Penning
Penning
In de laatste jaren van zijn leven boekte Van der Capellen met steun van het volk enkele grote successen. Dankzij een petitiebeweging waarin Van der Capellen een niet onaanzienlijke rol had gespeeld, erkende Nederland als tweede land na Frankrijk in 1782 de onafhankelijkheid van de Verenigde Staten van Amerika. Daarna probeerde Joan Derk met een nieuwe petitiebeweging, die grootser was opgezet, zijn terugkeer in de Staten van Overijssel te bewerkstelligen. Op 1 november 1782 werd Joan Derk weer tot de Statenvergadering toegelaten. Het volk vierde Joan Derks readmissie uitbundig. Toen in februari 1783 eindelijk de gehate Drostendiensten in Overijssel werden afgeschaft, boden de dankbare boeren die deze diensten moesten verrichten Joan Derk een gouden gedenkpenning aan.

Van der Capellen kon echter slechts een korte tijd van zijn roem genieten. Op 6 juni 1784 overleed hij plotseling na een kort ziekbed. Na Joan Derks overlijden verschenen er allerlei lijkredes, gedichten en treurspelen. In een pamflet dat verscheen op 7 juni 1784 werd beweerd dat Van der Capellen misschien wel was vermoord, vergiftigd door de Oranjegezinden. Dit is waarschijnlijk niet waar – maar het geeft wel heel duidelijk aan hoe zeer zijn aanhangers geschokt waren door zijn plotselinge dood en net als Joan Derk zelf een aanslag niet irreëel achtten. Van der Capellen was zo gehaat dat in 1788, vier jaar na zijn dood en een jaar na de Oranjerestauratie, zijn graf te Gorssel met buskruit werd opgeblazen door Orangisten uit Zutphen.

Het graf van Joan van der Capellen werd door orangisten uit Zutphen opgeblazen
Het graf van Joan van der Capellen werd door orangisten uit Zutphen opgeblazen

Betekenis

Aan het volk van Nederland - Pim Fortuyn
Aan het volk van Nederland – Pim Fortuyn
De betekenis van Van der Capellen voor de patriottenbeweging is dat hij de patriotten in beweging bracht. Hij riep de burgers op zich te bewapenen, burgergecommitteerden te kiezen en druk uit te oefenen op het bestuur zodat de politiek werd hervormd. De Bataafse Revolutie stond uiteindelijk veel radicalere hervormingen voor dan Van der Capellen, maar de baron was de eerste die met kritiek kwam. Hij was de wekker van de Nederlandse natie.

Ook blijft Van der Capellen actueel. Pim Fortuyn beschouwde Van der Capellen als zijn “illustere voorganger en voorbeeld” en schreef een niet-anoniem pamflet Aan het Volk van Nederland, waarin hij opriep tot democratisering van Nederland en de achterkamertjes- en vriendjespolitiek van “ons soort mensen” hekelde.

Ten slotte is ook Van der Capellens strijd voor de vrijheid van meningsuiting en drukpers actueel. De vrijheid van meningsuiting is niet altijd fijn. Mensen die gebruik maken van deze vrijheid trappen anderen wel eens op de teentjes, zoals Van der Capellen meerdere malen gedaan heeft. Maar rebellen heb je nodig om de boel scherp te houden om iets nieuws te proberen. Joan Derk was zo’n rebel.

~ Ewout Klei

Ewout Klei is politiek historicus. Op dinsdag 17 februari spreekt hij over Van der Capellen in Hattem.

Bekijk ook onze uitgebreide onderwerpenlijst of het personenregister

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net

Gelijk naar geschiedenisboeken over: