Dark
Light

Staat geeft schilderijen terug aan Joodse erfgenamen

1 minuut leestijd

De Nederlandse Staat geeft dertien schilderijen uit de collectie van het Nederlands Kunstbezit aan erfgenamen van twee joodse kunstverzamelaars: Hans Ludwig Larsen en Richard Semmel.

Dorp in de winter van Jan van Goyen
Dorp in de winter van Jan van Goyen
Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) heeft dat gisteren bekend gemaakt. Minister Plasterk heeft een advies van de restitutiecommissie, die de regering adviseert over roofkunst, overgenomen.

Erfgenamen van de Joodse kunstverzamelaar Hans Ludwig Larsen ontvangen twaalf schilderijen die door de Staat in bruikleen zijn gegeven aan verschillende Nederlandse musea. Onder deze schilderijen het uit 1626 daterende werk Dorp in de winter van Jan van Goyen. Dit schilderij hangt momenteel in het Mauritshuis. Enkele andere werken die teruggegeven worden zijn Boeren op een wagen van Pieter Breughel de Jonge en Vrolijk gezelschap op terras in tuin van Dirck Hals.

De weduwe van de in 1937 overleden Hans Ludwig Larsen gaf tijdens de oorlog 32 schilderijen in bewaring aan museum De Lakenhal in Leiden. Het gezin vertrok vervolgens naar Amerika waardoor de Duitsers hun bezit beschouwden als vijandelijk vermogen. Museum De Lakenhal moest de werken daarom in beheer geven aan een Verwalter, een soort zaakwaarnemer. De werken werden vervolgens verkocht, onder meer aan een kunstinkoper voor Adolf Hitler. De erfgenamen krijgen nu dus dertien werken terug maar moeten wel 325.000 euro aan de Nederlandse staat bewaren omdat ze al eens geld ontvingen voor de schilderijen.

De erfgenamen van de Joodse kunstverzamelaar Richard Semmel krijgen het werk Portret van een man van de schilder T. de Keyser. Dit werk is momenteel in bruikleen bij MuseumgoudA. Volgens de restitutiecommissie staat vast dat deze dertien schilderijen als direct gevolg van het nazi-regime onvrijwillig uit het bezit van de oorspronkelijke eigenaar zijn geraakt.

Afwijzing

Een verzoek tot teruggave van eenendertig kunstwerken uit de collectie van de joodse kunsthandelaar Nathan Katz is afgewezen. De dochter van deze kunsthandelaar diende maart 2007 een verzoek in bij de restititiecommissie voor de teruggave van tweehonderd werken. Volgens de commissie staat van eenendertig werken onvoldoende vast dat deze tijdens de bezettingsjaren in bezit waren van de kunsthandelaar. Wat er met de overige werken is gaat gebeuren is nog niet duidelijk.

×