Dark
Light

In het voetspoor van Couperus naar Venetië

6 minuten leestijd
Basiliek van Torcello
Basiliek van Torcello (CC BY 3.0 - Sailko - wiki)

Zo ik iets ben, ben ik een Hagenaar, merkte Louis Couperus over zichzelf op. Dat neemt niet weg dat deze vermaarde auteur, schrijver van meesterwerken als Eline Veere en De Stille Kracht, bij voorkeur in Italië verbleef. De reisimpressies die hij hier schreef zijn verzameld in Uit blanke steden onder blauwe lucht (1912-13). Wat gebeurt er als een nieuwsgierige toerist nu de plaatsen bezoekt die zo’n eeuw geleden op de Haagse schrijver al zo’n indruk maakten? Op naar Venetië dus.

Murano, Burano en Torcello

– deel 1 –

Venetië, de stad in het water, heeft altijd een grote aantrekkingskracht uitgeoefend op de mens uit het Noorden. De stad lijkt een groot labyrint, waarin de bezoeker dreigt te verdwalen. Maar hoe hij ook loopt, vanaf het station via de brug over het Canale Grande, door smalle straatjes en stegen slenterend, steeds komt hij uit in het hart van de stad, het San-Marcoplein. Op de zonovergoten Piazza zijn ze nog in grote getallen aanwezig, de duiven. Couperus spreekt over een wolk van pluimen stuivende, klapwiekende duiven. In dit opzicht is er niets veranderd: nog steeds vliegen deze grijze ‘witmakers’ hier in drommen rond.

Duiven op het San-Marcoplein
Duiven op het San-Marcoplein (CC BY 4.0 – Vyacheslav Argenberg – wiki)

Stilte van het water

Nieuw, en nog hinderlijker, zijn de massa’s kwetterende vakantiegangers die zich rond de bezienswaardigheden verdringen, het fototoestel in de aanslag voor het gebruikelijke familiekiekje. Men doet er goed aan het voorbeeld van Couperus te volgen en de stilte van het water op te zoeken, uit te varen over de uitgestrekte lagune die het drukke Venetië omringt. De drie eilandjes die tot een bezoek uitnodigen, Murano, Burano en Torcello, liggen noordelijk van Venetië en zijn met het openbaar (water)vervoer gemakkelijk te bereiken. Het is raadzaam het eilandje San Michele te mijden. Hier ligt namelijk het kerkhof van Venetië. Couperus heeft gelijk:

…de zwarte cypressen van het doodeneiland spiegelen zich nog zwart in de klaar blauwe lagune weer.

Nederlandse indruk

De eerste aanlegplaats is Murano, waar op een ander bootje moet worden overgestapt. De plaats heeft zijn charme. Couperus zag het al:

Murano krioelt, om hare twee torens, hare nijvere industrie van glas- en mozaïekwerken en behalve dit moderne belang is de oude Dom van San Donato een belangwekkend Lombardiesch-Romaanse bouw, dateerend van de tiende eeuw.

Murano
Murano (CC BY-SA 2.5 – wiki)

Nu door naar Burano, het intieme eilandstadje met nauwe kanaaltjes, geestige bruggetjes, met een ouden Dom. Eigenlijk bevalt dit rustige plaatsje, waar niet veel te doen schijnt, ons nog beter dan het drukke Murano. Op Couperus maakte Burano een wat Nederlandse indruk…

…zoo als dikwijls het landschap, dat de lagune zoomt, iets laags en fijn-zacht Hollandsch vertoont. Dat is zeker juist gezien.

Fondamenta di Cao Moleca, Rio San Mauro en Fondamenta Cavanella in Burano
Fondamenta di Cao Moleca, Rio San Mauro en Fondamenta Cavanella in Burano (CC BY 4.0 – Jean-Pol GRANDMONT – wiki)

Maar waarom zeg je niets over de kleuren, Louis? Die strakke azuurblauwe hemel, die zich spiegelt in het water van de smalle gracht. Die kleurrijke vissersbootjes, waarvan de drogende visnetten verraden dat ze ’s morgens nog werden gebruikt. En dan de kleuren van de huizen aan weerszijden van het watertje, fel en schreeuwend aan de zonzijde, gedempt en rustig in de schaduw.

Troon van Attila

Dan varen we het laatste stukje dat Burano van het grootste eiland, Torcello, scheidt. De vierkante kerktoren, een campanile, rijst hoog op, als een baken in zee. Op Torcello, beschermd door het water van de brede lagune, zochten de bewoners van oude steden als Aquilea en Altinum lang geleden hun heil tegen aanvallen van de barbaarse noorderlingen. Daar was Attila de Hun, die door zijn wrede optreden wel de gesel Gods werd genoemd. Later vielen de Longobarden binnen, woeste Germanen, herkenbaar aan hun ‘longobarden’.

Bruggetje in Torcello
Bruggetje in Torcello (CC BY-SA 4.0 – TheRunnerUp – wiki)

We meren af in het haventje van Torcello en lopen langs het weggetje dat zich nog steeds langs het kronkelig kanaaltje windt. Kijk, daar is het bruggetje waar Couperus over sprak…

…het spiegelt zich zoo zoetjes neër in het water, dat de O die het vormt, mij ontroert.

Attila's troon in Torcello
Attila’s troon in Torcello (CC BY-SA 4. – Ethan Doyle White – wiki)
Het bruggetje ziet er thans, een kleine eeuw later, uitermate fragiel uit. Een stalen constructie behoedt het voor instorten. Het behoort duidelijk tot de dingen die voorbij zijn gegaan. Dan vervolgen we ons pad, tot we het graspleintje bereiken dat zich voor de Dom uitstrekt. Couperus spreekt over een ezel die hier graast en over kippen die er pikkende dwalen. Van deze landelijke idylle is niets overgebleven. We zien wel een kraampje waar, heel prozaïsch, ansichtkaarten, folders en boekjes over Torcello worden verkocht. Maar kijk, daar is wel die marmeren troon van Attila die door Couperus wordt genoemd, en die hij liever als bisschopszetel betitelde. Een witte marmerstenen kolos, grof uitgehouwen in de vorm van een troonzetel met armleuningen.

Gedrochtelijke mannetjes

In de basiliek van Torcello die omstreeks het jaar duizend werd gebouwd, wacht ons een verrassing. Het interieur van de kerk is rijk opgesierd met prachtig mozaïekwerk, te beginnen bij de ingelegde vloer. Het is niet moeilijk te achterhalen aan wie de kerk is gewijd. In het koorgewelf rijst statig en groots de Madonna van Torcella op, het zegenende Christuskind op de arm. De blauwe kleuren van haar lang vallende gewaad steken scherp af bij het vergulde gewelf dat haar omringt. Couperus zag het zo:

De indrukwekkende, reuzige mozaïek-figuur, de ernstige, haar tranen stortende, Moeder der Smarten, die vóór gevoelt wat lijden zal haar Kind, dat zij beurt in den arm.

Madonna van Torcella
Madonna van Torcella (CC BY-SA 3.0 – Remi Mathis – wiki)

Onder haar, aan haar voet, staan de apostelen afgebeeld, klein menschelijk. De verdere opsomming getuigt ervan dat de schrijver een scherp oog voor details bezat. Hij noemt de preekstoel, met de fijne zuiltjes, het Byzantijnsche pauwenmotief op de marmeren panelen van het koorhek en de…

…wijwaterbak uit de tiende eeuw, met de gedrochtelijke mannetjes, die zoo curieus haar torsen.

Pauwenmotief op het koorhek
Pauwenmotief op het koorhek

Te gruwelijk

Opvallend, de schrijver stopt zijn verslag na het noemen van deze bijzonderheden. Maar in de kerk is nog veel meer te zien, Louis. In de rechter zijkapel ontwaren we Christus, de rechterhand zegent, de linker houdt het Boek vast. Boven in het gewelf dragen engelen het schild, waarop, weer als mozaïek, het Lam Gods staat afgebeeld. Ultieme kunst, ingenieus inlegwerk, een geniale puzzel uit honderden kleine kleurrijke steentjes.

Christus Pantocrator in de basiliek van Torcello
Christus Pantocrator in de basiliek van Torcello (CC BY-SA 4.0 – José Luiz Bernardes Ribeiro – wiki)

Ook de achterwand van de kerk is bedekt met een geweldig mozaïek dat in vijf stroken boven elkaar, als een gigantisch verhalende compilatie, het Laatste Oordeel in beeld brengt. Boven is Christus afgebeeld die als zegevierende Messias in de hel is neergedaald om de voorouders, Adam en Eva voorop, uit de duivelse gevangenschap te verlossen. Daaronder Jezus als Rechter bij het Laatste Oordeel, omgeven door de apostelen. Herkenbaar zijn Petrus met de sleutels en Paulus met het Boek. Daar weer onder blazen de engelen luid op hun bazuinen om de gestorvenen op te wekken die te water of te land de dood hebben gevonden.

De voorstelling is op het eerste gezicht bevreemdend. Het lijkt wel of de roofdieren die staan afgebeeld menselijke lichaamsdelen verslinden. Maar nee, het gedierte der aarde wordt gedwongen de lichaamsdelen terug te geven, die ze ooit hebben opgegeten, zodat de complete mens kan opstaan. Geen woord hierover bij de Haagse estheet: waren de beelden te gruwelijk?

Mozaïek met het Laatste Oordeel in de kathedraal van Santa Maria Assunta op het eiland Torcello (CC BY-SA 1.0 – Ismoon – wiki)

Als we van Torcello naar Venetië terug varen is het al avond geworden. Hetzelfde panorama dat ooit Couperus voor ogen moet hebben gehad, rijst voor ons op:

De stad ligt, goud hare roomwitte paleizen aan getint, tegen de zinkende zon.

Prachtig gezegd, Louis! Meer dan een Hagenaar is voor ons Couperus een rasverteller met een open oog voor schoonheid.

Johan H. Winkelman (1940) was sinds 1970 als germanist-mediëvist aan de Universiteit van Amsterdam verbonden, sinds april 1999 als bijzonder hoogleraar Letterkunde van de Middeleeuwen, in het bijzonder de Duitse. Hij publiceerde en publiceert (sinds 2005 als emeritus) over de Middelhoogduitse en Middelnederlandse literatuur.

Gerelateerde rubrieken:

Gratis geschiedenismagazine

Ontvang, net als ruim 52.000 anderen, iedere week de gratis nieuwsbrief van Historiek:
×