Maand van de geschiedenis
Dark
Light

Thermografie – Een contactloze meetmethode

Meetinstrument ook bruikbaar bij archeologisch onderzoek
1 minuut leestijd
Warmteverlies in De Pijp in Amsterdam
Warmteverlies in De Pijp in Amsterdam - © Gemeente Amsterdam

Thermografie komt erop neer dat een archeoloog de temperatuurverschillen registreert om te onderzoeken wat er in de bodem zit. Als er bijvoorbeeld zonlicht op een stuk land valt, neemt de bodem warmte op, en afhankelijk van wat er in de grond zit gebeurt dat langzaam of snel, zoals de warmte later ook langzaam of snel wordt afgestaan. Klei en zand reageren anders dan steen of metaal. Het verschil tussen dag en nacht is al voldoende om patronen te herkennen.

Infrarood

Het meetinstrument is een infraroodcamera aan een vlieger, vliegtuig of drone, al zou het ook met een satelliet moeten kunnen. Het is wel zaak om op verschillende momenten van de dag te meten, want zowel de opname van warmte als het afstaan van warmte bieden informatie. Je kunt ook kijken naar vochtigheid: hoe snel neemt de bodem vocht op? De methode is natuurlijk niet specifiek voor de archeologie. U kent waarschijnlijk de thermogrammen wel waarop het energieverlies in stadswijken is te zien. Voor archeologen is deze methode echter een geavanceerde manier om soil marks te registreren.

Net als bodemradar heeft thermografie het voordeel dat er niets mee wordt vernietigd. De gevonden muurresten en voorwerpen blijven gewoon in de grond, zodat toekomstige archeologen ze met toekomstige technieken nog eens kunnen opgraven als de noodzaak daartoe bestaat. Thermografie is bovendien vrij goedkoop en omzeilt een berucht nadeel van bodemradar: die methode werkt niet echt lekker als de bodem ijzerhoudend is of bestaat uit heel fijne, goed geleidende korrels. Daar staat dan weer tegenover dat thermografie niet superdiep in de bodem kan doodringen en niet mogelijk is onder sommige weersomstandigheden.

In ontwikkeling

Zoals ik het heb begrepen, is de methode nog volop in ontwikkeling en zijn de archeologen nog volop aan het leren hoe het werkt. Bodemgesteldheid en vegetatie spelen een nog niet voldoende begrepen rol. Er zijn thermogrammen van muurresten gemaakt onder weersomstandigheden waarbij de onderzoekers eigenlijk geen resultaat dachten te kunnen behalen. Omgekeerd bestaan er thermogrammen waarop muurresten niet zijn te zien waarvan het bestaan met LIDAR was vastgesteld. Het komt dus nog even aan op testen: de meetresultaten zullen op de bodem moeten worden gecontroleerd (“ground truthing”).

Enfin. Of het nu gaat om satellietfotografie of LIDAR of bodemradar of thermografie: het prospectie-instrumentarium wordt steeds verder uitgebreid. Het gevolg is dat archeologie steeds meer met hele landschappen gaat bezighouden, en dat heeft weer gevolgen voor de bodembescherming. We kunnen moeilijk hele landschappen op de monumentenlijst plaatsen, al zijn er in veel Europese landen al wel enige regels. Er zijn echter ook andere belangen dan de archeologische.

Jona Lendering is historicus, webmaster van Livius.org en docent bij Livius Onderwijs. Hij publiceerde verschillende boeken en verzorgt een nieuwsbrief over de Oudheid. Zie ook zijn blog: mainzerbeobachter.com