Week van de koloniale geschiedenis
Dark
Light

Archeologisch onderzoek naar grafkelder Hofkapel van start

4 minuten leestijd
Reproductie van een prent van een gezicht op de Hofkapel te Den Haag
Reproductie van een prent van een gezicht op de Hofkapel te Den Haag, anoniem, 1880-1900 (Rijksmuseum)

Deze week is het langverwachte archeologisch onderzoek naar de grafkelder onder de voormalige Hofkapel aan het Binnenhof van start gegaan. Archeologen hopen meer te weten te komen over de geschiedenis van de dertiende-eeuwse Hofkapel en de middeleeuwse begravingscultuur.

Interieur van de Hofkapel tijdens het vrij leggen van de grafkelders in 1770 - Albertus Frese
Interieur van de Hofkapel tijdens het vrij leggen van de grafkelders in 1770 – Albertus Frese
De Hofkapel in Den Haag werd in 1289 gebouwd in opdracht van graaf Floris V en is eeuwenlang als begraafplaats gebruikt. Bekend is dat een groot aantal hooggeplaatste figuren er werden bijgezet in graven en graftombes, waaronder bekende historische figuren als graaf Albrecht van Beieren en gravin Jacoba van Beieren. En ook het stoffelijk overschot van raadpensionaris Johan van Oldenbarnevelt werd na zijn onthoofding op het Binnenhof overgebracht naar de grafkelder onder de kapel.

In de loop van de zeventiende eeuw, toen de kapel inmiddels in gebruik was genomen als Waalse Kerk, is een onbekend aantal graven geruimd, onder meer om een uitbreiding van de Hofkapel in de richting van de Hofvijver mogelijk te maken. En ook hierna werden de graven nog verschillende keren aangetast. In een poging de stoffelijke resten van de graven van Holland te vinden werden de kelders in 1770 bijvoorbeeld opengebroken. Tijdens dit onderzoek vond men onder meer een zesendertig centimeter lange haarvlecht, waarvan sommigen beweerden dat die van Jacoba van Beieren was. Deze claim is echter zeer discutabel, zeker aangezien in een opgravingsverslag werd vermeld dat geen enkel graf met zekerheid geïdentificeerd kon worden als dat van Jacoba van Beieren.

Bovenaanzicht van de grafzerk van de in Den Haag overleden Filips van Glymes, aangetroffen tijdens de opgravingen in de Hofkapel, 1770.
Bovenaanzicht van de grafzerk van de in Den Haag overleden Filips van Glymes, aangetroffen tijdens de opgravingen in de Hofkapel, 1770.

Er is enige informatie over de opgraving van 1770 bewaard gebleven. Zo is uit de bronnen bekend dat er destijds verschillende grafzerken, grafkelders en loden kisten met gebalsemde lichamen werden gevonden. Ook zijn verschillende tekeningen bewaard gebleven die tijdens de opgraving werden gemaakt. Hoewel de informatie van deze oude opgraving voor hedendaagse archeologen nuttig is, vreest men wel dat destijds niet alle grafstenen en stoffelijke resten na de opgravingen weer even nauwkeurig zijn teruggeplaatst.

Sloop en ‘heiligschennis’

Eind negentiende eeuw was de hofkapel dusdanig vervallen dat deze werd afgebroken om plaats te maken voor nieuwe kantoorruimtes van het Ministerie van Waterstaat en de Eerste Kamer. De grafkelder werd hierbij dichtgemetseld. Voorafgaand daaraan werd nog wel enkele dagen onderzoek gedaan en dit keer werd er beter gedocumenteerd dan ruim een eeuw eerder. De nieuwe opgraving werd geleid door Daniel Veegens, de griffier van de Tweede Kamer. Hij maakte melding van de vondst van negen middeleeuwse grafkelders, waarschijnlijk van verschillende leden van de grafelijke familie.

Voor bezoekers van het Binnenhof waren de werkzaamheden van dichtbij te volgen. Zij konden zelfs de lichamen in de geopende lijkkisten zien liggen. Niet iedereen was daar blij mee. Volgens sommigen was sprake van ‘respectloze grafschennis’. Ook prins Alexander, de zoon van koning Willem III, beklaagde zich over de gang van zaken.

Zicht op opgraving in 1879
Zicht op opgraving in 1879 (CC BY-SA 4.0 – Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed – wiki)

Spannend

Het huidige archeologisch onderzoek naar de Hofkapel maakt geen onderdeel uit van de grote renovatie van het Binnenhof die momenteel aan de gang is, maar vindt wel plaats dankzij die operatie. Doordat het historische gebied op de schop gaat, hebben archeologen nu namelijk de mogelijkheid een nieuw onderzoek uit te voeren. Andjelko Pavlovic, archeoloog bij de gemeente Den Haag, kijkt hier zeer naar uit:

We hopen natuurlijk dat er graven liggen, zodat we met de informatie daarover tot nu toe en met behulp van de huidige technologie deze graven kunnen bestuderen. En mochten er natuurstenen grafzerken liggen dan hopen we dat we deze kunnen dateren en identificeren met overleden personen voor wie de zerken destijds als grafmonument gemaakt zijn. Maar het zal van dag tot dag spannend zijn wat we vinden en waar we tegen aanlopen. Dat hoort nu juist bij het werk van een archeoloog.

Johan van Oldenbarnevelt

In het verleden is geregeld opgeroepen tot een groot onderzoek naar de graven, onder meer in de hoop dat men dan de resten van de bekende staatsman Johan van Oldenbarnevelt zou vinden. Hoewel duidelijk is dat het stoffelijk overschot van raadpensionaris na zijn dood werden overgebracht naar de Hofkapel, is echter onduidelijk of hij daar ook bleef liggen. Volgens verschillende verhalen werd Van Oldenbarnevelt’s kist later weggenomen door familieleden.

Wie hoopt dat de resten van de staatsman dankzij het nieuwe onderzoek gevonden worden, komt waarschijnlijk bedrogen uit. Archeologen sloten de kans op identificatie eerder namelijk al uit, onder meer omdat er geen hedendaagse DNA-match beschikbaar is. Het onderzoek is dan ook meer algemeen gericht op “het vastleggen van de rijkdom van het bodemarchief ter plekke”.

Bron: Rijksvastgoedbedrijf

3D-scans

In de eerste fase van het onderzoek, die ongeveer vier weken duurt, wordt de grond boven de grafkelder voorzichtig afgegraven. Op een diepte van ongeveer zestig centimeter hoopt men vervolgens de contouren van de nog aanwezige grafgewelven bloot te leggen. Hierna graaft men voorzichtig verder en worden er onder meer 3D-beelden van aanwezige graven en bouwstructuren gemaakt. Eventueel aanwezige skeletten of natuurstenen grafzerken worden geborgen voor verder specialistisch onderzoek.

De afbraak van de Hofkapel in 1879, gezien vanaf het Binnenhof
De afbraak van de Hofkapel in 1879, gezien vanaf het Binnenhof (CC BY-SA 4.0 – Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed – wiki)

Vanaf eind augustus worden gaten in muren en vloeren geboord in de panden die later bovenop de resten van de Hofkapel zijn gebouwd. Met behulp van camera’s probeert men vervolgens achter deze wanden te kunnen kijken.

Archeologische resten zoals funderingen en gemetselde grafgewelven blijven in de grond aanwezig. ‘Losse’ vondsten worden schoongemaakt, geconserveerd en gerestaureerd. Daarna worden ze overgebracht naar het archeologisch depot van de gemeente Den Haag.

Het publiek is welkom bij de opgraving en kan vanaf een afstandje meekijken. De voortgang van het onderzoek is verder te volgen op binnenhofrenovatie.nl.

Historiek is een onafhankelijk online geschiedenismagazine voor een breed publiek. We willen geschiedenis en actualiteit met elkaar verbinden en geschiedenisverhalen gratis toegankelijk maken. Meer informatie