De ontdekte wereld herontdekken

Binnen een dag vliegen we naar de verste uithoeken van de wereld. En voor de thuisblijver is elke willekeurige locatie op de aardbol met een muisklik bereikbaar via Google Earth. De tijd van ontdekkingsreizen ligt ver achter ons en de aarde lijkt weinig mysteriën meer te hebben voor de moderne avonturier. Toch zijn er nog volop avontuurlijke en verborgen plaatsen, die in de vakantiefolders niet voorkomen en soms zelfs op de kaart niet te vinden zijn.

Professor Alastair Bonnett (1964), die als sociaalgeograaf verbonden is aan Newcastle University, neemt de lezer in zijn boek “Van de kaart” mee naar zulke plaatsen. Behalve dat hij zelf gefascineerd is door “vreemde bestemmingen” wil hij ook het concept “plaats” herwaarderen. Reizend van A naar B en wonend in anonieme huizenblokken en flatgebouwen zijn we volgens hem onze waardering voor plaats kwijtgeraakt. Een plaats is volgens de schrijver namelijk veel meer dan enkel een locatie op de kaart; plaatsen vertellen iets over onszelf en kunnen voldoen aan onze behoefte om te ontsnappen. We moeten de wereld herontdekken en dat kan al om de straathoek. “Ook in een volledig ontdekte wereld valt er nog veel te verkennen”, zo schrijft de auteur, “we moeten het begrip ‘verkennen’ alleen opnieuw interpreteren.

47 plaatsen worden door Bonnett in korte tekstfragmenten behandeld, verdeeld over acht thematisch ingedeelde hoofdstukken: Verloren ruimtes, Verborgen locaties, Niemandslanden, Dode steden, Uitzonderingsposities, Enclaves en afgescheiden naties, Drijvende eilanden en Plekken van voorbijgaande aard. Zo brengt de schrijver in het hoofdstuk “Verloren ruimtes” Leningrad ter sprake, de stad die onder deze naam niet meer bestaat en weer heet zoals voorafgaand aan de Eerste Wereldoorlog en de Russische revolutie, Stint Petersburg. De erfenis van tsaar Peter de Grote heeft een sterke concurrent aan de herinnering aan het 900 dagen durende beleg van Leningrad tijdens de Tweede Wereldoorlog. Voor veel Russen is het kosmopoliete en op Europa gerichte Sint Petersburg altijd het heldhaftige en nationalistische Leningrad gebleven. De bom die vandalen in 2010 lieten exploderen in het achterwerk van het standbeeld van één van de Leninbeelden in de stad, veranderde daar niets aan.

Verdediging van Leningrad tijdens de Tweede Wereldoorlog - cc
Verdediging van Leningrad tijdens de Tweede Wereldoorlog – cc

Lokplekken

Een “verloren ruimte” is volgens Bonnett ook het Britse dorpje Arne, dat zich bevindt op een klein schiereiland in het Kanaal. In 1942 werd het ontruimd omdat in de omgeving een nepfabriek werd gebouwd om Duitse bommenwerpers te misleiden. In plaats van op de cordietfabriek enkele kilometers verderop moesten de Dorniers, Heinkels en Junkers hun explosieve lading laten vallen op Arne. Met een ingenieus netwerk van teervaten en buizen met paraffineolie werd hier een grote brand nagebootst die bommenwerpers moest lokken. Starfish-locaties, zo werden deze lokplekken genoemd die zich op tal van andere locaties in het Verenigd Koninkrijk bevonden. Tegenwoordig is Arne een vredige plek, onderdeel van een natuurpark. De verlaten gebouwen zijn gerenoveerd, inclusief de dertiende-eeuwse kerk en een victoriaanse school, maar de bewoners keerden er nooit meer terug.

- advertentie -

Een ogenschijnlijk minder idyllische plaats is de Russische stad Zjeleznogorsk, die aan bod komt in het hoofdstuk “Verborgen locaties”. Het bestaan van deze 90.000 inwoners tellende stad werd pas in 1992 officieel bevestigd door president Jeltsin. Het was één van de afgesloten steden van de Sovjet-Unie en stond decennialang bekend onder het postbusnummer Krasnokjarsk-26, de naam van de dichtstbijzijnde stad. Ook tegenwoordig ontbreekt de stad op veel kaarten. De reden voor deze geheimzinnigheid was de hier in 1950 geopende reactor waar plutonium voor wapens werd gemaakt. Met het verdwijnen van de plutoniumindustrie bleef de stad echter bestaan. De bewoners waren teveel gehecht aan hun geïsoleerde, veilige bestaan en de hightechindustrie bood de oude Sovjet-stad een nieuwe bestaansreden. Het is er vredig; niemand lijkt erom te geven dat hier eens de bestanddelen van massavernietigingswapens werden geproduceerd.

Checkpoint bij de ingang van Zjeleznogorsk - cc
Checkpoint bij de ingang van Zjeleznogorsk – cc

Dode steden (vol dieren)

Een andere voormalige Sovjet-plaats die door Bonnett beschreven wordt (in het hoofdstuk “Dode steden”), is Pripjat in Oekraïne. De meeste mensen zullen de plaats beter kennen als Tsjernobyl, de naam van de kernfabriek waar in 1986 een reactor ontplofte. Mensen wonen niet meer in het nog steeds met radioactieve straling besmette gebied. Het reuzenrad, neergezet voor de 1-meiviering, staat er verroest bij. De vroegere Sovjet-modelstad Pripjat is in bezit genomen door de natuur. 280 vogelsoorten en 66 zoogdiersoorten werden er begin eenentwintigste eeuw geteld. Er zouden zelfs voetafdrukken van beren gezien zijn, een diersoort die hier al vele jaren niet gezien is. 1-0 voor de natuur versus de mensheid.

Athos, verboden voor vrouwen - cc
Athos, verboden voor vrouwen – cc

Ook enkele Nederlandse locaties worden door Bonnett behandeld, waaronder kamp Zeist in het hoofdstuk “Uitzonderingsposities”. Van 1999 tot 2002 was dit Schots grondgebied, een trucje dat in het leven geroepen was vanwege het Lockerbie-proces. Twee Libische mannen werden beschuldigd van het uitvoeren van een bomaanslag op 21 december 1988 op een vliegtuig dat zich op het moment van de explosie boven het Schotse Lockerbie bevond. Het duurde tien jaar voordat Libië bereid was de mannen uit te leveren, onder de voorwaarde dat het tribunaal op neutraal grondgebied plaatsvond. Kamp Zeist voldeed aan die eis. Het Nederlandse militaire terrein werd tijdelijk onder de Schotse wet geplaats, zodat Schotse rechters hier hun uitspraak konden doen. Een unicum, zo legt Bonnett uit, want zelfs ambassades bevinden zich op soeverein gebied van het land waarin ze zich bevinden. Een aardig precedent dat hij noemt is echter het Canadese Ottawa Civic Hospital dat in 1943 tijdelijk uitgeroepen werd tot internationaal territorium, omdat prinses Juliana er zou bevallen van haar derde dochter, Margriet. Dankzij deze maatregel kreeg het prinsesje de nationaliteit van haar ouders en niet de Canadese.

Nepstad

Van de kaart - Alastair Bonnett
Van de kaart – Alastair Bonnett
De Noord-Koreaanse “nepstad” Kijong-dong, het voor vrouwen ontoegankelijke Griekse schiereiland Athos, de ondergrondse steden van Cappadocië en zelfs een verkeerseiland waar Bonnett langskomt gedurende zijn wandeling naar zijn werk; het zijn nog enkele willekeurige plaatsen uit “Van de kaart”. Elke locatie is, voor zover mogelijk, voorzien van de coördinaten in Google Maps. Sommige zijn bovendien voorzien van een illustratie, hoewel foto’s een zinvollere aanvulling zouden zijn geweest.

Hoewel Bonnett erin slaagt de lezer anders te laten kijken naar het concept “plaats” en meerdere fascinerende locaties voor het voetlicht brengt, blijft zijn beschrijving van deze plaatsen wat abstract. Wie een avontuurlijk reisverslag verwacht vol interessante feiten en reiservaringen komt bedrogen uit. Onderscheidend en blik verruimend is het boek echter wel; het nodigt uit om ook zelf op zoek te gaan naar bijzondere plaatsen, die zich niet speciaal op exotische oorden hoeven te bevinden. De ontdekkingstocht begint zodra je de deur uitstapt.

~ Kevin Prenger

Boek: Van de Kaart – Alastair Bonnett

Bestel dit boek bij:

Bekijk ook onze uitgebreide onderwerpenlijst of het personenregister

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net

Gelijk naar geschiedenisboeken over: