Dark
Light

Een standbeeld in Charlottesville en segregatie in Amerika tijdens het interbellum

11 minuten leestijd
Ruiterstandbeeld van Robert Edward Lee in Charlottesville, 2006
Ruiterstandbeeld van Robert Edward Lee in Charlottesville, 2006 (wiki)

We leven in een visueel en globaal tijdperk. Via webpages, twitter, facebook, en andere ‘social media’ worden foto’s in een mum van tijd over de hele wereld verspreid. Verre gebeurtenissen, personen, of objecten krijgen zo een globale vertrouwdheid. Het standbeeld van Robert E. Lee, tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog een generaal uit het zuiden, is hiervan een illustratie. De metalen ruiter uit het interbellum stond tot 2021 onberoerd in Charlottesville, Virginia, tot hij onder toezicht van de internationale pers (en vele iPhones) werd verwijderd.

Verwijderen van Standbeeld van Robert E. Lee (2021)
Verwijderen van Standbeeld van Robert E. Lee (2021) – Bron: met dank aan fotograaf Sanjay Suchak
Dit gebeurde bijna vijf jaar nadat de stadsraad besloot paard en ruiter weg te halen. Én nadat de Unite the Right Rally in de zomer van 2017 witte supremacisten naar het liberale universiteitsstadje bracht om tegen die beslissing te protesteren. Op de vooravond van de geplande optocht naar het Lee-monument trokken de betogers met fakkels door de campus van de University of Virginia. Het protest liep de volgende dag uit de hand. Het werd de slotscene van Spike Lee’s BlacKKKlansman, toen een betoger zijn auto in een menigte tegenbetogers ramde, en een lokale activiste om het leven bracht.

Een standbeeld zoals dat in Charlottesville voert terug naar het interbellum in de Verenigde Staten met zijn segregatie, de niet ingeloste verwachtingen van de burgeroorlog, en de massale migratie. Het is soms moeilijk om zich voor te stellen hoe de bredere context van die standbeelden in het alledaagse leven ingebakken was. Bij het schrijven van Naar Jouw Amerika en Terug. Een Brief voor Anna werd dit vrij snel duidelijk. Het boek is een zoektocht die ik met mijn broer ondernam naar het verleden van Anna Remmerie, onze grootmoeder. Ikzelf woon en werk sinds 2006 in Charlottesville.

Naar Jouw Amerika en Terug - Op de cover een foto van Anna Remmerie met een vriendin
Naar Jouw Amerika en Terug – Op de cover een foto van Anna Remmerie met een vriendin
In 1921 verliet Anna Remmerie haar geboortedorp in Vlaanderen, en stoomde met de SS France naar de Nieuwe Wereld. Tijdens de Jazz Age van de jaren twintig en de economische depressie van de jaren dertig werkte ze als meid bij rijke mensen in en rond New York. In 1932 keerde ze uiteindelijk naar de vlasstreek bij Kortrijk terug. Naar Jouw Amerika en Terug volgt de voetsporen van een ongeschoolde vrouw. Opvallend is hoe eenvoudige feiten, documenten, verhalen en objecten uit het leven van een meid de Amerikaanse contouren van de confederale standbeelden schetsten.

Robert E. Lee

Robert E. Lee (1807-1870) was een generaal en tevens de aanvoerder van de troepen uit het zuiden van het land. Hij was het die in 1865 op het einde van de burgeroorlog de wapenstilstand (en nederlaag) ondertekende. Toen zijn staat Virginia zich in 1861 van de Union had afgescheurd, was officier Lee van kamp veranderd. Hij had toen het federale leger van de noordelijke staten de rug toegekeerd, en voegde zich bij de rebellen uit het zuiden. Inzet van het vier-jaar-durende conflict dat wel 600.000 mensenlevens kostte was de afschaffing van de slavernij. De plantages van het agrarische zuiden dankten aan die instelling de goedkope werkkrachten die ze katoen massaal lieten uitvoeren. Al telden de noordelijke staten in vergelijking met hun zuidelijke rivalen meer dan dubbel zoveel inwoners, en al waren ze tevens verder geïndustrialiseerd, toch was de overwinning van het noorden zeker geen uitgemaakte zaak geweest.

Na de wapenstilstand werden drie cruciale amendementen van de Amerikaanse grondwet geratificeerd. Slavernij werd afgeschaft (13e amendement). Iedereen die in de Verenigde Staten geboren was (en dus ook de zwarte bevolking), was voortaan Amerikaans staatsburger (14e amendement). Alle (mannelijke) burgers verkregen het stemrecht en staten konden dit recht niet zomaar opschorten (15e amendement). In 1924, meer dan vijftig jaar na het einde van de Civil War, werd het Robert E. Lee standbeeld in Charlottesville opgericht. Zoals niemand anders werd Lee de persoon waarmee het zuiden van het land zijn problematische verleden herschreef. Met dit opgepoetst verleden zocht het een plaats in de geschiedenis van Amerika.

Tallahassee Girl

Al was Anna Remmerie vooral rond New York actief, tussen de documenten, brieven en kaarten die ze achterliet, bevindt zich een set postkaarten die naar een trip door zuidelijke staten verwijst. Een van de kaarten uit de jaren twintig brengt een hotel in Florida’s hoofdstad in beeld. Op de rand staat Home of Tallahassee Girl gedrukt. A Tallahassee Girl is een roman die kort na de burgeroorlog geschreven werd. Het blijft een verrassend en boeiend boek. Auteur Maurice Thompson zet de verwachtingen die uit de burgeroorlog voortvloeiden op papier. Tegelijk verwoordt hij op bijna profetische manier de ontgoochelingen die zouden volgen.

Home of Tallahassee Girl - Ansichtkaart die Anna Remmerie naliet
Home of Tallahassee Girl – Ansichtkaart die Anna Remmerie naliet

Kort na het einde van de burgeroorlog raken twee protagonisten uit het noorden in het zuiden verzeild. Het verhaal draait rond een jonge vrouw uit Tallahassee die met haar donkere lokken de twee helden in vervoering brengt. De twee zijn in Florida’s hoofdstad getuige van politieke bijeenkomsten. Zwarte mannen hadden het stemrecht nog maar pas verworven. Sprekers manen hen aan de witte bevolking niet langer alleen te laten besturen. In het verhaal duikt bovendien een nieuw soort politicus van het zuiden op. Hij erkent formeel het stemrecht van zwarten. Toch wil hij hen tot ze “voldoende opgevoed zijn” uit openbare ambten weren. De jongelui geloven dat liefde alles kan overwinnen, en ook de kloof tussen het noorden en het zuiden. Uiteindelijk kiest Tallahassee girl met de zwarte lokken voor de lokale politicus. De noorderlingen delven het onderspit. Op het einde van de roman zijn ze wijzer geworden en mijmeren over het veroveren van jonge vrouwen uit het zuiden:

“Al ben je dichtbij genoeg om hun lintjes in het briesje te horen fladderen […], toch ben je miljoenen mijlen ver weg.” Thompson, p. 353

Kort na de burgeroorlog werden daadwerkelijk een aantal zwarte congresleden verkozen, en zelfs een senator en een gouverneur werden ingezworen. Gedurende het interbellum stemden echter nog weinig zwarten in het zuiden. Dit privilege werd zwarten ontzegd, tenzij ze belasting betaalden, konden lezen en schrijven, of land bezaten. Het vrouwenstemrecht van 1920 veranderde hieraan weinig. Het was wachten tot de Civil Rights Act (1964) en Voting Rights Act (1965) vooraleer zwarten hun burgerrechten en stemrecht terug kregen. Pas in 1990 zouden evenveel zwarten in het huis van afgevaardigden zetelen als na de burgeroorlog. En het zou tot 2013 duren voor de eerste zwarte senator uit het zuiden verkozen werd.

Oh Susina!

Anna Remmerie diende als meid bij rijkelui. Ze werkte voor de Butlers in New York en New Jersey. Deze familie van bankiers bezat in Thomasville, Georgia, een antebellum plantage die Susina heette. De ouders van mevrouw Butler, de Masons, hadden ze na de burgeroorlog gekocht. Door het einde van de slavernij had ‘King Cotton’ immers zijn goedkope arbeidskrachten verloren, waardoor vele plantages te koop waren. In de jaren twintig en dertig brachten de Butlers en hun meiden vaak het jachtseizoen in Thomasville door.

“Oh Susina!”
“Oh Susina!”
Over die plantage in Thomasville en de bezoeken van de Butlers bestaat een memoire van hun neef James Mason. De melancholische titel luidt “Oh Susina! Tijden om niet te vergeten… in een betoverend land.” In de familieherinnering zijn de jaren twintig en dertig op de plantage een idylle van harmonie en respect, ook waar het de omgang met (zwarte) werknemers betreft. Een geromantiseerde en geïdealiseerde versie van het galante zuiden wordt opgevoerd. De memoire vertelt bijvoorbeeld hoe een kok die voor een witte gast het ontbijt klaar maakt, gevleid wordt. Tegelijk wordt hij er echter op gewezen dat indien hij als chef naar het noorden wilde, hij daar in (zwart) Harlem zou thuishoren.

De idylle van “Oh Susina” veronderstelt dat iedereen zijn plaats in de maatschappelijke hiërarchie kent en aanvaardt. De inleidende tekst laat daar geen twijfel over bestaan:

Mensen met minder middelen koesterden geen wrok tegenover wie welvarend was. Ze schenen te aanvaarden dat hun levensfase een normale omstandigheid was in de evolutie van slavernij naar vrijheid. Ze waren dankbaar dat er in dit proces bemiddelde mensen waren die hen konden tewerkstellen en hun waardig leven konden geven om hun kinderen op te voeden.

(…)

In tegenstelling tot een groot deel van de retoriek van vandaag waren slavenhouders helemaal niet de brutale monsters die Hollywood afbeeldt. Deze uitspraak is gebaseerd op de kennis dat mensen hun investeringen waarderen en er goed voor zorgen. De slaven in het zuiden waren de grootste investering die plantagehouders hadden. Mason, p. IX-X

Generaal Robert E. Lee belichaamde voor velen het geromantiseerde zuiden. Hij stond voor de Lost Cause. Dit is een interpretatie van het verleden die de burgeroorlog voorstelt als een terechte strijd voor het behoud van de galante ‘way of life’ die plantages uit het zuiden gekenmerkt zou hebben. De zuidelijke staten hadden volgens die (vervalste) lezing van de geschiedenis het recht zich hiervoor af te scheiden van de Union. Slavernij was volgens die interpretatie zo slecht nog niet geweest, en evenmin de eigenlijke reden van de burgeroorlog. De nederlaag van het zuiden was gewoonweg het gevolg van de overmacht van de noordelijke staten geweest. Vanaf het begin was de oorlog een “verloren zaak”. Lee en zijn volgelingen konden dus met geheven hoofd het verleden herdenken. De burgeroorlog was niet een strijd voor de Wrong Cause (slavernij), alleen een terechte strijd voor een Lost Cause. De onzekerheid van de periode na de burgeroorlog waarin zwarten een grotere rol opeisten (en niet de slavernij) werd voor velen in het zuiden de echte boeman uit het verleden.

Het wegnemen van het standbeeld is eerst en vooral een symbolisch gebaar en een pleidooi voor een meer inclusief verleden.

De Lost Cause-interpretatie van de burgeroorlog zette zich geleidelijk aan door, en vond (vooral in het zuiden) tot in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw haar weg in de geschiedenisboeken. Haar mythe van de idyllische antebellum plantages uit het zuiden klinkt na in het verhaal van de Susina-plantage uit Anna Remmerie’s verleden. Men hoort ze ook in de argumenten van wie het standbeeld van Robert E. Lee in Charlottesville wil behouden. Het noorden heeft soms aan die herinterpretatie van het verleden meegewerkt. Ook gedurende het interbellum zag het er een gelegenheid in om zich met het zuiden te verzoenen (ten koste van de zwarte bevolking). Er werden dan ook over het hele land standbeelden van Robert E. Lee opgericht. Hij werd een nationale held. In Charlottesville kwam in 1924 zijn standbeeld op een centrale plaats in de stad terecht. Het markeerde de scheidingslijn tussen de witte en de zwarte wijken.

De ‘Great Migration’

De verwachtingen van de burgeroorlog werden niet ingelost. De facto hadden zwarten in de zuidelijke staten tijdens het interbellum geen stemrecht. Ze gingen naar gesegregeerde scholen, en woonden in aparte buurten. Ze waren niet welkom in witte hotels en restaurants. Er waren de onterechte veroordelingen en de lynchpartijen. Geleidelijk aan verlieten zwarten het zuiden van het land. Ze trokken naar de industriële steden in het noorden. In totaal zouden zo’n zes miljoen zwarten die tocht ondernemen. En hier toont zich een markante link tussen de massale trans-Atlantische migratie van Europeanen naar Amerika en die grote ‘interne’ migratie.

Internationale migratie: het procent van de bevolking dat in het buitenland geboren is. Interne migratie: het procent van de zwarte bevolking uit het zuiden dat naar het noorden trekt.
Internationale migratie: het procent van de bevolking dat in het buitenland geboren is. Interne migratie: het procent van de zwarte bevolking uit het zuiden dat (in voorbije tien jaar) naar het noorden trekt. – Bron: Migration Policy Institute, Boustan, L, 2017

Bovenstaande grafiek laat zien hoe de dalende internationale migratie naar Amerika gepaard ging met een omgekeerde beweging van de migratie van zwarten naar het noorden. Toen Anna Remmerie in 1921 in New York voet aan wal zette, liep de grote trans-Atlantische migratie op zijn laatste benen. Sinds het midden van de negentiende eeuw waren zo’n 34 miljoen Europeanen naar Amerika verhuisd. Het aandeel van de bevolking met een migratie-achtergrond was toen zo’n 12 procent. Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog stokte die trans-Atlantische stroom, en kwam de trek naar het noorden pas goed op gang. Bij gebrek aan buitenlandse arbeidskrachten rekruteerden de noordelijke industrie voor het eerst zwarten uit het zuiden. De migratiewetten van de jaren twintig die de toestroom van Europeanen tot 1965 zouden beperken, en later de Tweede Wereldoorlog hadden hetzelfde effect: ze brachten nog meer zwarten naar het industriële noorden.

Anna Remmerie leefde in de jaren twintig en dertig meestal in de woning van haar werkgever. Een korte periode woonde ze echter onafhankelijk. Veelzeggend is waar ze zich toen vestigde. Ze vertoefde aan de (witte) westelijke en oostelijke rand van zwart Harlem. Met de grote interne migratie werden vele wijken, buurten en stadskernen in het noorden door zwarten bevolkt, terwijl vele witte burgers naar de stadsrand uitweken. Vooral na de Eerste Wereldoorlog ontvluchtten zwarten de vergaande segregatie van het zuiden. Al was de overheid in het noorden minder een bron van wettelijke discriminatie, dit betekende lang nog niet dat ze er gelijke kansen kregen. Dat de grote interne migratie vooral een neerwaartse druk uitoefende op de lonen van de zwarten die er reeds werkten, bevestigt dat zwarten slechts een beperkt aantal werkopties hadden. Bovendien zouden economische factoren (en economische ongelijkheid) de scheiding tussen de woonlocaties van zwarte en witte mensen verscherpen. En die scheiding, nog opgedreven door het aangroeien van vele (witte) suburbs, is nog altijd een feit dat zich voegt bij ongelijke toegang tot opvoeding, gezondheidszorg, enzovoort.

Een symbolische daad

In 2021 werd het standbeeld van Robert E Lee weggetakeld. Na de Unite the Right Rally was dit een pragmatische optie die moest voorkomen dat het beeld een trekpleister voor witte supremacisten bleef. De verwijdering van het standbeeld rekent af met de ‘Lost Cause’ en de oude versie van de geschiedenis van het zuiden en haar geromantiseerde plantages. Het wegnemen van het standbeeld is eerst en vooral een symbolisch gebaar en een pleidooi voor een meer inclusief verleden en meer inclusieve maatschappij. Vooral in Charlottesville is dat zo. De kleine stad aan de voet van de Blue Ridge Mountains is immers de voormalige verblijfplaats van Thomas Jefferson, de stichter van de University of Virginia en de auteur van de Declaration of Independence met de verklaring dat alle mensen gelijk zijn, en dat hen het recht niet ontnomen kan worden, om vrij te zijn en geluk na te streven.

~ Peter Debaere
University of Virginia, Charlottesville

Boek: Naar jouw Amerika en terug – Peter en Steven Debaere

Bibliografie

  • Abramitzky, R. en L. Boustan, 2022, Streets of Gold, America’s Untold Story of Immigrant Success, Public Affairs, New York.
  • Boustan, L., 2017, Competition in the Promised Land, Black Migrants in Northern Cities and Labor Markets, Princeton University Press, Princeton, New Jersey.
  • Cutler, D., E. Glaeser, en J. Vigdor, 1999, The Rise and Decline of the American Ghetto, Journal of Political Economy, Vol. 107, No. 3, p. 455-506
  • Debaere, P. en S. Debaere, 2022, Naar Jouw Amerika en Terug. Een Brief voor Anna, Pelckmans, Antwerpen.
  • Foner, E., 2020, Give me Liberty! An American History, W.W.Norton &Company, New York, 2dln.
  • Hale, G., 1999, making Whiteness, The Culture of Segregation in the South, 1890-1940, Vintage Books, New York.
  • Hale, G., 2013, The Lost Cause and the Meaning of History, OAH Magazine of History, 27,1, p. 13-17.
  • Janney, C., 2023, The Lost Cause, Encyclopedia Virginia. https://encyclopediavirginia.org/entries/lost-cause-the/
  • Mason, J., 1995, Oh, Susina! Times Never Forgotten … in a Land of Enchantment!, Craigmiles & Assoicates, Thomasville.
  • Nelson, L. en C. Harold (uitg.), 2017, Charlottesville 2017, The Legacy of Race and Inequity, University of Virginia, Charlottesville.
  • Thompson, M., 1881, A Tallahassee Girl, Riverside Press, Cambridge.
  • Debaere, Peter, 2023, U.S. Migration in 4 Acts, Darden Business Publishing, UVA – GEM – 0214.
×