Foto’s Jodenvervolging komen keihard binnen in Vught

//
7 minuten leestijd
Een deel van de in 2019 vernieuwde vaste expositie in het herinneringscentrum van Nationaal Monument Kamp Vught.
Een deel van de in 2019 vernieuwde vaste expositie in het herinneringscentrum van Nationaal Monument Kamp Vught. - Foto: Kevin Prenger

Eind 2019 werd herinneringscentrum van Nationaal Monument Kamp Vught na een grondige verbouwing heropend. De vaste tentoonstelling werd compleet vernieuwd. Tijdens de lockdowns gedurende de coronaperiode is het museum geruime tijd gesloten geweest voor bezoekers. Dat is nu gelukkig verleden tijd. Momenteel is in het voormalige SS-concentratiekamp de tijdelijke expositie De Jodenvervolging in foto’s opgesteld. Reden te meer om een bezoek te brengen.

Moederziel alleen

Emanuel Heiman de Vries is nog geen twaalf als hij zonder familie op 23 mei 1943 vanuit kamp Vught met 1.264 andere Joden wordt gedeporteerd naar kamp Westerbork. Op een foto is hij te zien met zijn rug naar de fotograaf. Hij draagt een grote rugzak om zijn schouders. Wat gaat er door de jongen heen? Verwacht hij zijn ouders en twee zussen, die eerder dan hij naar Westerbork waren overgeplaatst, spoedig terug te zien? Wat hij toen niet wist, weten wij tegenwoordig wel. De andere gezinsleden werden via Westerbork afgevoerd naar vernietigingskamp Sobibor in Polen, waar ze vermoord werden door vergassing. Het is niet duidelijk waarom Emanuel achterbleef, maar ook zijn transport vertrok vanaf station Vught naar Westerbork. Daarvandaan werd hij eveneens overgebracht naar Sobibor, om hier op 4 juni vergast te worden. Een maand later zou hij twaalf zijn geworden.

De foto met daarop Emanuel Heiman de Vries met zijn rug naar de fotograaf.
De foto met daarop Emanuel Heiman de Vries met zijn rug naar de fotograaf. Bron: collectie NM Kamp Vught

De foto met daarop Emanuel is er een van drie die vorig jaar door Nationaal Monument Kamp Vught zijn verworven. Alle drie tonen ze facetten van het genoemde transport. Ze zijn vrijwel zeker afkomstig uit een album van een Duitse soldaat. De meeste kiekjes in dit fotoboek tonen het soldatenleven in de kazerne en aan het front.

Mogelijk was de in het nabij gelegen Oisterwijk gelegerde Duitser betrokken bij de bewaking van het transport of was hij gewoon nieuwsgierig naar wat er gaande was op het station in Vught. Verschillende van de op transport gestelde personen op de foto’s konden via namen op de eveneens gefotografeerde bagage geïdentificeerd worden, waaronder dus de jonge Emanuel. ‘Moederziel alleen’ is het passende onderschrift bij de foto die onderdeel uitmaakt van de tijdelijke expositie De Jodenvervolging in foto’s. Nederland 1940-1945. Deze door het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies, in samenwerking met het Joods Cultureel Kwartier, samengestelde tentoonstelling is tot 9 januari 2023 te zien in Nationaal Monument Kamp Vught.

32.000 gevangenen

Kamp Vught was het enige officiële concentratiekamp naar Duits model dat tijdens de Duitse bezetting in Nederland werd gebouwd. In totaal verbleven hier tussen januari 1943 en september 1944 ongeveer 32.000 gevangenen. Dat waren naast ongeveer 12.000 Joden onder andere ook politieke gevangenen, verzetsstrijders en ontduikers van de Arbeitseinsatz. De meeste Joodse gevangenen zouden via Westerbork gedeporteerd worden naar de vernietigingskampen in Polen, waar ze vrijwel allemaal werden gedood. In kamp Vught overleden 421 gevangenen door honger, ziekte en mishandeling. Daarnaast werden 329 gevangenen geëxecuteerd op de fusilladeplaats even buiten het kamp.

Na de geallieerde bevrijding van het kamp op 26 oktober 1944 werd het voormalig concentratiekamp eerst gebruikt voor het onderbrengen van uit grensgebied geëvacueerde Duitsers en daarna als interneringskamp voor van collaboratie verdachte Nederlanders en oorlogsmisdadigers. In 1951 werd het leegstaande kampcomplex in gebruik genomen om Zuid-Molukse KNIL- militairen en hun gezinnen onderdak te verlenen. Hun verblijf zou voor zes maanden zijn in afwachting van de bouw van woonoord Lunetten.

Buiten het herinneringscentrum. Met zicht op de gereconstrueerde barak. Op de voorgrond een stenen maquette van het kamp.
Buiten het herinneringscentrum. Met zicht op de gereconstrueerde barak. Op de voorgrond een stenen maquette van het kamp. – Foto: Kevin Prenger

Zeven seizoenen

Tegenwoordig is nog slechts een klein deel van het voormalige concentratiekamp te bezoeken. Het Nationaal Monument werd geopend in 1990. Onder meer het crematoriumgebouw en een gereconstrueerde gevangenenbarak zijn sindsdien te bezichtigen. Na de grondige verbouwing voldoet het in 2019 heropende herinneringscentrum helemaal aan de eisen van deze tijd. De route door het museum begint met een introductiefilm waarin de rol van kamp Vught binnen de context van de Tweede Wereldoorlog wordt uitgelegd. De vaste tentoonstelling is ingedeeld in zeven perioden – of ‘seizoenen’ – met bijbehorende thema’s. Begonnen wordt met de bouw van het kamp en afgesloten wordt met “het naderende einde” en de bevrijding. Aan de hand van foto’s, illustraties, videofragmenten en collectiestukken wordt de geschiedenis verteld, waarbij verhalen van en over mensen centraal staan. Zowel slachtoffers en daders als omstanders en helpers komen aan bod. Met behulp van een audiospeler kunnen audiofragmenten worden geactiveerd, waarna je kunt luisteren naar indrukwekkende verhalen van oud-gevangenen. “De verhalen blijven”, dat motto wordt hiermee waargemaakt.

De route gaat vervolgens verder over het buitenterrein, waar onder andere het crematoriumgebouw en de gereconstrueerde barak te bezichtigen zijn. Ook hier zijn weer audiofragmenten te beluisteren. Een plek om extra bij stil te staan is het kindergedenkteken met daarop de namen van 1.269 kinderen die in juni 1943 met de kindertransporten vanuit kamp Vught, met één of beide ouders, werden gedeporteerd en vermoord in vernietigingskamp Sobibor. Uit onderzoek is gebleken dat het eigenlijk meer kinderen waren, minstens 1.296. Inclusief de ouders gaat het om 3.014 slachtoffers.

Eenmaal weer binnen in het herinneringscentrum is onder meer nog een bezinningsruimte te bezoeken met op de muur de namen van de gevangenen die in Vught zijn vermoord. In een volgende ruimte volgt een brug van het verleden naar het heden, waarbij je als bezoeker met behulp van videofragmenten wordt geconfronteerd met hedendaagse ethische dillema’s. Het thema is: “Hoe maak jij verschil?” Hoe reageer jij bijvoorbeeld als je een ongeluk voor je ogen ziet afspelen? Hiermee wordt getoond dat de grens tussen heldhaftig en passief gedrag vager is dan je misschien denkt.

De Jodenvervolging in foto’s

In de laatste expositieruimte is de eerder genoemde tijdelijke tentoonstelling opgesteld. Deze was eerder te zien in het Nationaal Holocaust Museum in oprichting (Joods Cultureel Kwartier) in Amsterdam en het documentatiecentrum Topographie des Terrors in Berlijn. Samenstellers van de expositie zijn historici Erik Somers en René Kok, die ook het gelijknamige boek schreven. Het boek is te koop in de museumwinkel. Zelfs voor wie denkt alles al wel te weten van de Jodenvervolging in Nederland is De Jodenvervolging in foto’s een bezichtiging zonder meer waard. Je volgt een route tot in het midden van de ruimte, langs verschillende grote tekstpanelen met daarop uitvergrote afdrukken van de foto’s. De bijbehorende informatie staat eronder en is even bondig als helder geschreven.

Duitse razzia op het Jonas Daniël Meijerplein te Amsterdam.
Duitse razzia op het Jonas Daniël Meijerplein te Amsterdam. Bron: Nationaal Archief / Publiek domein

Elk bord toont een onderdeel van de geschiedenis, van het leven van de Joden in Nederland voordat de vervolging begon, tot hun deportatie naar de vernietigingskampen. Het bekendst zijn vermoedelijk de foto’s van opgepakte en opgejaagde Joodse mannen tijdens de razzia van 22 en 23 februari 1941 in Amsterdam. Meer dan vierhonderd Joodse mannen werden toen opgepakt en gedeporteerd. De meesten zouden omkomen in concentratiekamp Mauthausen in Oostenrijk. De razzia vormde de aanleiding tot de Februaristaking van 25 en 26 februari 1941. Een pakkend gedicht van Willem Wilmink begeleidt de foto’s.

Een foto

Van die razzia’s zijn foto’s:
Jonas Daniël Meijerplein,
waar de Duitse militairen
joden aan het treiteren zijn

Een bange man met keurige schoenen
lange jas en vlinderdas,
wordt over het plein gedreven
of het naar een veemarkt was.

Drie Duitse soldaten staan er
met een spottend lachje bij
en daar kijkt een vierde Duitser,
misschien toch beschaamd, opzij

Stel je voor je zag die foto
van de man met vlinderdas
en je zou opeens ontdekken
dat het je eigen vader was.

Soms moet ik er ook aan denken
hoe ‘t die andere zoon vergaat,
die ontdekte: kijk mijn vader
is die lachende soldaat.

WILLEM WILMINK

Twee vriendinnetjes in Amsterdam: Barbara en Mirjam, gefotografeerd door Anemia Wolff.
Twee vriendinnetjes in Amsterdam: Barbara en Mirjam, gefotografeerd door Anemia Wolff. Bron: Monica Katenschnee

Vriendinnetjes

Er zijn ook verschillende vrolijke foto’s te zien, zoals van een blij jochie in de sneeuw en van een familie die zich in het Pinksterweekend van 1933 vermaakt in Scheveningen. De onderschriften vertellen echter meestal een tragisch verhaal. Misschien wel het meest aangrijpend is de uitleg bij de aandoenlijke foto van twee lachende vriendinnetjes van vijf jaar oud die op een bankje zitten in Amsterdam. Het meisje links op de foto zou vijf dagen na haar zesde verjaardag in Auschwitz worden vermoord, het andere meisje overleefde door onder te duiken.

Het bijschrift bij een klassenfoto van tweeëntwintig Joodse kinderen in Deventer is niet minder tragisch. Slechts een van de kinderen, een meisje dat op de foto gekleed is in een wit jurkje, zou de oorlog overleven. In de museale, ingetogen setting, met op de achtergrond het geluid van een toespraak van Hitler, komen de foto’s met hun onderschriften keihard binnen. Ontroerend is de foto met daarop een Joodse man die de oorlog als onderduiker heeft overleefd. Wanneer hij terugkeert in Culemborg, waar hij werkte als koster van de synagoge, wordt hij verwelkomd door buurtbewoners. Hadden veel meer mensen maar een dergelijk onthaal kunnen krijgen.

Zo mooi is de natuur

Zowel voor de vaste expositie als de tijdelijke expositie kun je gerust minstens twee uur uittrekken. Een klein stukje lopen vanaf het hoofdgebouw zijn ook twee treinwagons te zien en Barak 1B. De wagons zijn hier begin 2022 geplaatst en staan op rails die hier in de oorlog ook gelegen heeft. Met vee- of goederenwagons zoals deze werden gevangenen over een spoortracé aan- en afgevoerd. Barak 1B is de enige overgebleven authentieke gevangenenbarak, waarin een expositie is ingericht met als motto “Als muren konden spreken”. In deze barak is, anders dan in het museum, aandacht voor de geïnterneerden en bewoners van het kamp van na de bevrijding.

Heb je na het opdoen van alle indrukken nog puf over, dan is na een wandeling door het bos van de Vughtse Heide ook nog de voormalige fusilladeplaats een bezoek waard. Hier bevindt zich een monument met daarop de namen van de hier geëxecuteerde slachtoffers. De locatie is prachtig, verscholen tussen de dennenbomen en met het gefluit van vogels op de achtergrond. “Zo mooi is de natuur. Zo slecht zijn de mensen die ons hier in deze mooie natuur hebben gebracht”, zo staat treffend verwoord op een wand in het museum.

~ Kevin Prenger

Bezoekersinformatie, zoals openingstijden en entreeprijzen, is te vinden op de website van Nationaal Monument Kamp Vught. De expositie De Jodenvervolging in foto’s is nog te zien tot 9 januari 2023.

Bekijk ook: De Jodenvervolging in foto’s – Nederland 1940-1945
Boek: De Jodenvervolging in foto’s

Vorige verhaal

Van secretaresse van Rost van Tonningen tot succesvol auteur van jeugdboeken

Volgende verhaal

Otto Weidt, blind voor gevaar

×