Frederik II, de keizer die de wereld verbaasde

Stupor Mundi

Het ‘wereldwonder’, hij die ‘de wereld versteld doet staan’ (stupor mundi), zo luidde de bijnaam van keizer Frederik II von Hohenstaufen (1194-1250). Naast keizer was hij experimenteel natuurwetenschapper, wiskundige, rechtsgeleerde, talenkenner en stichter van de eerste staatsuniversiteit. Hoewel hij drie keer door de Rooms-Katholieke Kerk geëxcommuniceerd werd, bleef hij gewoon aan de macht. Hij werd gewaardeerd, maar had ook veel tegenstanders.

Beeld van keizer Frederik II
Beeld van keizer Frederik II
Voormalig docent en schoolleider Gregor Dijkhuis verdiepte zich jarenlang in het leven en werk van Frederik II. Deze keizer verdient de aandacht vanwege zijn veelzijdigheid, zo stelt Dijkhuis, zijn voor de eigen tijd relatief rationele en efficiënte manier van besturen en zijn eigentijdse verhouding tot de islam in de tolerante traditie van zijn Normandische voorouders. Toch is er in de Nederlandse historiografie weinig aandacht besteed aan deze bijzondere keizer. Dijkhuis schrijft:

“In Duitsland en Italië is Frederik II een begrip. Maar in Nederland is hij tot mijn verbazing zo goed als onbekend en is er nauwelijks over hem geschreven. Alleen Hélène Nolthenius (Duecento. Zwerftocht door Italië’s late middeleeuwen, Amsterdam 1995) en Jan Pieter Guépin (De drie grote bedriegers Mozes, Jezus en Mohammed, Amsterdam 2006) hebben aanzetten gegeven tot een typering. Precies acht eeuwen na de koningskroning in Aken, verschijnt nu de eerste Nederlandstalige uitgave die volledig over Frederik II gaat.” (10)

Korte intermezzo’s

Het boek van Gregor Dijkhuis schetst eerst de historische context van de twaalfde eeuw, waarbij aspecten als de kruistochten, de hofcultuur, ridderordes en de Investituurstrijd aan bod komen. Vervolgens maakt de lezer kennis met het voorgeslacht van Frederik II. In de rest van het boek richt alle aandacht zich op de keizer zelf.

Henry VI laat zijn zoon Frederik dopen. Houtgravure door Constance van Sicilië. Bron: Wikimedia
Henry VI laat zijn zoon Frederik dopen. Houtgravure door Constance van Sicilië. Bron: Wikimedia

Conform de titel is Dijkhuis’ biografie een kroniek, waarin het leven van keizer Frederik II van jaar tot jaar, van maand tot maand de revue passeert. De lopende tekst wordt regelmatig ‘onderbroken’ door korte intermezzo’s op de rechterpagina over belangrijke tijdgenoten en gebeurtenissen. Voorbeelden zijn de Slag bij Cortenuova (1237), Castel del Monte, paus Innocentius III, keizer Otto IV, het ‘Valkenboek’ (circa 1230-1245) van Frederik II, de beroemde Italiaanse wiskundige Leonardo van Pisa (bekend als Fibonacci) en de diplomaat Herman van Salza.

- advertentie -

In het laatste gedeelte van het boek zet Dijkhuis een serie mythen over en de legendevorming rond de persoon Frederik II overzichtelijk op een rijtje en ontkracht die een voor een. Dit is een prettige afsluiter, omdat de opbrengst van het boek zo goed expliciet wordt.

‘Een achterbaks mens’

Frederik II was lang niet bij iedereen geliefd. Sterker nog: de meeste eigentijdse kroniekschrijvers oordeelden negatief over hem. Dit had te maken met het feit dat kroniekschrijvers doorgaans tot de geestelijke stand behoorden – geestelijken behoorden tot de grote minderheid van alfabeten – en Frederik II stond op gespannen voet met de kerk, omdat hij dogma’s ter discussie durfde stellen en wreedheden had begaan jegens belangrijke kerkelijke vertegenwoordigers.

Stupor Mundi – Kroniek van een eigenzinnige Keizer
Stupor Mundi – Kroniek van een eigenzinnige Keizer
De franciscaanse kroniekschrijver Salimbene van Parma (1221-1290), ook bekend als Salimbene de Adam, was de felste criticaster van Frederik II, maar beschreef diens karakter tegelijk wel met enige balans. Want Frederik II was, dat konden zijn tegenstanders niet ontkennen, zeker een indrukwekkende persoonlijkheid:

“Geloof in God had hij niet. Hij was een achterbaks mens, sluw, gierig, wellustig, boosaardig en driftig. Maar soms, als hij zijn goedheid en grootmoedigheid wilde bewijzen, was deze indrukwekkende man vriendelijk, vrolijk, open en edelmoedig.” (268)

Op zich had Salimbene van Parma wel een punt. Frederik II voerde, aldus Salimbene in zijn Kroniek over Frederik II (dertiende eeuw), taalexperimenten uit op zes baby’s. Hij onthield de baby’s elke menselijke interactie, want Frederik wilde erachter komen hoe hun taalontwikkeling zou verlopen als ze geïsoleerd werden. De arme kinderen stierven al spoedig door gebrek aan menselijke aandacht.

~ Enne Koops

Boek: Stupor Mundi – Kroniek van een eigenzinnige Keizer

Bestel dit boek bij:

Bekijk ook onze uitgebreide onderwerpenlijst of het personenregister

Gelijk naar geschiedenisboeken over: