/

Het uitd(r)agen van (Belgisch) erfgoed, dankzij iedereen

De zes genomineerde 'Erfgoedschatten'
De zes genomineerde 'Erfgoedschatten' (KIK)

Erfgoed verkommert en verkruimelt. Zo verglijdt het geheugen van het verleden. Het (Belgisch) Koninklijk Instituut van het Kunstpatrimonium (KIK), internationaal gerenommeerd voor zijn know-how inzake onderzoeks- en restauratietechnieken, wil iets doen aan die teloorgang. Na het huzarenstuk van de renovatie van het grote veelluik Het Lam Gods van de gebroeders Van Eyck, gooit het instituut zich voortaan elk jaar op een stukje wegkwijnend erfgoed. De Erfgoed Challenge vraagt daarbij de mening van… iedereen om te stemmen voor zijn/haar voorkeur. En dat jaarlijks tot 2030, de viering van de tweehonderdste verjaardag van België. Want Erfgoed is van eenieder.

De zes genomineerde ‘Erfgoedschatten’ van 2021:

Art Nouveau woningen in Brussel
Art Nouveau woningen in Brussel (KIK)

Art Nouveau woningen in Brussel

Brussel is onmiskenbaar dé wereldhoofdstad van de Art Nouveau-beweging. Eind negentiende begin twintigste eeuw werden er meer dan vijfhonderd woningen in die ‘Nieuwe Stijl’ gebouwd. Sommige werden in de loop van de jaren verwaarloosd. Er werden er zelfs radicaal afgebroken. Intussen werden tweehonderdvijftig panden beschermd. Art Nouveau is – in de Belgische hoofdstad – meer dan zwierige krullen en kleurrijke frullen. Het is een ferm statement van een nieuwe sociale en politieke klasse: rijk geworden industriëlen en burgerij, vrijzinnige professoren van de nieuwe Université Libre de Bruxelles, kunstenaars… Met de Art Nouveau affirmeren ze hun nieuwe sociale status. Maar het is meer dan een decoratieve sierstijl. In Brussel denken Art Nouveau-architecten ook na over ruimtegebruik, lichtinval, wooncomfort voor hun klanten… Behalve dat ze het traditionele woonplan – drie kamers in elkaars verlengde en een donkere middenkamer – openbreken, beperken de ontwerpers zich niet tot het huis maar bedenken ook de meubels, de deurklinken, de doorgeefluikjes, de koffielepeltjes tot de kleding van de vrouw des huizes. Het zijn stuk voor stuk unieke totaalkunstwerken.

Link: De Art Nouveau woningen in Brussel


Balletkostuum van Ensor
Balletkostuum van Ensor (KIK)

Ensoriaanse kostuums

Gesamtkunst is ook het ballet Gamme d’Amour dat James Ensor (1860-1949) componeerde op zijn harmonium. Ook al kende hij geen noot muziek, toch tokkelde hij op dat instrument in zijn woonkamer. Maar voor Gamme d’Amour (rond 1911-1913) beperkte de Oostendse kunstenaar zich niet tot muziek. Hij schreef ook het scenario, ontwierp het decor en zelfs de theaterkostuums. Mogelijks heeft hij ze ook beschilderd. Het zijn olijke jurken, blouses, een rok en een broek voor de personages Miamia, dochter uit een speelgoedwinkel en Fifrelin. Dat deze zes katoenen kledingstukken werden gebruikt, bewijzen de vlekken. Een zorgvuldige restauratie maar ook een dossier over hoe deze fragiele stukken voor de toekomst te bewaren, dringt zich op.

Link: De balletkostuums van James Ensor


Merovingische sarcofaag
Merovingische sarcofaag (KIK)

De Merovingische sarcofaag

In de vroege Middeleeuwen werden overal in West-Europa abdijen opgericht. Ook door vrouwen en vaak geen doetjes. Zoals in het Waalse Amay in de zevende eeuw door de adellijke Chrodoara. De Heilige Oda kreeg rond 730 een kalkstenen kist. Haar beeltenis met een scepter – symbool van macht – werd op het deksel afgebeeld. En dat is de enige en vroege graftombe met een eerste menselijke afbeelding in de wereld. Het opschrift luidt:

CHRODOARA NUBELIS MAGNA ET INCLITIS EX SUA SUBSTANCIA DICTAVIT SCANCTOARIA Nobele Chrodoara, groots en illuster, uit haar eigen rijkdom tot heiligdom verrijkt.

Dit unieke matrimonium werd compleet onverwacht ontdekt. Bij het einde van hun werkdag hoorden twee archeologen op drie meter diepte een hol geluid toen hun beitels onder het koor van de Sint Joriskerk nog even aan de slag waren. En zo werd een onvermoede schat ontdekt.

Link: De sarcofaag van de heilige Chrodoara


Grafkapel van Peter Paul Rubens in de Antwerpse Sint-Jacobskerk
Grafkapel van Peter Paul Rubens in de Antwerpse Sint-Jacobskerk (CC BY-SA 4.0 – Nolde16 – wiki)

De grafkapel van Peter Paul Rubens

Nog een funerair erfgoed is het grafgeheel van Peter Paul Rubens (1577-1640) in de Antwerpse barokke Sint-Jacobskerk. Rubens hoeft – als goeie wijn – geen krans: hij was een veelzijdige duizendpoot: een geweldige beelden- en verhalenschepper ten dienste van de katholieke kerk, van gezagdragers en adel. Zelfs de Italiaans-Franse vorstin Catherine de Medici kon hij bekoren. Behalve ondernemer van zijn eigen schilderijen ’fabriekje’, was hij bovendien een handig diplomaat maar ook een familieman die met veel tederheid zijn twee vrouwen en zijn acht kinderen koesterde. Zijn eigen zelfportret op latere leeftijd blijft nu nog ongenadig ontroerend. De resten van de hele familie werden bijgezet in de kapel van Onze-Lieve-Vrouw van Smarten. Maar het geheel van schilder- en beeldhouwkunst heeft dringend behoefte aan gepaste zorg en restauratie.

Link: De grafkapel van Peter Paul Rubens


Wandtapijt uit de kathedraal van Doornik
Wandtapijt uit de kathedraal van Doornik (KIK)

De schatten van de kathedraal van Doornik

Ander kerkelijk patrimonium bevindt zich in de kathedraal van Doornik die met vijf imposante torens boven de stad uitsteekt. Die werden in 2000 erkend als UNESCO-werelderfgoed. De oorspronkelijke Romaanse Onze-Lieve Vrouwkathedraal werd later aangevuld met een gotisch koor (midden dertiende eeuw), een renaissance koordoksaal en latere barokschilderijen. De schatkamer zelf bevat nog ettelijke kostbaarheden, niet altijd op de beste manier bewaard: zoals een Brussels wandtapijt uit 1534 en een dertiende-eeuws reliekschrijn.

Link: De schatten van de kathedraal van Doornik


Meuniermuseum Elsene
Meuniermuseum Elsene (KIK)

De gipsotheek van Constantin Meunier

Ooit bezat elke Belg een kunstwerk in zijn portemonnée: een muntstuk van 50 centiemen (0,01 Euro). Het beeldde het hoofd van een mijnwerker in profiel uit. Het was een ontwerp van Constantin Meunier (1831-1905). In volle industrialisatie met veel menselijke ellende en armoe verheft de Brusselse kunstenaar werkmannen en -vrouwen tot helden. Voor hem geen Griekse mythologische figuren maar mensen van vlees en bloed die zwoegen. De meeste beelden werden in brons gegoten. Een duur proces in meerdere stappen: eerst maakt de artiest een model in klei of in was. Daarvan wordt dan een afdruk in gips gemaakt en die mal wordt dan door de bronsgieter gebruikt. Gipsen beelden staan dus nog heel dicht bij het ontwerpproces en Meunier bewaarde ze in zijn atelier in zijn Brusselse huis. Dat beeldhouwatelier waar ook schilderijen te zien zijn, is een goed bewaard geheim maar wel voor iedereen toegankelijk. Omdat die gipsen zo fragiel zijn, zijn er heel wat verloren gegaan. Daarom dringt de nood zich op om ze te beschermen.

Link: De gipsotheek van Constantin Meunier


Dit zijn de zes laureaten voor de eerste Erfgoed Challenge. Eén van die zes wordt uitverkoren (voor het einde van het jaar) en dan gaat een multidisciplinair team van het Koninklijk Instituut van het Kunstpatrimonium aan de slag om dit erfstuk niet enkel te restaureren maar ook in volle daglicht te stellen. Een multidisciplinair team van kunsthistorici, fotografen, (internationale) specialisten in een materie en wetenschappelijk onderzoek stelt een heel dossier op dat ook een handleiding voor andere kostbaarheden kan zijn. Zo wordt er tot 2030 elk jaar een hoogtepunt uit het Belgisch erfgoed in de schijnwerpers gezet.

Iedereen kan tot 21 november meestemmen en zo bepalen wat/wie de Erfgoed Challenge wint. Ben je de gelukzak/helderziende die stemde voor het winnend project, dan maak je kans op een Eeuwig Geldend Toegangsticket dat honderd jaar lang, dus ook voor kinderen en kleinkinderen, gratis toegang tot het bekroonde project geeft.

~ Eliane van den ende
Historicus – cultuurjournalist

Bekijk meer over:

België, Nieuws

Categorieën

Vorige verhaal

Pleidooi voor een Romeinse heerbaan