Cyprus ligt op het kruispunt van Europa, Azië en Afrika en heeft door de eeuwen heen een bijzondere rol gespeeld als ontmoetingsplaats van culturen. Het eiland was achtereenvolgens in handen van Byzantijnen, kruisvaarders, Venetianen, Ottomanen en Britten, en groeide uit tot een unieke smeltkroes van invloeden uit Oost en West.
In 2012 werd deze geschiedenis belicht in de tentoonstelling Mapping Cyprus in het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel, waarin onder meer iconen, manuscripten en kaarten het verleden van het eiland in beeld brachten. Rudi Schrever schreef naar aanleiding daarvan dit artikel.
Een eerste summiere kennismaking

Allen hebben in meerdere of mindere mate hun sporen op politiek sociaal en cultureel vlak nagelaten. Het eiland is dan ook een unieke smeltkroes, een plaats waar veroveraars, handelaars, koningen en pelgrims hun stempel op drukten.
“Mapping Cyprus” bracht deze vaak turbulente geschiedenis chronologisch in kaart. Meer dan 140 artefacten, kunstvoorwerpen, manuscripten, schilderijen, gravures en een 50-tal iconen reflecteren de boeiende geschiedenis van het eiland.
De Frankische periode (1192-1489)
De tentoonstelling opent met de verovering van Cyprus in 1191 door Richard I Leeuwenhart (1157-1199) die tijdens de derde kruisvaart naar Jeruzalem op het eiland belandde en er ‘pour la petite histoire’ tussentijds ook vlug huwde met de nodige pracht en praal in het kasteel van Limassol met Berengaria de Navarra . Leeuwenhart verkocht al snel het eiland door aan de uit Poitou afkomstige Guy de Lusignan (ca. 1150-1194), de door Saladin (1137-1193) in 1187 verdreven koning van Jeruzalem. Hij was de eerste vorst van het middeleeuwse Koninkrijk Cyprus met Nicosia als hoofdstad. Het was zijn broer Almarik (1145-1205) die hem opvolgde en op het eiland de Latijnse kerk en een feodaal systeem installeerde.

De expositie trekt speciale aandacht uit naar het verhaal van Melusine met originele veertiende-eeuwse manuscripten van Jean D’Arras en Jean Coudrette. Melusine is volgens sommige legendes immers de meermin die de dynastie van de Lusignans stichtte en wiens kinderen de grondleggers van Europa waren.
Daarnaast is er een aparte thematische ruimte rond de muziek van het Lusignaanse hof met als blikvanger het vijftiende-eeuwe muziekstuk bekend als het “Torino-manuscript” of de “Franko-Cypriotische codex”.

De Venetiaanse periode (1489-1571)
Met de aanhechting van Cyprus door Venetië begon de tweede fase van de Latijnse periode van het eiland. De aanhechting verliep zonder noemenswaardig bloedvergieten en was een typisch voorbeeld van de expansiepolitiek die Venetië voerde. Wetenswaardig hierbij is het feit dat vanaf toen heel wat Cypriotische iconenschilders op leerschool gingen in Venetië en daar kennis maakten met de Renaissance stijl. Omgekeerd werden ook Europese kunstenaars zoals b.v.b. Titiaan (ca. 1487-1576) geïntrigeerd door de heersende Cypriotische schilderstijl. Getuige hiervan is het tentoongestelde werk: “Jacopo Pesaro, bisschop van Paphos”.
Verder wordt eveneens door middel van een aantal kaarten in deze periode aandacht geschonken aan de militaire architectuur van de talrijke burchten en forten die de Venetianen onverdroten bouwden tegen de Ottomaanse dreiging.
De Ottomaanse periode (1571-1878)
Nadat in 1570 Nicosia werd belegerd en uiteindelijk een jaar later de havenstad Famagusta na verscheidene maanden van hevig verzet viel, kwam het eiland onder Ottomaanse heerschappij. De Venetiaanse generaal, Marco Antonio Bragadin (1523-1571) moest zijn verzet tegen Lala Mustafa Pasja (ca. 1500-1580) bekopen met de marteldood. Na langdurig gepijnigd te worden, werd hij uiteindelijk levend gevild en werd zijn stoffelijk overschot door de straten van de stad gesleurd als voorbeeld voor eventuele verdere opstanden. Het Latijnse dogma werd onmiddellijk verboden, en de Ottomanen riepen de Islam en het Grieks Orthodoxe geloof uit tot de enige officiële religies van Cyprus. Eén en ander betekende een zware klap voor de overwegend religieuze kunst. Gotische kerken en kathedralen zoals die van Nicosia en Famagusta werden omgebouwd tot moskeeën en de productie van iconen kon enkel nog clandestien of vanuit het buitenland gebeuren. Echt stoppen deed de iconenproductie op het eiland echter nooit. De Italiaans-Byzantijnse stijl bleef in zwang tot de komst van de Kretenzer Ioannis Kornaros (1745-1796) met wie de barok en rococo hun intrede deden.
Ook de cartografie nam in de zeventiende eeuw een hoge vlucht. De tentoonstelling stalt dan ook heel wat verschillende kaarten van Cyprus uit deze periode tentoon.

Britse periode (1878-1960)
Per 5 juli 1878 brak een nieuw tijdperk aan. Het eiland sloot zich na heel wat overleg aan bij het Britse Rijk en kwam op die manier terug in Europese handen. Groot-Brittanië had een militaire uitvalbasis nodig voor het beheer van haar koloniale routes via het recent geopende Suez kanaal (1869) en zag in Cyprus de perfecte strategische ligging ervan. Eerst “huurden” ze het eiland nog van de Ottomanen, maar met het Verdrag van Lausanne in 1923 kwam het eiland officieel onder Brits gezag. Deze periode werd voornamelijk gekenmerkt door een reeks snelle economische, politieke en sociale veranderingen.
In “Mapping Cyprus” werden in deze zalen onder meer vier historische fotoalbums getoond die het dagelijks leven van de Cyprioten in de negentiende eeuw illustreren. Eén ervan is het fotoboek van John Thomson, de officiële fotograaf van de toenmalige Queen Victoria.
Onafhankelijk (?) Cyprus (1960 – heden)
De onafhankelijkheid van Cyprus werd op 16 juli 1960 uitgeroepen met de in plaatsstelling van een grondwet die de politieke macht spreidde tussen Griekse en Turkse Cyprioten op basis van een 70/30 verdeelsleutel. Reeds in december 1963 ontstonden de eerste gewapende confrontaties tussen beide gemeenschappen. Nicosia werd in twee gesplitst door de “Groene Lijn” en is tot op heden de laatste verdeelde hoofdstad van Europa.
De staatsgreep tegen president Makarios (1913-1977) op 15 juli 1974 door de Griekse militaire junta vormde onrechtstreeks de aanleiding voor een Turkse interventie. Tweehonderdduizend Grieks-Cyprioten vluchtten naar het zuiden en sinds die tijd verdeelt de “Groene Lijn” het eiland in twee: het zuidelijk Grieks-Cypriotisch gedeelte en het noordelijk Turks-Cypriotische deel.
De Grieken: Hoe een cultuur zich over de wereld verspreidde
Duizenden Joodse migranten belandden na de Holocaust in detentiekampen op Cyprus
Cyprus – Eiland in beweging
Koper: het ‘erts van Cyprus’