Jacques Massu – Franse generaal die meevocht in drie oorlogen

1908-2002
/
4 minuten leestijd
Jacques Massu
Jacques Massu in 1958 (CC0 - Anefo - wiki)

Jacques Massu is één van de weinige generaals in de Franse geschiedenis die tijdens zijn militaire carrière meevocht in drie verschillende oorlogen. Als dertiger streed hij in de Tweede Wereldoorlog, nadien verdedigde hij de Franse belangen in Indochina om vervolgens het bevel te voeren over de Franse troepen tijdens de Algerijnse onafhankelijkheidsoorlog. Het verhaal:

Jeugdjaren en begin militaire carrière

Jacques Emile Massu werd op 5 mei 1908 geboren te Chalons-en-Champagne, een stadje in het Franse departement de la Marne. Na zijn middelbare studies aan het Saint-Louis de Gonzague instituut te Parijs besloot Massu in de voetsporen van zijn vader te treden en een officiersopleiding te volgen aan de militaire academie van Saint-Cyr waar hij in 1930 met succes afstudeerde als onderluitenant.

Geschetst portret van Jacques Massu
Geschetst portret van Jacques Massu (CC BY-SA 2.0 fr – Rama – wiki)
Massu kreeg zijn eerste aanstelling als officier bij een infanterieregiment in Cahors. Niet voor lang, want eind 1931 werd hij naar Marokko gestuurd waar hij kort daarna in de gevechten nabij Tafersite zijn vuurdoop onderging. De daaropvolgende jaren deed Massu onder andere dienst in Togo en Tsjaad om zich in 1940 na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog aan te sluiten bij de Vrije Franse troepen en aan de zijde van generaal Leclerc (1902-1947) in Libië de zuidwestelijke regio Fezzan te veroveren op de Asmogendheden.

De strijd in Europa

Na de landing van de geallieerden op de Normandische stranden in juni 1944 verplaatste voor Massu het strijdtoneel zich naar Europa. In Frankrijk vocht hij zich samen met Leclerc een weg naar Parijs. Eind augustus 1944 werd de Franse hoofdstad bevrijd waarna Massu, die intussen gepromoveerd was tot luitenant-kolonel, werd ingezet in de Elzas en met zijn eenheid een doorslaggevende rol speelde bij de gevechten rond Straatsburg die tot de bevrijding van de stad leidde.

Indochina

Kort na de capitulatie van nazi-Duitsland werd Massu naar Saigon in Frans-Indochina gestuurd. Van daaruit nam hij met zijn eenheid deel aan de bezetting van het gebied ten zuiden van de 16de breedtegraad om in maart 1946 de rust in de opstandige havenstad Haiphong te herstellen. Nog dezelfde maand werd Massu bevorderd tot kolonel om in 1948 teruggeroepen te worden naar Parijs.

De Suezcrisis

Toen in juni 1956 de toenmalige Egyptische president Nasser (1918-1970) het Suezkanaal nationaliseerde en ermee dreigde de toegang ervan strikt te reglementeren, was dit het begin van wat later de geschiedenis in zou gaan als de Suezcrisis.

In een reactie hierop stuurde Frankrijk Massu, die intussen tot generaal was benoemd, naar Egypte. Daar nam hij met de 10de parachutistenbrigade havenstad Port Said in en rukte vervolgens samen met de Britten op naar Ismailia, een strategisch gelegen stadje op de westelijke oever van het Suezkanaal. Toen daarnaast het Israëlisch leger met succes de Sinaïwoestijn en de Gazastrook wist te bezetten was de crisis snel bezworen. Veel reden tot juichen was er evenwel niet, want op het Afrikaanse continent dreigde alweer een nieuw conflict in alle hevigheid uit te barsten.

De Algerijnse onafhankelijkheidsoorlog

In de Franse kolonie Algerije werd de roep naar onafhankelijkheid steeds groter. Wat eerst nog vrij onschuldig leek, ontaardde algauw in heuse rellen. Massu werd na zijn succesvolle campagne in Egypte door de Franse regering naar de opstandige kolonie gestuurd om er aan het hoofd van de Franse troepen de rebellie de kop in te drukken. Zowel Frankrijk als Massu hadden echter de wil naar onafhankelijkheid van het Algerijnse volk onderschat. De Algerijnse verzetsbeweging FLN, voluit het “Front de Libération Nationale” sloeg steeds gewelddadiger toe hetgeen dan weer represaillemaatregelen uitlokte van de Fransen die er niet voor terugdeinsden om gevangen genomen verzetsstrijders te martelen.

In 1957 kon Massu weliswaar zijn troepen naar een overwinning leiden in de Slag bij Algiers, maar hij slaagde er niet in de volledige controle te verwerven over de hele kolonie en toen de Franse premier Pierre Pflimlin (1907-2000) opperde om vredesonderhandelingen aan te knopen met het FLN, zorgde dit voor grote verdeeldheid tussen de voor- en tegenstanders van het vredesvoorstel.

Het was evenwel duidelijk dat het koloniale tijdperk voorgoed voorbij was en het tij niet meer kon worden gekeerd. De Franse president Charles de Gaulle (1890-1970) riep alle Franse troepen terug uit Algerije en op 5 juli 1962 verklaarde de voormalige Franse kolonie zich na een jarenlange bloedige strijd onafhankelijk.

Graf van Jacques Massu
Graf van Jacques Massu (CC BY-SA 4.0 – François GOGLINS – wiki)
Na de Algerijnse oorlog werd Massu in maart 1966 aangesteld als opperbevelhebber van de in Duitsland gestationeerde Franse troepen. In mei 1968 zou de Gaulle tijdens een bezoek aan het Franse hoofdkwartier in Baden-Baden naar verluidt Massu de opdracht gegeven hebben zich klaar te houden om eventueel militair in te grijpen mocht de studentenbeweging van mei 68 omslaan in een echte revolte. Wat er precies gezegd werd tijdens het onderhoud is niet zeker en ook in zijn latere memoires bleef Massu over het gesprek op de vlakte.

En verder…

Begin 1969 ging Massu na meer dan veertig jaar dienst met pensioen en wijdde hij de eerstvolgende jaren aan het schrijven van zijn memoires, onder andere La vraie bataille d’Alger, Baden 68 en Souvenirs d’une fidèle gauliste.

Jacques Massu kwam de 26ste oktober 2002 op 94-jarige leeftijd te overlijden in Confians-sur-Loing, een gemeente in het Franse departement du Loiret.

~ Rudi Schrever
[email protected]