Nieuwe geschiedenisboeken (week 16) – 2022

/
5 minuten leestijd
geschiedenisboeken

Wekelijks verschijnen er nieuwe geschiedenisboeken. Van lijvige studies tot publieksboeken en van naslagwerken tot historische strips. Op Historiek plaatsen we veel voorpublicaties en we bespreken zoveel mogelijk titels, maar alles bespreken is ondoenlijk. Daarom hebben we de rubriek ‘signalementen’. Hier plaatsen we wekelijks een bericht met daarin recent verschenen en besproken titels.


<<< Signalementen week 15 | Signalementen week 17 >>>

Selectie week 16

    Bertie en de wonderjaren

    De moderne wereld zoals we die nu kennen is grotendeels ontstaan tijdens de bruisende jaren rond het einde van de negentiende eeuw, waarin een stortvloed aan uitvindingen werd gepresenteerd op maar liefst zeventien wereldtentoonstellingen. In dit tijdsgewricht vol optimisme speelt steeds dezelfde persoon een voortrekkersrol: Bertie, als de latere koning Edward VII misschien wel het markantste lid van het Britse koningshuis ooit.
    Fragment: Caesar, hoe een hondje oorzaak werd van de Eerste Wereldoorlog?

    Catastrofe

    1914: een jaar van onomkeerbare veranderingen. Het jaar dat de diplomatie faalde, in Europa de eerste moderne oorlog werd gevoerd en de witgehandschoende soldaten massaal over slagvelden reden richting de allesvernietigende machinegeweren. Deze eerste dagen leidde tot kostbare verliezen. Hoe had het zover kunnen komen? Max Hastings, gelauwerd schrijver van All Hell Let Loose, beantwoord in Catastrophe de vraag hoe de Eerste Wereldoorlog heeft kunnen beginnen. Van Parijs tot St. Petersburg, van staatshoofden tot soldaten.

    De politiek van het kleinste kwaad

    De Nederlandse Joden werden tijdens de Duitse bezetting geïsoleerd van de rest van de maatschappij, in een getto zonder muren. Dat getto werd in opdracht van de Duitsers bestuurd door de Joodse Raad. Die begon zijn bestaan in februari 1941 met een oproep aan de Amsterdamse Joden om hun wapens in te leveren. De Raad preekte consequent gehoorzaamheid aan Duitse bevelen, ook toen in juli 1942 de deportaties begonnen. Wie bij de Joodse Raad werkte, was van die deportaties vrijgesteld, tot de zomer van 1943, toen ook zij werden afgevoerd.

    Door de mazen van het net

    De napoleontische tijd is een korte maar belangrijke periode in de Nederlandse en Rotterdamse geschiedenis geweest. In deze dynamische tijd veranderde er veel op bestuurlijk, fiscaal en juridisch gebied. Tegelijkertijd was het een tijd van diepe crisis, op politiek, sociaal én economisch gebied. Gedurende de gehele periode woedde er oorlog in Europa. Vooral Nederland werd zwaar getroffen door het continentaal stelsel dat Napoleon in 1806 had ingevoerd. Al het handels- en personenverkeer naar en van Engeland was verboden, waardoor de Nederlandse zeehandel vrijwel volledig stil kwam te liggen.

    Amstel 278

    Als Nederland in mei 1940 door de Duitsers wordt bezet, moet Géza Weisz na enige tijd met zijn gezin onderduiken. Met enkele anderen komt hij terecht bij de Zwitserse arts Fritz Rimathé op het adres Amstel 278. Beide mannen houden een dagboek bij. Fritz doet gedetailleerd verslag van zijn leven in Amsterdam: van de razzia’s in zijn buurt tot het kunstenaarsverzet en de invallen in zijn huis. Géza beschrijft de oplopende spanningen bij de onderduikers, maar ook het ontroerende weerzien met zijn elders ondergedoken zoon Fransje.
    Fragment: Principieel bezwaar tegen de Kultuurkamer

    Geruisloos uit de bibliotheekgeschiedenis

    Eind 1940 eist de Duitse bezetter het ontslag van alle Joodse medewerkers in Openbare Bibliotheken. Elf bibliotheekmedewerkers raken bijna geruisloos hun baan kwijt. Mark Deckers ging op zoek naar de verhalen van hun levens. Verhalen over pijnlijk ontslag of in de knop gebroken levens. Maar ook verhalen over het overleven van meerdere kampen of door moedig onderduiken. Verhalen over levens die bijna onder het stof leken te verdwijnen maar die het waard zijn om opnieuw in het licht te zetten.

    Het andere verhaal

    Hedendaagse Marokkaanse kunstenaars zetten Abdelkader Benali aan het denken over afkomst, identiteit en migratie en ze doorbreken barrières, los van groepsdruk of dogma. Met sommigen voert hij lange gesprekken, andere kunstenaars zijn vrienden geworden, en er zijn kunstenaars die uitsluitend via hun werk communiceren – maar allemaal leren ze hem beter kijken. Benali wandelt langs zijn favoriete kunstwerken, hij beschrijft wat ze betekenen voor de Marokkaanse kunstwereld en voor hemzelf, en mogelijk voor ons allemaal.

    Koloniekind

    Als dochter van ‘meester Meester’ groeide Mariët Meester op in de afgelegen justitiekolonie Veenhuizen, toen het Drentse dorp nog verboden was voor buitenstaanders. De kleine Mariëtte ging in een gevangenisbus naar de kleuterschool, de tuin van het huis waar ze woonde werd door gevangenen onderhouden en op zondag zat ze samen met gevangenen – haar rolmodellen – in de kerk. Voor Koloniekind kroop Meester weer in de huid van het meisje dat ze ooit was. Aan de hand van haar persoonlijke verhaal beschrijft ze van binnenuit hoe de inwoners van Veenhuizen samenleefden met de criminelen die ze moesten bewaken.

    Koningsmoord op Het Loo

    De oorzaak van de vroege dood van koning Willem II (1792 – 1849) is op zijn zachtst gezegd verdacht. De koning zou tijdens een bezoek aan Tilburg ‘ernstig onwel’ zijn geworden. Zijn echtgenote, koningin Anna Paulowna werd niet toegelaten tot zijn sterfbed. Na drie dagen zou Willem zijn overleden. Nederland moest maar liefst twee weken wachten op het officiële communiqué waarin de koninklijke lijfarts de gebeurtenissen die tot zijn dood zouden hebben geleid bekend maakte. Daarin ontbraken nadere gegevens over zijn doodsoorzaak.
    Bespreking: Werd koning Willem II door zijn zoon vermoord?

    Waarheen moet ik gaan?

    Waarheen moet ik gaan? is het aangrijpende relaas van twee joodse families, de Dunkelgrüns uit Polen en de Kulcsárs uit Hongarije. Het verhaal voert door Palestina, Perzië en Pennsylvania en is opgetekend door schrijver John Dunkelgru?n op basis van getuigenissen en uitgebreid archiefonderzoek. Beide families vestigen zich uiteindelijk in het vooroorlogse Den Haag waar Jopi Dunkelgrün en Bory Kulcsár in 1941 trouwen. De bezetter maakt het leven voor joodse burgers echter voelbaar gevaarlijker en twee familieleden van Bory en Jopi worden vastgezet. Terwijl de Kulcsárs besluiten onder te duiken doen de Dunkelgrüns een bloedstollende poging om naar Zwitserland te vluchten.

Meer geschiedenisboeken:


<<< Signalementen week 15 | Signalementen week 17 >>>