Nieuwe VOC-stukken in tentoonstelling ‘Schipbreuk’

Een kaart van het graafschap Holland uit 1636 – Collectie Nieuw Land
Bij Museum Nieuw Land in Lelystad is momenteel een tentoonstelling te zien over de reis en schipbreuk van de Batavia in 1629. Sinds kort zijn er enkele ‘nieuwe stukken’ in de tentoonstelling te bewonderen.

De tentoonstelling loopt tot en met eind oktober en ieder kwartaal worden er nieuwe bruiklenen tentoongesteld. De afgelopen maanden was onder meer een grote laat-Romeinse camee te zien. Deze camee, in bruikleen gegeven door het Geldmuseum, was volgens Nieuw Land het meest kostbare onderdeel van de lading van de Batavia.



- advertentie -
Kaart van de Tafelbaai bij Kaap de Goede Hoop – Bruikleen Nationaal Archief

Ook was de afgelopen tijd het zogenaamde Pelsaert-journaal in het museum te zien.

De komende tijd zijn een aantal andere bruiklenen in het erfgoedcentrum te bekijken. Zo is er van het Nationaal Archief in Den Haag een VOC-archiefstuk uit 1626, waarin de bouw van retourschepen – de Batavia was van dit type – wordt aangekondigd. Ook is nu een door Johannes Vingboons geaquarelleerde kaart van de Tafelbaai bij Kaap de Goede Hoop, een belangrijke pleisterplaats van de Batavia, en een getekend aanzicht van Batavia uit 1650 te zien. Nieuw Land:

Van de Bibliotheek van de Universiteit van Amsterdam – Bijzondere Collecties, is er een wereldkaart uit 1617 en een kaart van Afrika uit 1610 te zien. Een klein gebrandschilderd glas uit 1646 waarop de bouw van een schip is verbeeld is afkomstig van het Zuiderzeemuseum. Ook worden er twee achttiende-eeuwse VOC-munten en een kaart van het graafschap Holland uit 1636 getoond, deze zijn afkomstig uit de eigen collectie van Nieuw Land.

Gedurende de gehele looptijd van ‘Schipbreuk’ – dus tot eind oktober van dit jaar – zijn er prachtige vondsten te zien, afkomstig uit het Western Australia Museum te Freemantle en de Bataviawerf. Onder andere een baardmankruik, een bronzen scheepsbel en een bronzen kookpot. Nieuw Land:

Spectaculair zijn de resten van het skelet van een jongedame. Zij is één van de opvarenden die de stranding van de Batavia wist te overleven, maar helaas niet wist te ontkomen aan de moordpartijen.

Reis en schipbreuk van de Batavia

Het VOC-schip de Batavia sloeg op 4 juni 1629 lek op een van de koraalriffen van de Houtman Abrolhos, voor de westkust van Australië. De meeste opvarenden wisten zich te redden. Ze bereikten een nabijgelegen koraaleilandje. Kapitein Adriaan Jacobsz en opperkoopman Francisco Pelsaert gingen hierna per sloep op zoek naar drinkwater. Tevergeefs. Uiteindelijk besloten de mannen naar Java te varen om daar hulp in te schakelen voor de overige bemanningsleden én voor de rijke lading van de Batavia.

Moordpartij na de schipbreuk

VOC-onderkoopman Jeronimus Cornelisz was achtergebleven op het kleine koraaleiland. Hij had eerder aan boord van de Batavia al een muiterij opgezet en nadat Jacobsz en Pelsaert per sloep vertrokken waren om hulp te zoeken, zag de onderkoopman zijn kans schoon. Hij greep de macht en vestigde een schrikbewind op het kleine eilandje. Ongeveer honderdtwintig bemanningsleden kwamen tijdens moordpartijen om het leven.

Aan het schrikbewind en leven van Jeronimus Cornelisz werd uiteindelijk door opperkoopman Francisco Pelsaert een einde gemaakt toen die terugkeerde met een hulpschip. Samen met zijn het merendeel van zijn kompanen werd Cornelisz opgehangen.

In de tentoonstelling Schipbreuk, de noodlottige reis van de Batavia wordt uitgebreid stilgestaan bij deze geschiedenis. De tentoonstelling is een samenwerking van Nieuw Land, Bataviawerf en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, afdeling Scheepsarcheologie.

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net

Meer van dit soort berichten? Like ons dan!

Gelijk naar geschiedenisboeken over:
Ook adverteren op Historiek?
Goede keus! Klik hier