De CPN en de arbeidersopstand in Oost-Berlijn (half juni 1953)

Vijf dagen in juni

Half juni 1953 staakten en demonstreerden duizenden Oost-Duitse arbeiders tegen de verlaging van hun levensstandaard. Russische tanks moesten de Volkspolizei te hulp komen om de arbeidersopstand met geweld te onderdrukken. In dit artikel ga ik in op de reacties van de Communistische Partij van Nederland (CPN) op de eerste arbeidersopstand in het Oostblok, de Russische invloedssfeer in Midden- en Oost-Europa. Hoe probeerden de communisten een fenomeen dat vanuit de ideologische optiek niet zou kunnen plaatsvinden – een staking van arbeiders in een volksdemocratie – te verklaren?

Berlijn, juni 1953

Vanaf het begin van de jaren vijftig probeerde Sovjet-leider Jozef Stalin van Oost-Duitsland, ofwel de Duitse Democratische Republiek (DDR), een succesvolle communistische staat te maken. De DDR-leider Walter Ulbricht zette in op een snelle industrialisering en ging ervan uit dat dat kon worden gerealiseerd als de Oost-Duitsers gewoon wat harder werkten. In 1953 verhoogde de DDR-regering de productienormen voor de arbeiders met tien procent; eerder waren de winkelprijzen al flink verhoogd. Dat betekende per saldo een reële loonsverlaging van 25 tot 30 procent. Al snel bleek dat dit niet werkte; de economische situatie verslechterde en nog meer Oost-Duitsers dan daarvoor vluchtten naar het Westen. De opvolgers van Stalin in het Kremlin – Stalin was begin maart 1953 overleden – gaven de Oost-Duitse leiders daarop opdracht om het programma tot industrialisering af te remmen.

Maar het was al te laat. Half juni kwam het in Oost-Berlijn en elders in Oost-Duitsland tot stakingen en demonstraties van arbeiders. Op 16 juni staakten zo’n 400.000 arbeiders. Al snel werden er ook politieke eisen gesteld: vrije verkiezingen en aansluiting bij de Bondsrepubliek. De acties kregen het karakter van een volksopstand. Een dag later, op 17 juni, zetten de Sovjetleiders Russische troepen in om de opstand met geweld de kop in te drukken. Er vielen in de dagen daarna honderden doden, duizenden werden gearresteerd.

Russische tanks in Leipzig, juni 1953 (Bundesarchiv, B 285 Bild-14676 / Onbekend / CC-BY-SA 3.0)
Russische tanks in Leipzig, juni 1953 (Bundesarchiv, B 285 Bild-14676 / Onbekend / CC-BY-SA 3.0)

De reactie van de CPN

Voor Nederlandse communisten was 1953 een dramatisch jaar. Het begon 1 februari met de Watersnoodramp. De wijze waarop de CPN op die ramp reageerde – en de reacties daar weer op – bevestigde de volstrekt geïsoleerde positie van die partij binnen de Nederlandse politiek en samenleving. Begin maart overleed Josef Stalin, de grote leider van de Sovjet Unie en van alle communisten; dat liet vele communisten ook in Nederland verweesd achter. In mei volgde een nederlaag bij de gemeenteraadsverkiezingen. De CPN ging toen achteruit naar iets meer dan 5 procent van de stemmen; bij de gemeenteraadsverkiezingen van 1946 was dat nog bijna 11 procent. In vergelijking met 1946 was de partij dus gehalveerd. En rond half juni waren er de stakingen in Oost-Duitsland.

- advertentie -

Voor de reactie van de CPN op de stakingen en demonstraties in de DDR is De Waarheid, de partijkrant van de CPN, de belangrijkste bron; over de gebeurtenissen van juni 1953 werd in die krant uitvoerig bericht. Die berichtgeving is als volgt samen te vatten:

  • De Sovjet-Unie ondernam na maart 1953 allerlei vredesinitiatieven die echter ook tegenkrachten opriepen. De Amerikanen en de West-Duitsers zochten naar mogelijkheden om de internationale spanning weer te laten oplopen.
  • De DDR-regering had enkele maatregelen genomen (onder meer de normenverhoging) die rond half juni tot ontevredenheid onder de bevolking had geleid. Maar die maatregelen waren door de regering weer herroepen.
  • De Amerikanen en hun West-Duitse handlangers besloten toen om reeds lang voorbereide provocaties te gaan uitvoeren. Duizenden provocateurs trokken vanuit West-Berlijn naar het Oosten, mengden zich onder protesterende Oost-Berlijnse arbeiders en verstoorden de orde. Met als gevolg: vandalisme, plundering, brandstichting.
  • Toen het Sovjetleger ingreep was het met de ordeverstoringen echter snel gedaan. Daarmee was de Amerikaanse opzet mislukt.

Er was dus volgens De Waarheid helemaal geen sprake van spontane stakingen en demonstraties in Oost-Berlijn en elders in Oost-Duitsland. Nee, het ging om in het Westen geplande provocatieve acties. Dag X (‘Tag X’), de dag waarop de DDR-regering omver geworpen zou worden, was daar al jarenlang voorbereid. Op 17 juni kwamen de samenzweerders in actie. Allerlei ‘geheime diensten en fascistische organisaties’ spoedden zich naar de oostelijke sector, vergezeld door enige duizenden opgeschoten jongeren, nog ‘opgevoed in de Hitler-jugend’. Ze trapten daar rotzooi tot de Sovjet-troepen samen met de DDR-politie ingrepen en de orde herstelden. De berichtgeving in De Waarheid kwam (niet geheel toevallig) in grote lijnen overeen met die in de Pravda, de Sovjet-partijkrant.

Binnen de CPN leidde de berichtgeving over de gebeurtenissen in de DDR tot verwarring. Ging het in dat land wel zo goed als de partij en de krant steeds beweerden? Zo schreef de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) in een rapport:

‘Hier en daar is men [binnen de CPN] ernstig gaan twijfelen aan de voorlichting in De Waarheid over de welstand in Oost-Duitsland en elders’.

In een ander rapport schreef de dienst:

‘Vele gewone C.P.N.-ers blijken van hun stuk gebracht door de opstand in Oost-Duitsland […]. Dit komt tot uiting in gevoelens van onbehagen, gepaard aan een zekere lusteloosheid in de basis der partij’.

Men ging ook twijfelen aan de leiding:

‘Een leiding als die van de C.P.N., die zich verplicht ziet op gezag van Moskou heden te verachten wat zij nog gisteren als voorbeeldig vereerde, moet wel aan prestige inboeten. Het zal de lust der kudde om opnieuw aan de slag te gaan niet vergroten’.

Vragen

Henk Gortzak, een vooraanstaand CPN’er – hij was in 1953 fractieleider in de Tweede Kamer – verwoordde in zijn autobiografie (uit 1985) zijn verwarring als volgt:

- advertentie -
Henk Gortzak in 1982 (CC BY-SA 3.0 nl - Anefo/Rob Croes - wiki)
Henk Gortzak in 1982 (CC BY-SA 3.0 nl – Anefo/Rob Croes – wiki)

‘Hoe konden arbeiders en arbeidersregering zó met elkaar in botsing komen, hoe kon zo’n kortsluiting ontstaan tussen een communistische partij en de werkers? […] En waarom zochten mijn Oostduitse kameraden de oorzaken van de demonstraties uitsluitend in het agerende en actievoerende Westen en waarom leek er van enig speuren naar eigen falen geen sprake? Het zat me dwars, en ik was niet de enige.’

De vraag is overigens of Gortzak deze twijfels in 1953 – als die toen al bij hem leefden – naar buiten had durven brengen. Dat had dan waarschijnlijk geleid tot een royement uit de partij.

Andere reacties

In de Tweede Kamer kwamen de gebeurtenissen in de DDR niet aan de orde. In de landelijke kranten werd er wel veel aandacht aan besteed. De sociaal-democratische Het Vrije Volk, de katholieke De Tijd en het liberale Algemeen Handelsblad hadden veel kritiek op de Sovjet-Unie en op de bloedige onderdrukking van het verzet in Oost-Duitsland. Zowel De Tijd als Het Vrije Volk schreven over de paradox dat het Sovjet-leger en de Volkspolizei het vuur openden op arbeiders om de macht van het volk te beschermen tegen de woede van het volk.

Het Vrije Volk was verontwaardigd over de berichtgeving in De Waarheid: ‘In Oost-Berlijn is niets gebeurd… zegt De Waarheid’. Ja, er was onrust en er waren demonstraties, maar na toezeggingen van de regering waren de arbeiders weer aan het werk gegaan. Pogingen van provocateurs uit West-Berlijn om hen tot een demonstratie te bewegen hadden ze van de hand gewezen. Verder niets in de krant over schietpartijen met doden en gewonden. De krant vervolgde:

‘Deze berichtgeving is laf. Iedereen weet wat er gebeurd is. Iedereen heeft de berichten gelezen en weet, dat Berlijn vol is met Russische tanks en gevechtswagens en velen hebben op hun televisietoestel met eigen ogen kunnen zien wat er werkelijk is gebeurd. De arbeiders van Oost-Berlijn zijn in opstand gekomen en de opstand is bloedig onderdrukt door de Russische bezetter. De Waarheid kiest voor de bezetter, de schietende tanks en de staat van beleg en zij laat de arbeiders lafhartig in de steek’.

Het Algemeen Handelsblad bleef ondanks alles optimistisch:

‘[E]en wrede dictatuur [kan] slechts met geweld haar macht in stand […] houden. Maar in het licht der historie is er deze éne waarheid: de slavernij is tijdelijk, de vrijheid wint het tenslotte van alle tirannie’.

Tot slot

Half juni 1953 kwam de onrust over de leefomstandigheden in Oost-Duitsland tot een uitbarsting. Dit was de eerste opstand in het Oostblok van arbeiders tegen hun ‘arbeidersregering’. Het zou niet de laatste zijn. En in de meeste gevallen zou de CPN – trouw aan de Sovjet-Unie en aan het marxisme-lenisme – het optreden van de Sovjet-troepen verdedigen.

~ Jan de Vetten

Dit artikel maakt onderdeel uit van de serie De CPN in de Koude Oorlog

Lees ook: Communistische Partij van Nederland (CPN) – Een korte geschiedenis
Boek: IJzeren Gordijn – De inlijving van Oost-Europa 1944-1956

Bronnen

Bronnen
– Gortzak, Henk, Hoop zonder illusies. Memoires van een communist (Amsterdam 1985).
– Judt, Tony, Postwar. A history of Europe since 1945 (Londen 2006).
– Melching, Willem, Van het socialisme, de dingen die voorbij gaan. Een geschiedenis van de DDR, 1945-2000 (Amsterdam 2005).

Verder:
– Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, Archief CPN.
– Stichting Argus, Rapporten BVD: http://www.stichtingargus.nl/bvd/.
– Diverse dagbladen: De Waarheid, Het Vrije Volk, De Tijd en het Algemeen Handelsblad.

Bekijk ook onze uitgebreide onderwerpenlijst of het personenregister

De klassieke wereld in 52 ontdekkingen - Leonard RutgersDe jodenvervolging in foto'sDe keuze - Leven in vrijheidDe Bourgondiërs - Bart Van LooDe geschiedenis van Nederland in 100 oude kaarten
Gelijk naar geschiedenisboeken over: