De jacht op het Calydonische zwijn

3 minuten leestijd
De Calydonische jacht op een Romeinse fries
De Calydonische jacht op een Romeinse fries (CC BY-SA 3.0 - wiki)

Een bekend verhaal uit de Griekse mythologie draait om de jacht op het Calydonische zwijn. In dit legendarische verhaal spelen de koningszoon Meleagros en de beroemde jaagster Atalanta een hoofdrol. Vermoedelijk is het verhaal ontstaan uit een lokale Griekse mythe. Hieronder een beknopte samenvatting van het verhaal:

Meleager met het Calydonische everzwijn Romeinse kopie naar een oud-Griekse origineel uit de 4e eeuw v.Chr.
Meleager met het Calydonische everzwijn Romeinse kopie naar een oud-Griekse origineel uit de 4e eeuw v.Chr.
Op een dag offerde Oineus, de koning van Calydon, tijdens een groot oogstfeest aan de goden. Om de een of andere redenen vergat hij hierbij echter ook aan de jachtgodin Artemis te offeren. De godin was hier zeer verbolgen over zond voor straf een woest everzwijn naar de streek. Het enorme dier, dat zo groot was als een stier, teisterde het gebied. Bossen en landerijen werden vertrapt en veel vee viel ten prooi aan het ziedende beest. Uit angst voor het dier zochten veel inwoners van het gebied een veilig heenkomen binnen de stadspoorten. De Romeinse dichter Ovidius schreef in zijn Metamorphosen het volgende over het dier:

“…zijn ogen spuiten bloed en vuur, zijn ruige nek staat stijf van borstelhaar, sprieten die recht als strakke lansen huivering wekken met hun hechte, hooggerichte kam; hij blaast met rauw gehijg heet schuim over zijn brede flanken, zijn tanden zijn vervaarlijk als een olifant, vuuradem bliksemt uit zijn bek en doet het boomloof branden. Het beest vertrapt de halmen van het wassend graan, het maait de rijpe korenaren stuk, tot wanhoop van de boeren, en plet de korrels of het kaf is; dorsvloer, korenschuur, zij wachten beide vruchteloos op langbeloofde oogsten.” VII, 284-293, vert: M. D’Hane-Scheltema

Artemis nam dus wraak. Men had haar geen eer gebracht na de oogst en dus zorgde de godin er met haar zwijn voor dat het gebied voorlopig helemaal geen goede oogst meer kreeg. Al snel werd duidelijk dat het dier veel te sterk was om door een enkele jager te worden gedood. Meleagos, de zoon van de koning, besloot daarom alle helden en de beste jagers van Griekenland op te roepen om gezamenlijk deel te nemen aan een grote jachtpartij. Verschillende grootheden gaven gehoor aan de oproep. Onder hen onder meer de mythische tweeling Castor en Pollux, Peleus (de vader van de held en halfgod Achilles), Jason en Telamon.

Verbeelding van de Calydonische jacht uit circa 555 v.Chr.
Verbeelding van de Calydonische jacht uit circa 555 v.Chr.

Atalanta en Meleagos

Ook de beroemde jaagster Atalanta meldde zich aan voor de jacht op het Calydonische zwijn. Tot onvrede van de mannelijke jagers was zij bovendien de eerste die het omsingelde dier tijdens de jacht een wond wist toe te brengen. Enkele mannen konden dit moeilijk verkroppen en stortten zich hierna roekeloos op het zwijn in een poging Atalanta alsnog te overtreffen. Het Calydonische zwijn was ondanks zijn verwonding echter nog lang niet verslagen en rekende af met de aanstormende mannen.

Uiteindelijk slaagde Meleagos er toch in het zwijn te doden. De koningszoon was inmiddels verliefd geraakt op Atalanta en besloot een deel van de jachtbuit met haar te delen, aangezien zij de eerste wond had toegebracht. Dit beviel de andere jagers maar niets. Twee van hen, Plexippos en Toxeus, besloten daarop Atalanta haar buit te ontnemen. Uit wraak werden de twee enige tijd later door Meleagos gedood.

De jacht op het Calydonische zwijn heeft in de loop der tijd vele kunstenaars geïnspireerd. Ook de Vlaamse meester Peter Paul Rubens legde de geschiedenis op doek vast:

Schilderij van Rubens over de jacht op het zwijn. Rechts Atalanta en links Meleagos
Schilderij van Rubens over de jacht op het zwijn. Rechts Atalanta en links Meleagos, ca. 1611-1612

Bronnen

-https://www.britannica.com/topic/Meleager-Greek-mytholog
-Ovidius – Metamorphosen (Athenaeum, 2021)
-Griekse mythologie encyclopedie – Guus Houtzager (Rebo, 2005) p.64-65
-De grote mythologie encyclopedie – Arthur Cotterell e.a. (Veltman) p.27