geschiedenisboeken

Nieuwe geschiedenisboeken (week 23) – 2021

/

Wekelijks verschijnen er nieuwe geschiedenisboeken. Van lijvige studies tot publieksboeken en van naslagwerken tot historische strips. Op Historiek plaatsen we veel voorpublicaties en we bespreken zoveel mogelijk titels, maar alles bespreken is ondoenlijk. Daarom hebben we de rubriek ‘signalementen’. Hier plaatsen we wekelijks een bericht met daarin recent verschenen en besproken titels.


<<< Signalementen week 22 | Signalementen week 24 >>>

Selectie week 23

  • De tombe van Floris V

    Als Floris V (1254-1296) 1,5 jaar oud is, wordt zijn vader door de West-Friezen vermoord. Op latere leeftijd weet hij orde op zaken te stellen in Holland, Zeeland en West-Friesland. In die roerige dertiende eeuw is Floris ook internationaal een speler van formaat. Uiteindelijk wordt hij ontvoerd, maar als Hollandse boeren en burgers hem proberen te bevrijden wordt de graaf op 27 juni 1296 in de buurt van het Muiderslot door zijn ontvoerders in paniek gedood.
    Fragment: Een baar in Alkmaar

  • Gare du Nord

    Gare du Nord is een boek over het verlangen. Rond 1900 trokken almaar nieuwe generaties kunstenaars uit de Lage Landen naar Parijs, de onbetwiste culturele hoofdstad van de wereld. In de Ville Lumière zochten zij inspiratie en succes. Hun brandstof: steile ambitie, jeugdige overmoed, geilheid en honger naar wat nieuw was – ongezien en ongehoord. In ateliers en salons maar evengoed in de cafés op de boulevards of in de zoele geur van de metrostations leerden zij over het leven. En passant vonden zij mee de moderniteit uit. Eric Min borstelt een groepsportret van schilders, schrijvers en fotografen waarin figuren als Van Gogh en Rops, Wiertz en Verhaeren, Mondriaan en Masereel, Simenon en Claus het gezelschap krijgen van tijdgenoten voor wie de geschiedenis minder aardig was.

  • Het ergste moet nog komen

    In 2006 gaf oud-hoogleraar Amerikaanse geschiedenis Alfons Lammers een nieuwe draai aan zijn leven door van de Randstad te verhuizen naar Otterlo, nabij het Kröller-Müller Museum. Dit boek is het hoogst persoonlijke, in briefvorm vertelde verhaal van tien jaar wederwaardigheden op de Veluwe. Kunst en literatuur bieden houvast, de actualiteit volgt hij op gepaste afstand. Niets is overtollig, niets is minderwaardig, zegt Lammers dadaïst Kurt Schwitters na; de knipsels van zijn bestaan veranderen daardoor in een boeiende collage.

  • Kunsjt!

    Waarom is Michelangelo’s David niet besneden? Het ontbreken van een voorhuid was toch juist wat de koning der Joden onderscheidde van zijn heidense rivalen? Was Rembrandts Joodse bruidje eigenlijk wel Joods? En waarom stond Vincent van Gogh als devoot christen met een bos sneeuwklokjes op de stoep bij zijn Joodse leermeester? Jaron Beekes beantwoordt vragen als deze in zijn eigenzinnige zoektocht naar Joodse identiteit binnen de kunst. Wat bindt schilders als Marc Chagall, Mark Rothko en Isaac Israëls? Welke Joodse kwesties spelen een rol bij Diane Arbus, Frida Kahlo en Helmut Newton? En hoe zit dat met het tweede van de Tien Geboden: ‘Gij zult geen beelden maken’?
    Bespreking: Een Joodse kijk op kunst in 50 meesterwerken

  • Multatuli leeft in Lebak

    De Max Havelaar deed bij verschijnen in 1860 een rilling door Nederland gaan. Maar welke rol speelde het boek in het koloniale Indië en het onafhankelijke Indonesië? Vanaf het einde van de negentiende eeuw inspireerde het de nationalisten om in opstand te komen, en tot op heden heeft het een plaats in de Indonesische cultuur. Het is verfilmd, er zijn toneelvoorstellingen van gemaakt, er wordt over geschreven en gesproken, er is zelfs een Multatuli-museum in Rangkasbitung, de oude standplaats van Eduard Douwes Dekker.

  • Ongemakkelijk erfgoed

    Het kanon van de koning van Kandy, krachtbeelden uit Congo, de Benin-bronzen, Javaanse tempelbeelden: het is maar een greep uit een veelheid van voorwerpen die vaak op oneigenlijke wijze in bezit zijn gekomen van Nederlandse en Belgische musea en particuliere verzamelaars. En dan liggen hier ook nog menselijke resten uit koloniale gebieden. Sinds hun onafhankelijkheid roepen de voormalige koloniën om teruggave van verloren erfgoed. Daardoor voelt dit bezit steeds ongemakkelijker en zoeken regeringen en musea in Nederland en België manieren om waardevolle objecten terug te geven.

  • Toverij, contramagie en bijgeloof, 1580-1800

    In de tweede helft van de zestiende eeuw nam de vervolging van kwade toverij sterk toe. Sociale en religieuze spanningen, economische malaise, centralisatie en veranderingen in het rechtssysteem hebben eraan bijgedragen dat in Europa tussen 1500 en 1800 ongeveer 45.000 tovenaars ter dood zijn veroordeeld. In de Republiek stopte de vervolging al in 1595. Jan Stronks beschrijft hoe er binnen de Gereformeerde Kerk werd gedacht over toverij. Kwade tovenaars waren mensen die God afzwoeren en met duivelse hulp dood en verderf zaaiden. Veel theologen en predikanten twijfelden. Ze debatteerden over de duivel, Gods almacht, contramagie en bijgeloof. Via prediking en catechese bestreden ze het magisch wereldbeeld van het kerkvolk.

  • Wachtend op het vuurpeloton

    Terwijl in 1870 de Frans-Duitse oorlog volop woedt, wordt de Pruisische dichter en romancier Theodor Fontane (1819–1898) achter de Franse linies gevangengenomen. Hij wordt van spionage beschuldigd en ontsnapt ternauwernood aan het vuurpeloton. Maar daarmee is hij zijn leven nog helemaal niet zeker. Terwijl de Duitse legers verder oprukken en het Franse staatsgezag zienderogen afbrokkelt, wordt hij van de ene gevangenis naar de andere overgebracht, steeds dieper Frankrijk in. Keer op keer wordt hij aan ondervragingen onderworpen en moet hij spitsroeden lopen door woedende volksmenigten. Uiteindelijk belandt hij, samen met honderden andere gevangenen, op het gevangeniseiland Oléron aan de Atlantische kust.

  • De bijl van Sint-Olav

    Te midden van een strijd om macht en religie vluchtte in 1537 de laatste katholieke aartsbisschop van Noorwegen, Olav Engelbrektsson, naar de Nederlanden van Karel V. Op zijn vlucht nam de kerkvorst een groot deel van de schat van de Nidaroskathedraal in Trondheim mee, waaronder de bijl van Sint-Olav, twee kronen, kelken, monstransen en andere kostbaarheden. Dit boek volgt het spoor van de aartsbisschop, zijn gevolg en de kerkschatten.

  • De goudsmid

    In het Suriname van de jaren zestig is Parmeswar Gowricharn een gerespecteerde goudsmid met een tevreden klantenkring. De verhuizing naar een andere wijk die een stap hogerop zou moeten betekenen, zorgt juist voor problemen. Afgesneden van zijn sociale kapitaal en zijn familie, wordt het voor de goudsmid steeds moeilijker om aan werk te komen en hij raakt verslaafd aan alcohol. Hoe reageert de Hindostaanse gemeenschap, waarin maatschappelijk aanzien en succes zwaar wegen, op deze sociale daling? Hoe reageren de gezinsleden?

Meer geschiedenisboeken:


<<< Signalementen week 22 | Signalementen week 24 >>>