Gaius Julius Caesar (100-44 v.Chr.)

Veldheer en dictator. Beter bekend als Julius Caesar of gewoon kortweg Caesar. Aan zijn naam hebben wij de woorden tsaar en keizer te danken. Ook is de maand juli naar hem vernoemd.

Buste van Julius Caesar
Buste van Julius Caesar
Gaius Julius Caesar wordt op 13 juli in het jaar 100 v.Chr. geboren als de zoon van Gaius Julius Caesar Strabo en Aurelia Cotta in de Romeinse wijk Subura. Zijn vader is actief in de politiek en bekleedt onder andere het ambt van praetor en is gouverneur van de Romeinse provincie Asia. Caesars moeder bekommert zich om zijn opvoeding. Het gezin is lid van de Gens Julia. Dat was een invloedrijke patricische familie, die de Trojaanse prins Aeneas en zijn moeder Venus tot hun voorouders rekent.

De jonge Julius verdiept zich in de werken van de Griekse dichter Homerus en leert paardrijden, zwaardvechten en zwemmen. Al gauw legt hij een groot redenaarstalent aan de dag. Kort nadat Caesar op 15 maart 85 v.Chr. van zijn vader de toga virilis krijgt, overlijdt deze. Zo is de 16-jarige Julius in een klap pater familias, vader van de familie.

Huwelijk

In 84 v.Chr. beëindigd Caesar zijn verloving met Cossutia, een rijk meisje uit de ridderstand, om in het huwelijk te treden met Cornelia Cinna minor. Zij is de dochter van Lucius Cornelius Cinna, de leider van de populares. Dictator Lucius Cornelius Sulla staat aan het hoofd van de optimates en ziet Caesar het liefst scheiden. Deze weigert dat en slaat op de vlucht. De inmiddels 19-jarige Caesar komt terecht in de provincie Asia en schopt het tot officier. In 80 v.Chr. ontvangt hij de corona civica voor bewezen moed tijdens de belegering van de stad Mytilene op Lesbos.

- advertentie -

Caesar heeft zijn trouw aan de populares bewezen en de fundamenten voor zijn politieke carrière zijn hiermee gelegd. In 68 v.Chr. begint hij als quaestor in de provincie Hispania Ulterior. Zijn vrouw Cornelia Cinna is inmiddels overleden en Caesar trouwt met Pompeia Sulla, de kleindochter van dictator Sulla. Ook Sulla leeft niet meer. Julius Caesar maakt zich met name populair door in 65 als aedilis curulis massale volksfeesten te organiseren maar steekt zich hiermee ook diep in de schulden.

Pontifex maximus

Caesar (Rijksmuseum van Oudheden)
Caesar (Rijksmuseum van Oudheden)
Terug in Rome promoveert Caesar in 63, tijdens het consulaat van Marcus Tullius Cicero, van rechter tot pontifex maximus, hoogste tempelrechter. Deze verkiezing kost hem naar verluidt veel (smeer)geld. Na een jaar wordt hij benoemd tot praetor en in 61 keert hij als propraetor terug naar Hispania Ulterior.

Eerste Triumviraat

Het gaat Caesar politiek voor de wind, maar hij wil meer. Hij streeft naar het hoogst haalbare voor een Romeins politicus: het consulaat. Om dit te realiseren sluit hij in 60 met Gnaius Pompeius Magnus en Marcus Licinius Crassus een informeel politiek verbond dat bekend staat als het Eerste Triumviraat. Om dit driemanschap te bestendigen huwt Pompeius met Caesars dochter Julia. Caesar zelf trouwt in 59 met Calpurnia Pisonis, dochter van Lucius Calpurnius Piso Caesonius.

Doel van het verbond is de invloed van de senaat te beteugelen en ervoor te zorgen dat er niets gebeurd op het Romeinse politieke toneel zonder instemming van de triumviraten. Er wordt afgesproken dat Caesar in 59 tot consul wordt verkozen. Hij moet ervoor zorgen dat de veteranen van Pompeius een stuk land krijgen en slaagt hierin.

Al gauw blijkt dat Caesar het meeste voordeel uit het driemanschap weet te slepen. Na zijn consulaat, in 58, wordt Caesar namelijk proconsul van de provincies Gallia Cisalpina (Noord-Italie), Illyrie (ex-Joegoslavie) en later ook Gallia Narbonensis (Zuid-Frankrijk). Hij wordt aangesteld voor een periode van vijf jaar terwijl één jaar gebruikelijk is. Het triumviraat houdt stand tot Crassus’ dood in 53.

Gallische oorlog van Julius Caesar

Met vier legioenen onder zijn bevel verruilt Caesar Rome voor zijn nieuw verworven provincies. In de daaropvolgende jaren verovert hij heel Gallië in een reeks veldtochten die te boek staan als de Gallische Oorlog. Er is veel bekend over deze oorlog omdat de succesvolle veldheer er zelf uitvoerig verslag van heeft gedaan in zijn Commentarii de bello Gallico.

Hij verovert niet alleen land, maar tijdens deze veldtochten vergaart hij ook een fortuin aan buit en licht hij nieuwe manschappen. In 52 v.Chr. bestaat Caesars leger uit tien legioenen en zesduizend ruiters.

Dat jaar dwingt hij de Galliërs definitief op de knieën. Net buiten Alesia, het tegenwoordige Alise-Saint-Reine, wordt Caesar aangevallen door een Gallisch leger onder het bevel van krijgerkoning Vercingetorix. De Galliërs zijn in de meerderheid maar lijden desalniettemin een nederlaag. De rollen zijn nu omgedraaid en de Galliërs verschuilen zich in de vestingstad Alesia. Caesar laat een dubbele vestingwal aanleggen bestaande uit wachttorens, muren en loopgraven.

Belegering

De binnenste wal, met een lengte van elf kilometer, was bedoeld om te voorkomen dat de Vercingetorix en zijn mannen zouden uitbreken. De dertien kilometer lange buitenwal had tot doel de Romeinse belegeraars te beschermen tegen aanvallen van Gallische hulptroepen. En met succes. Een Gallisch leger van 250.000 krijgers slaagt er niet in hun kompanen in Alesia te ontzetten. Vercingetorix lukt het op zijn beurt niet door de Romeinse linies heen te komen. Na zes weken ziet hij zich genoodzaakt zich over te geven aan Caesar om zijn mannen te redden van de hongersdood. De Gallische koning wordt gevangengenomen en vier jaar later in Rome publiekelijk gewurgd.

Overgave van Vercingetorix, schilderij van L. Royer 1888
Overgave van Vercingetorix, schilderij van L. Royer 1888

Na de verovering van Gallië beschikt Caesar over een onmetelijk kapitaal en een door de wol geverfde strijdmacht die voor hem door het vuur gaat. De senaat beveelt Caesar in 50 v.Chr. zijn leger te ontbinden en terug te keren naar Rome omdat zijn proconsulaat is afgelopen. Caesar weigert. Hij weet dat zijn politieke carrière is afgelopen als hij in Rome terugkeert zonder leger of zonder zijn proconsulaire immuniteit.

Burgeroorlog

Pompeius is inmiddels door de senaat aangesteld als dictator om de Romeinse Republiek te beschermen tegen de verrader Caesar. Op 10 januari 49 staat Gaius Julius Caesar aan de oever van de rivier Rubicon, de scheidslijn tussen Gallia Cisalpina en Italië, de grens van zijn mandaatgebied. Hij weet dat als hij de rivier oversteekt feitelijk een staatsgreep pleegt en de republiek in een burgeroorlog stort. Het weerhoudt hem er niet van. Met de beroemde woorden “Alea iacta est”, de teerling is geworpen, steekt hij met het Dertiende Legioen de Rubicon over en maakt zichzelf tot hostis, staatsvijand.

Pompeius heeft geen leger op de been kunnen krijgen, sterk genoeg om Rome te verdedigen. Hij vlucht de Adriatische Zee over en laat de provincie Italia aan haar lot over. Ondertussen wint Caesar, onderweg naar zijn geboortestad, de Noord-Italiaanse steden voor zich. Hij marcheert dan in 27 dagen naar Hispania Ulterior om zich bij twee van zijn Gallische legioenen te voegen en daar de medestanders van Pompeius te verslaan. Daarna zet hij de achtervolging in, steekt de Adriatische Zee over en zet op 4 januari 48 voet aan wal.

Nederlaag

Pompeius en zijn leger, dat voornamelijk bestaat uit rekruten, houden zich op bij Dyrrachium, de huidige Albaanse kustplaats Durrës. Caesar bouwt fortificaties, onderling verbonden door loopgraven, om hem daar te houden. Pompeius kan het met zijn onervaren leger niet veroorloven te worden vastgepind. Zodra hij de strategie van zijn opponent doorheeft valt Pompeius aan en breekt door de vestingwal. Caesar ontsnapt maar lijdt een gevoelige nederlaag.

Een maand later, op 9 augustus, treffen de veldheren elkaar weer, ditmaal bij het Griekse Pharsalus. Pompeius’ leger bestaat uit 45.000 infanteristen en 7000 ruiters. Daar tegenover staat Caesar met 22.000 voetsoldaten en 1000 man te paard. Hij is in de minderheid maar niettemin weet hij het leger van zijn rivaal te verslaan. Pompeius slaat weer op de vlucht, nu naar Egypte.

Cleopatra

Standbeeld van Cleopatra
Standbeeld van Cleopatra
Pompeius zoekt zijn toevlucht in Alexandrië waar hij wordt vermoord en onthoofd in opdracht van de Egyptische koning Ptolemeus XIII. Deze is verwikkeld in een burgeroorlog met zijn zus, vrouw en tevens koningin Cleopatra. Als Caesar aankomt in Alexandrië krijgt hij van Ptolemeus het hoofd van Pompeius aangeboden. Caesar schijnt te hebben gehuild bij dit aangezicht. Hij schaart zich aan de zijde Cleopatra en verslaat in 47 v.Chr. de legers van haar broer. Caesar zet Cleopatra op de troon van Egypte en tevens verwekt hij een zoon bij haar, Caesarion.

Dictator

Terug in Rome wordt Caesar in 46 aangesteld als dictator. Marcus Antonius, die met hem zij aan zij vocht tegen Pompeius, wordt zijn magister equitem of eerste luitenant. Na 11 dagen verruilt hij zijn dictatorschap voor het consulaat, zijn tweede. Ook in 45 bekleedt hij het ambt van consul. In maart van dat jaar rekent hij tijdens de slag bij Munda in Hispania af met Gnaeus en Sextus Pompeius, de zoons van. De laatste oppositie is uitgeschakeld.

Aanslag op Julius Caesar

In 44 v.Chr. wordt Caesar benoemt tot dictator perpetuus, dictator voor het leven. Echter, de senaat wil geen dictatuur en geeft de voorkeur aan het Republikeinse staatsbestel. Caesar gedraagt zich teveel als koning en de senatoren hebben geen goede herinneringen aan koningen. De laatste koning Tarquinus Superbus ontnam de Romeinse burgers hun verworven rechten, net als Caesar nu.

moord op julius caesar
moord op julius caesar
Op 15 maart, de iden van maart, wordt er een aanslag gepleegd op het leven van Julius Caesar. Zijn vrouw Calpurnia heeft hierover gedroomd. Ook een waarzegger waarschuwde hem eerder voor deze dag. Toch gaat Caesar die dag naar het senaatsgebouw, zijn dood tegemoet. In zijn boek Keizers van Rome schrijft Suetonius het volgende over de laatste momenten van de dictator:

“€Terwijl hij plaats nam, kwamen de samenzweerders om hem heen staan, zogenaamd om hem eer te bewijzen. Toen […]greep Cimber zijn toga bij beide schouders vast. Caesar riep uit: ‘Maar dit is geweld’ en op hetzelfde ogenblik bracht een van de gebroeders Casca hem van achter een wond toe even onder de keel. […] Toen hij merkte dat hij van alle kanten met getrokken dolken werd belaagd, omhulde hij zijn hoofd met zijn toga en trok gelijk met zijn linkerhand de plooien van zijn toga strak omlaag tot aan zijn voeten, zodat hij er behoorlijk bij zou liggen. In deze houding werd hij drieëntwintig maal doorstoken. Alleen bij de eerste stoot kermde hij zonder een woord, al hebben sommigen overgeleverd dat hij […] tot hem (Marcus Brutus) heeft gezegd: ‘ook jij, mijn zoon?'[…] Onder al die wonden werd er slechts één gevonden die […] dodelijk was, de tweede, die hem was toegebracht in de borst.”

~ Wander Rooijackers

Verfilming van de aanslag op Julius Caesar:

"Het feestmaal van Attila" van Mór Than
Attila de Hun, gevreesd koning van de Hunnen die onder meer de…
Postuum portret van keizer Augustus met corona civica (zogenaamde „Augustus Bevilacqua“-buste, 45-50, Glyptothek München).
De eerste Romeinse keizer: Augustus. Zijn naam betekent 'de verhevene'. Hij wordt…

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net