Oud-strijdersportretten door Petrus Marinus Slager

Ooggetuigen van Waterloo
Op 18 juni 2015 is het 200 jaar geleden dat de Slag bij Waterloo plaatsvond. Deze slag bepaalde het lot van Europa en betekende het definitieve einde van Napoleons keizerrijk. Mede daarom spreekt de Slag van Waterloo nog steeds tot de verbeelding. Boekenkasten zijn er over volgeschreven en tot op de dag van vandaag spelen re-enactors de slag elk jaar weer na in een groots spektakel. Het grootste schilderij van het Rijksmuseum verbeeldt die Slag bij Waterloo. De schilder Jan Willem Pieneman heeft een cruciaal moment in de strijd vastgelegd: de Engelse bevelhebber Wellington hoort dat Pruisische hulp onderweg is en weet dat de overwinning nu nabij is. De Nederlandse kroonprins, de latere koning Willem II, ligt gewond op een brancard. Zijn moedige optreden bezorgde hem de bijnaam ‘de Held van Waterloo’. Rondom dit imposante schilderij brengt het Rijksmuseum in de zomer van 2015 verschillende oud-strijders bijeen. Ze zijn vastgelegd op het schildersdoek, op oude foto’s en zelfs in opgezette vorm aanwezig. Het paard van de Prins van Oranje, Wexy, is dankzij het Koninklijk Huisarchief in het museum te zien, als de ooggetuige van Waterloo bij uitstek! Een serie van 6 artikelen besteedt aandacht aan enkele ‘Waterloo-objecten’ en hun geschiedenis.


Oud-strijdersportretten door Petrus Marinus Slager: de herinnering aan Waterloo in ‘s Hertogenbosch

- advertentie -

Groepsportret door Petrus Marinus Slager, 1875 (Museum Slager)
Groepsportret door Petrus Marinus Slager, 1875 (Museum Slager)
Veel geschiedschrijvers en kunstenaars hebben zich gewaagd aan interpretaties van de Slag bij Waterloo. De persoonlijke herinnering van oud-strijders kon op heel wat minder aandacht rekenen. De oud-strijdersportretten door de Bossche kunstschilder Petrus Marinus Slager zijn zeldzame voorbeelden van schilderijen waarin de overlevenden van de veldslag een gezicht krijgen.

In 1875 vervaardigde Slager het grote portret van acht veteranen ter gelegenheid van de zestigjarige herdenking van de Slag bij Waterloo in ’s Hertogenbosch. Wie de opdrachtgever was en welke oud-strijders er zijn afgebeeld, is niet precies bekend. Op het moment van vastlegging waren er in Den Bosch zeker dertien oud-strijders in leven. De afgebeelde grijsaards poseerden met hun Zilveren Kruis dat ze in 1865 hadden gekregen voor hun bewezen moed en trouw aan het vaderland. Ze staan symmetrisch opgesteld rondom een buste van Willem II, ‘de held van Waterloo’. Op de achtergrond zijn de vage beeltenis van Prins Frederik en de wapens van Brabant en Den Bosch zichtbaar.

Op 16, 17 en 18 juni 1875 hing het oud-strijdersportret in het gemeentehuis van Den Bosch, opdat iedereen het kon gaan bewonderen. Na de Waterlooherdenking verdween het schilderij, met de schenking aan Prins Frederik, voor lange tijd uit Den Bosch. Ook het eenmansportret is vermoedelijk omstreeks de herdenking in 1875 gemaakt. Afgebeeld is het doorleefde gelaat en bovenlijf van de kleermaker Christianus Matheus Viegers. Net zoals de oud-strijders op het andere portret draagt hij een zwarte hoed en een Zilveren Kruis.

Portret door Petrus Marinus Slager van Christianus Matheus Viegers, 1875 (Rijksmuseum Amsterdam)
Portret door Petrus Marinus Slager van Christianus Matheus Viegers, 1875 (Rijksmuseum Amsterdam)
Matheus Christianus Viegers en de acht oud-strijders waren lid van de vereniging Het Zilveren Kruis dat in 1868 werd opgericht in ’s Hertogenbosch. Enkel oud-strijders die hadden gevochten in de napoleontische oorlogen in 1813-1815 konden toetreden. Het belang van deze vereniging blijkt uit de centrale positie van de rode banier van Het Zilveren Kruis op het oud-strijdersportret van Slager. Net als gelijknamige verenigingen in Den Haag, Amsterdam en Delft richtten de activiteiten van het genootschap in Den Bosch zich op de bevordering van de onderlinge kameraadschap tussen de veteranen. De herdenking van Waterloo op 18 juni betekende voor hen een hoogtepunt. Ieder jaar kwamen de oud-strijders dan samen om te dineren.

Bij begrafenissen van veteranen van de vereniging verzamelden de oud-strijders zich om samen afscheid te nemen. Traditiegetrouw weerklonk er stafmuziek van het vijfde regiment infanterie. Door de jaren heen waren er steeds minder veteranen aanwezig op deze bijeenkomsten. Bij de oprichting in 1868 bestond de vereniging uit vierenzestig leden. In 1882 bleven er nog vier kranige mannen over en in 1888 blies de laatste oud-strijder uit Den Bosch ten slotte zijn adem uit. H. van Gerven stierf op de leeftijd van eenennegentig jaar.

~ Jolien Gijbels

Beide schilderijen hangen normaal gesproken in Museum Slager in Den Bosch. Het groepsportret is van 3 juni tot en met 27 september te zien in de Waterloo-zaal van het Rijksmuseum.

Bekijk ook onze uitgebreide onderwerpenlijst of het personenregister

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net

Gelijk naar geschiedenisboeken over: