De geschiedenis van vluchtelingen en asielzoekers

'De vluchtelingenrepubliek – een migratiegeschiedenis van Nederland' is een boek dat in zestien hoofdstukken een beladen onderwerp onder handen neemt: vlucht, asiel en integratie. Al decennia lang voeren we immers een heftig debat over de vraag wie we moeten toelaten en waarom, en wat dat voor de samenleving betekent.

Op de vlucht voor de Franse Revolutie

Aan het eind van de achttiende eeuw kwam er een nieuw soort vluchteling op. Dit had te maken met de Franse Revolutie. Of liever: de Terreur, de oorlog en de levée en masse (de algemene dienstplicht) die door de Franse revolutionaire machthebbers in het leven geroepen waren. Deze drie dingen leidden tot een gebeurtenis die de geschiedenisboeken ingegaan is als

///

Koningin Wilhelmina wilde geen Joods vluchtelingenkamp in haar achtertuin

Als oplossing voor de grote toestroom van Joodse vluchtelingen, besloot de Nederlandse overheid nog voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog tot de bouw van een centraal opvangkamp. Het oog viel op een vlakte in de gemeente Ermelo, het Elspeterveld. De Ermelose gemeenteraad ging akkoord, maar toch kwam het kamp er niet. Koningin Wilhelmina had bezwaren tegen een kamp vol

/

Asielrecht – Vluchten naar het kerkhof

Bij asielrecht denken we tegenwoordig vooral aan het hedendaagse vreemdelingenrecht voor vluchtelingen. In de Middeleeuwen was er echter ook een asielrecht. Wie in de problemen zat kon dankzij dit recht altijd nog uitwijken naar het kerkhof. Daar was men namelijk gevrijwaard van rechtsvervolging. Op termijn bleek deze situatie echter niet houdbaar en werd het kerkelijk asielrecht in steeds meer steden