Jezus, mythen en voorlichting (slot)

In de voorgaande stukjes heb ik betoogd dat Jezusmythicistische ideeën zich kunnen verspreiden doordat er online weinig actuele en wel veel verouderde informatie is te vinden, doordat het prestige van de universiteiten aan slijtage onderhavig is en doordat het de geesteswetenschappen aan strategie ontbreekt om het publiek te bereiken.

Het moge na het voorgaande duidelijk zijn dat we, als we willen dat oudheidkundige kennis het grote publiek bereikt, onze informatie op drie niveaus moeten aanbieden. Het eerste is dat van de feiten: het aanbod moet breder, het moet actueler en het moet online. Dit wil niet zeggen dat er geen markt meer is voor boeken en tijdschriften, maar ik vermoed dat die zullen moeten veranderen – ik heb al eerder uitgelegd hoe zij kunnen overleven in een tijd waarin mensen voor feitelijke informatie naar het internet gaan.

Zeker als het gaat om vertalingen, is er een wereld te winnen en ik denk al een tijdje aan een online-editie van Caesars Gallische Oorlog, leesbaar in het Latijn en Nederlands, geïllustreerd, geannoteerd zoals we van de Landmark-reeks of het Jewish Annotated New Testament hebben mogen leren verwachten, en met een mogelijkheid persoonlijke notities te maken en te delen. Dit is een uitvoerbaar project dat kan dienen als voorbeeld van toekomstige vertalingen. Daarnaast zou ik hopen op een encyclopedische website, waar mensen niet alleen actuele informatie kunnen vinden over de grote oudheidkundige onderwerpen, maar ook contact kunnen leggen met onderzoekers die zich met zo’n onderwerp bezighouden en het de informatie actueel houden.

Tot elke prijs dient het tweede niveau, dat van de methode, te worden ontsloten. De verspreiding van het Jezusmythicisme bewijst hoe belangrijk dit is. Tot slot is een backoffice nodig waar resterende vragen kunnen worden beantwoord. Als mijn eigen ervaring representatief is, zal een voorlichter aan elk van de genoemde drie niveaus ongeveer een derde van zijn tijd kwijt zijn.

- advertentie -

KNAW

KNAW

Ik ben me ervan bewust dat de hier geopperde grotere betrokkenheid van de universiteit bij de voorlichting dan nu het geval is, de trekken heeft van een utopie, en ik hoor in gedachten al mensen zeggen “dream on, dat zal nooit gebeuren”. Ik denk dat het dichterbij is dan we denken.

De overdracht van informatie aan de samenleving is de universiteiten namelijk in de wet opgedragen (WHW art. 1.3.1-2: “In elk geval dragen de universiteiten kennis over ten behoeve van de maatschappij.”). Er wordt geld voor beschikbaar gesteld in de eerste geldstroom en bovendien staat voorlichting vermeld in de functieomschrijving van universitair docenten. Het schijnt dat de KNAW (in het kader van de valorisatie) momenteel kwaliteitscriteria voor voorlichting aan het opstellen is en ik hoop dat dit een prikkel zal zijn om de oudheidkundige voorlichting te laten meegroeien met uw opleidingsniveau.

Het laatste exemplaar van de eerste druk wordt overhandigd (Foto Pieter Stroobach)

Het laatste exemplaar van de eerste druk wordt overhandigd (Foto Pieter Stroobach)

Dat is ook in het belang van de universiteiten, aangezien een vakgebied zonder draagvlak kansloos is bij een bezuinigingsronde. Ik ben bijvoorbeeld weinig optimistisch over de Amsterdamse faculteit Geesteswetenschappen die momenteel, geconfronteerd met een grote bezuinigingsronde, nauwelijks bijval krijgt van maatschappelijke organisaties. Zoals ik al eerder schreef op deze kleine blog, zou ik ook niet goed weten wat we het publiek kunnen tonen om claims van het belang van de geesteswetenschappen te illustreren. Zoals het nu gaat zullen de humaniora, onbekend en onbemind, dezelfde weg opgaan als de agogiek in de jaren negentig – lachwekkend, onbegrepen, opgeheven.

Onze letterenfaculteiten hebben het moeilijk en ik zal niet ontkennen dat er heel, heel vreemde dingen gebeuren. Ik denk echter dat het nog altijd niet te laat is om te investeren in voorlichting, om begrip en draagvlak terug te krijgen, om kwakgeschiedenis te bestrijden en een toekomst te herwinnen voor een fantastische discipline.

Dit was ruwweg wat ik zondag 23 november in het Rijksmuseum van Oudheden vertelde toen daar mijn boek Israël verdeeld ten doop werd gehouden.

~ Jona Lendering

Jona Lendering is historicus, webmaster van Livius.org en docent bij Livius Onderwijs. Hij publiceerde verschillende boeken en is redacteur van Ancient History Magazine. Zie ook zijn blog: mainzerbeobachter.com

Spraakverwarring
Ik legde eerder uit dat slechte informatie zich kan verspreiden doordat deze…
De Confirmandis van Nicolas Jarry 1653, 10C15
Zo omschreef Gerrit Noordzij onlangs in een ingezonden brief aan Trouw een…

- advertentie-


Historiek heeft een gratis mobiele app



Geschiedenis zoeken


Gerelateerde uitgaven:



Yuri Visser

About Yuri Visser

view all posts

Yuri Visser (1979) is de oprichter van Historiek. Vanuit Ermelo - waar hij samen met zijn partner en dochter van 4 woont - voert hij redactie over het platform (en de aanverwante projecten). Email: yurivisser@gmail.com | Twitter: yvisser



Download onze gratis app voor smartphone en tablet!

Historiek heeft een mobiele app, zowel beschikbaar voor Android als voor iPhone en iPad. Via de geschiedenis-app blijft u altijd op de hoogte van onze laatste berichten. Ook boekbesprekingen, blogs en onze historische achtergrondverhalen zijn via de app te lezen. Alle berichten die online staan, staan ook in de app. De geschiedenis-app wordt voortdurend uitgebreid en is natuurlijk helemaal gratis. Geschiedenis in de broekzak!

Download de app via de volgende links: