Henk Vredeling was wel erg openhartig en dwars

/
5 minuten leestijd
Minister Henk Vredeling tijdens een debat in de Tweede Kamer, 20 januari 1976
Minister Henk Vredeling tijdens een debat in de Tweede Kamer, 20 januari 1976 (CC0 - Rob Mieremet / Anefo)

Het kabinet-Den Uyl (1973-1977) telde diverse opmerkelijke bewindslieden. Vicepremier Dries van Agt (KVP) bijvoorbeeld, die premier ‘ome Joop’ voortdurend een hak probeerde te zetten, iedereen tot wanhoop dreef met zijn archaïsche taalgebruik en zich af en toe ziek meldde om wielerwedstrijden te kunnen bezoeken. Of Hans Gruijters (D66), de minister van Volkshuisvesting, die tijdens het kabinetsberaad liever een goed boek las. Toen Den Uyl hem ter verantwoording riep omdat hij niet oplette, zei hij: ‘Anders dan u, voorzitter, kan ik wel twee dingen tegelijk. Ik lees met mijn ogen en ik luister met mijn oren.’

Ook Jan Schaefer, een van de staatssecretarissen van Volkshuisvesting, was wat de Engelsen een ‘character’ noemen. De PvdA’er kleedde zich volks en praatte ook zo. Legendarisch is zijn uitspraak: ‘In gelul kun je niet wonen.’ En zo waren er meer.

Henk Verdeling
Henk Verdeling (cc0 – Fotograaf Onbekend / Anefo)
Maar de meest kleurrijke figuur was toch wel defensieminister Henk Vredeling. Zijn woorden waren vaak zo openhartig en dwars dat het een raadsel is hoe hij zich ooit als minister heeft kunnen handhaven. Niettemin werd hij later nog Europees Commissaris, een functie waarin hij eveneens opviel door ongepast gedrag. De consumptie van grote hoeveelheden alcohol speelde daarbij een belangrijke rol, net als dat trouwens het geval was geweest tijdens zijn ministerschap.

Gereformeerd milieu

Vredeling werd in 1924 geboren in Amersfoort. Hij kwam uit een gereformeerd milieu, maar maakte zich al op jonge leeftijd los van de kerk. Wel was hij ook op latere leeftijd nog uitstekend in staat uit de Schrift te citeren, net als Den Uyl overigens, die een soortgelijke achtergrond had.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Vredeling betrokken bij het verzet. Later studeerde hij aan de Landbouwhogeschool in Wageningen. Hij werkte vervolgens onder meer bij de (niet meer bestaande) Algemene Nederlandse Agrarische Bedrijfsbond, een werknemersorganisatie in de landbouw. In 1956 kwam hij voor de PvdA in de Tweede Kamer, waarin hij tot 1973 zitting had.

In het schaduwkabinet van PvdA, D66 en PPR was hij minister van Landbouw geweest, maar bij de vorming van het kabinet-Den Uyl kreeg hij Defensie. Niet tot zijn genoegen, want hij wist naar eigen zeggen niets af van dit beleidsterrein en had ‘een hekel aan uniformen’. Toch deed hij zijn best er iets van te maken. Tijdens de Jom Kipoeroorlog van 1973, voorzag hij – pro-Joods als hij was – Israël van wapens, zonder dat hij premier Den Uyl daarvan (formeel) op de hoogte stelde.

Veel aandacht trok een interview met hem in Vrij Nederland van augustus 1974. Heel wat kopstukken met wie hij als minister te maken had, kregen daarin een veeg uit de pan. Joseph Luns, in die tijd secretaris-generaal van de NAVO, uiteraard:

‘Die man irriteert mij zo geweldig. Als ik de vent nog één keer voor m’n voeten krijg, schop ik hem de goal in. Hij praat naar dat-ie verstand heeft en dat is niet veel.’

Maar niet alleen politieke tegenstanders moesten het ontgelden, ook partijgenoten. Zoals minister voor Ontwikkelingssamenwerking Jan Pronk. Die zette hij neer als ‘een elitedenker’ en ‘een Corps-pik’. Of minister Max van der Stoel van Buitenlandse Zaken ‘met z’n bekkie’. Zelfs Den Uyl ontsnapte niet aan de toorn van Vredeling.

‘De PvdA is zo nationalistisch als de pest. Joop den Uyl is de grootste nationalist die er bestaat. Dat heb ik hem recht in zijn smoel gezegd, in een ministerraadsvergadering.’

Bericht over Henk Vredeling in de  Leeuwarder courant van 4 juni 1975
Bericht over Henk Vredeling in de
Leeuwarder courant van 4 juni 1975 (Delpher)
Vredeling – die voor zover bekend niks had gedronken voorafgaande aan deze gepeperde uitlatingen – had zelf ook wel door dat hij er niet verstandig aan deed zo hard naar iedereen uit te halen. ‘Ik heb het gevoel dat ik moet aftreden na dit interview.’ Maar dat gebeurde niet. PvdA-fractievoorzitter Ed van Thijn liet wel enig ongenoegen blijken, maar verder ging hij niet. ‘Elk vogeltje zingt zoals het gebekt is,’ concludeerde hij mild. Van oppositiepartij VVD had Vredeling ook niet echt last, want fractieleider Hans Wiegel bevond zich in Zuid-Afrika.

Het jaar erop schafte het ministerie van Defensie het gevechtsvliegtuig F16 aan, als vervanger van de Starfighter. De PvdA-leden hadden in meerderheid grote bezwaren en maakten zich op die tijdens een partijcongres te uiten, maar dat kon Vredeling niet verontrusten. ‘Congressen kopen geen straaljagers’, verklaarde hij resoluut.

Wroeging

Minister Vredeling tijdens een debat over de F-16 in de Tweede Kamer
Minister Vredeling tijdens een debat over de F-16 in de Tweede Kamer (CC0 – Anefo – wiki)
Toch kreeg de minister later kennelijk last van wroeging, want toen het contract voor de aanschaf van het gevechtsvliegtuig moest worden ondertekend, bleek hij spoorloos. In gezelschap van onder meer een ANP-journalist verbleef hij – zo werd later duidelijk – in Leiden, waar hij tot zeer laat in de nacht diverse kroegen bezocht. Het F16-contract tekende hij uiteindelijk in het gebouw van het ANP, naar verluidt met een zonnebril op om de sporen van zijn alcoholmisbuik te maskeren.

Kort voor het kabinet-Den Uyl ten val kwam, slaagde Vredeling erin het Haagse ministerie van Defensie te verruilen voor de post van Europees Commissaris. Helemaal onbekend was hij in het EU-circuit niet. Van 1958 tot 1973 had hij niet alleen in de Kamer gezeten, maar was hij ook lid geweest van het Europees Parlement. Destijds was dat een dubbelfunctie. Vredeling kreeg als eurocommissaris de portefeuille sociale zaken en werkgelegenheid, hoewel hij ook deze keer liever landbouw had gehad.

Spiegelruit

Echt legendarisch is hij in deze baan niet geworden, maar één anekdote zal waarschijnlijk nog heel lang doorverteld worden. In 1979 gooide hij in een restaurant in Straatsburg een (lege) whiskyfles (volgens sommigen een asbak) door een spiegelruit van 25.000 gulden. Dat zou gebeurd zijn tijdens een vermoedelijk niet al te ontspannen discussie met CDA-Europarlementariër Jim Janssen van Raaij.

Vredeling bleef tot 1981 lid van de Europese Commissie. Daarna had hij nog enkele adviesfuncties. In het weekblad Haagse Post keek hij in 1985 terug op de Lockheedaffaire uit 1976, toen hij dus zelf minister was. In het vraaggesprek betitelde hij prins Bernhard als ‘een typische mof’ en ‘uniformgeil’, terwijl hij toenmalig koningin Juliana als ‘moe’ aanduidde. Zichzelf spaarde hij ook niet: hij was een ‘gefrustreerd konijn’.

Het gefrustreerde konijn overleed in 2007 op 82-jarige leeftijd.

~ Fons Kockelmans

Vorige verhaal

Reinier Pauw, een invloedrijke Amsterdamse regent

Volgende verhaal

Albert Schweitzer (1875-1965) – Medicus, filosoof en theoloog

×