Jean Capart (1877-1947) – Grondlegger van de Belgische egyptologie

Jean Capart, de man wiens naam inmiddels bij velen in de vergetelheid is geraakt, kan terecht beschouwd worden als één van de grootste Belgische egyptologen van de twintigste eeuw. Zijn passie voor de vroeg Egyptische cultuur en samenleving die hij aan het grote publiek wou doorgeven, leverden hem de toepasselijke bijnaam op van de ‘Belgische Champollion’1. Het relaas en portret van een bijzonder man:

Hoe het allemaal begon

Jean Capart (Publiek Domein – wiki)
Jean Capart (Publiek Domein – wiki)
Jean François Désiré Capart, zoals zijn naam voluit luidde, werd op 21 februari 1877 te Brussel geboren. In 1898 behaalde hij met een proefschrift over strafrecht in het Oude Egypte zijn diploma van doctor in de rechten. De vroeg Egyptische cultuur bleef hem echter in grote mate intrigeren en hij besloot om zich onder meer aan de universiteiten van Parijs en Londen verder te specialiseren in de egyptologie.

De doorbraak

Op verzoek van de Egyptische Oudheidkundige Dienst gaf Capart in Parijs als gastspreker een lezing tijdens een internationaal symposium over het Oude Egypte waardoor hij al snel een grote naamsbekendheid verwierf. In 1900 werd hij aangesteld als adjunct-conservator van het Koninklijk Museum voor Kunst en Geschiedenis (KMKG) te Brussel. Korte tijd nadien begon hij met de financiële steun van de Belgische industrieel Edouard Empain ten zuiden van Cairo, op de necropool van Saqqara, aan zijn eerste archeologische opgravingen in Egypte.

In de daarop volgende jaren bouwde Capart aan verschillende universiteiten een carrière uit als docent egyptologie. In 1925 werd hij benoemd tot hoofdconservator van het KMKG en in de jaren dertig van het interbellum was hij als medewerker verbonden aan het departement egyptologie van het Brooklyn Museum in New-York.

Een historische belevenis

Capart had al enkele expedities en opgravingen in Egypte op zijn naam staan toen hij op uitnodiging van Howard Carter en Lord Carnarvon in februari 1923, vergezeld van koningin Elisabeth van België en kroonprins Leopold, in de Vallei der Koningen getuige was van de opening van de nog ongeschonden grafkamer van Toetanchamon. Die ervaring liet op de koningin een diepe indruk na en mondde bij terugkeer in België uit in de oprichting van de ‘Egyptologische Stichting Koningin Elisabeth’ waarvan Capart de eerste directeur werd. De Stichting, intussen omgedoopt tot ‘Egyptologisch Genootschap Koningin Elisabeth’, beschikt over één van ‘s werelds grootste bibliotheken over egyptologie en steunt nog steeds archeologisch onderzoekswerk in Egypte.

Een greep uit Jean Capart’s opgravingen

Bij opgravingen in Tell Héou (Midden-Egypte) stuitte Capart op een ondergrondse necropool en legde hij de resten bloot van een klein tempelcomplex gewijd aan Thot, de godheid die in het pantheon van de Egyptische goden de wijsheid symboliseerde en volgens de Oude Egyptenaren bij het dodenoordeel door de godin Ma’at de levenswandel van de overledenen noteerde om hun ziel, indien goed bevonden, nadien naar Osiris de god van de onderwereld te begeleiden.

In 1937 startte Jean Capart ten zuiden van Luxor met opgravingen in El-Kab, een op dat ogenblik nog vrijwel grotendeels onontgonnen archeologische site die reeds in het begin van de predynastieke periode van het Oude Egypte onder bescherming stond van de giergodin Nekhbet. De locatie geniet vandaag de dag nog altijd een groot archeologisch en historisch belang, omdat ze tot aan de Griekse en latere Romeinse overheersing werd bewoond waardoor de talrijke opgegraven gebruiksvoorwerpen en blootgelegde tempelrestanten uit die verschillende tijdsperiodes een goed beeld weergeven van de vroegere Egyptische samenleving.

Internationale erkenning

Ondertussen was Jean Capart’s faam als egyptoloog uitgedijd tot ver buiten de landsgrenzen. Het aantal binnen- en buitenlandse onderscheidingen en titels die hem te beurt vielen zijn nauwelijks op te sommen. Naast ‘Grootofficier in de Belgische Kroonorde’ en ‘Commandeur in de Leopoldsorde’ werd hij ook geridderd als ‘Grootofficier in de Orde van Oranje-Nassau’ en verkreeg hij de hoogst mogelijke Egyptische onderscheiding van ‘Grootofficier in de Orde van de Nijl’.

Een inspiratie voor striptekenaars

Kuifje - De Zonnetempel
Kuifje – De Zonnetempel
Capart’s rijzige gestalte en imposante lange zwarte baard inspireerden tekenaar Edgar P. Jacobs, bekend van de stripreeks “Blake en Mortimer”, om model te staan voor de figuur van doctor Grossgrabenstein in het album “Het Mysterie van de Grote Piramide”. Ook Hergé, de geestelijke vader van Kuifje, gebruikte Capart’s uiterlijk als inspiratiebron voor het personage van professor Hippolytus Bergamot in zijn albums “De zeven Kristallen Bollen” en “De Zonnetempel”.

Een speciaal maar passend eerbetoon

Jean Capart kwam op 16 juni 1947 op zeventigjarige leeftijd onverwachts aan de gevolgen van een operatie in een Brussels ziekenhuis te overlijden. Naar aanleiding van de vijftigste herdenkingsdatum van zijn dood werd op 16 juni 1997 in een park te Sint-Pieters-Woluwe, de Brusselse gemeente waar hij lange tijd woonachtig was, een witstenen piramide onthuld waar in een nis bovenaan een bronzen bas-reliëf met de beeltenis van de egyptoloog prijkt. De bronzen plaquette is de creatie van de Italiaanse beeldhouwer Michael Montana.

~ Rudi Schrever
Brusselse stadsgids | Rondleidingen op aanvraag | rudi.schrever@skynet.be

Overzicht van Boeken over Egypte en de oude Egyptenaren

1 – Jean-François Champollion (1790-1832) was een getalenteerde Franse taalkundige die aan de hand van de Steen van Rosetta het Egyptisch hiërogliefenschrift wist te ontcijferen hetgeen in de eerste helft van de negentiende eeuw de doorbraak inluidde van de kennis over het Oude Egypte.

Bekijk ook onze uitgebreide onderwerpenlijst of het personenregister

De klassieke wereld in 52 ontdekkingen - Leonard RutgersDe jodenvervolging in foto'sDe keuze - Leven in vrijheidDe Bourgondiërs - Bart Van LooDe geschiedenis van Nederland in 100 oude kaarten
Gelijk naar geschiedenisboeken over: